Asiel en migratie

Francken staat voor lastige strijd tussen willen en kunnen

Staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken waarschuwt voor een nieuwe asielcrisis. De instroom wordt groter en de uitstroom van uitgewezen asielzoekers krijgt hij niet onder controle. Je kunt een asielbeleid beoordelen op korte termijn (maand, halfjaar), of je kunt het op langere termijn en structureel proberen bijsturen. Dat eerste is wat N-VA’er Francken met veel goede wil, maar met een twijfelachtig resultaat, probeert te doen (zie elders op deze bladzijde). Het tweede lijkt al helemaal een “berg in de weg”,  waar Francken moeilijk overheen zal geraken.

De 28 lidstaten van de Europese Unie hebben een voorlopig akkoord bereikt over hoe ze in twee jaar tijd 54.760 vluchtelingen zullen opvangen: 32.256 bootvluchtelingen aangekomen in Italië of Griekenland en 20.504 vluchtelingen uit kampen in en rond Syrië. Dat is zo’n 5.000, of tien procent, minder dan vooropgesteld.

België neemt er 2.464 voor zijn rekening. Dat is meer dan billijk. Vooral Centraal- en Oost-Europese landen (Polen, de Baltische staten, Hongarije), maar ook Oostenrijk, Spanje, Denemarken en Groot-Brittannië nemen er nauwelijks of geen. Van bindende quota of “verplichte solidariteit” is in Europa geen sprake meer.

Francken had vorige week wel de moed om duidelijk te maken dat veel mensen uit zwart Afrika niet echt vluchtelingen zijn, maar eigenlijk “economische migranten”. Als de beslissing in hun dossier negatief uitvalt, moeten ze teruggestuurd worden.

Voorts zei hij dat kritiek op dat zogezegd “kleine” aantal opnames totaal naast de kwestie is. Asielzoekers zijn immers maar een topje van de ijsberg van de migratie.

Asielcijfers

“Nog meer asielzoekers kunnen we echt niet aan”, zei Francken vorige week in Het Nieuwsblad. In juli alleen al waren er in dit land 2.400 nieuwe asielaanvragen, bijna dubbel zoveel als vorig jaar. Op jaarbasis dreigt een scenario dat in de buurt komt van de cijfers van 2011, toen van een “asielcrisis” werd gesproken. Na de piek van 2011 (25.479 aanvragen) was er een daling tot 21.463 in 2012, 15.840 in 2013 en 17.213 vorig jaar, leren ons de cijfers van de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) en het Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen. De bezettingsgraad in de opvangcentra bedraagt nu al 88 procent en neemt nog elke week toe.

Francken wordt geconfronteerd met de wereldwijde vluchtelingencrisis. Bovendien komen de meeste aanvragen nu ook uit conflictgebieden als Syrië, Afghanistan, Somalië en Irak. Bijna 60 procent van de asielaanvragers krijgt een positief antwoord. Enkele jaren geleden was dat maar 20 procent, omdat meer aanvragers uit de Balkan kwamen.

Migratiecijfers

Een nog groter probleem is het migratieprobleem. Volgens Francken (in Humo vorige week) zouden er vorig jaar in dit land 122.000 nieuwe inwoners bij zijn gekomen. Even nuanceren toch… Wat van belang is voor het inschatten van de migratiedruk is natuurlijk het migratiesaldo. Uit de publicatie ‘Internationale migraties en migranten in Vlaanderen’ (SVR-Studie 2014/01) leren we dat 2012 werd afgerond met een migratiesaldo van 44.365 in België, waarvan 16.854 in Vlaanderen. Dat was een daling sinds 2010.

Francken maakte nog een foutje. Hij schatte het aandeel immigranten uit de EU op 40 tot 50 procent, en (gecorrigeerd door Humo) uiteindelijk op 60 procent. Het zijn er nog iets meer. Met die vraag wou Humo de toevloed van migranten relativeren.

Maar goed, ook met die nuances is de migratie problematisch. Om het even concreet te maken: het gaat om een stevig dorp nieuwkomers per provincie per jaar. Natuurlijk vestigen de meesten zich in onze steden, wat het migratieprobleem in die biotoop concentreert en dus vergroot. Dat zet een stevige druk op het sociale weefsel (alle voorzieningen, van de kinderbijslagen over werkloosheid en ziekte tot het pensioen), op het onderwijs (taal), op het samenleven (vervreemding), op huisvesting, op de culturele identiteit en dergelijke.

Vlaanderen telt 467.000 vreemdelingen, of 7,3 procent van alle inwoners van het gewest. Daarnaast zijn er 617.000 immigranten (in het buitenland geboren en naar België geïmmigreerd), of 9,7 procent van de bevolking. In Wallonië en vooral in Brussel liggen die cijfers nog een pak hoger. Dat zijn vast niet allemaal mensen op de sukkel, in geen geval. Maar dat verhoogt de druk.

Als Francken zich daarom bekommert, zegt hij niet meer dan Jozef de Witte, de directeur van het Belgisch Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding, die al in 2011 zei (ook al met een eenzijdige focus op immigratie): “Het drama is dat er zoveel wordt gefocust op het asielbeleid, zowel door de media als door politici, terwijl het migratiebeleid veel meer is dan dat. In 2011 kwamen er 138.000 migranten naar België, het aantal asielzoekers verzinkt daarbij in het niets.”

Francken weet ook dat een meerderheid van de Vlamingen, en van de Vlaamse kiezers, kritischer staat tegenover een te grote instroom van nieuwkomers. Dat blijkt uit een migratiemonitor van HIVA (2014), dat de houding van de Vlaming over migranten onderzocht voor de periode 1998-2012.

Besluit

Francken heeft pech te moeten besturen op een moment dat we de grootste vluchtelingencrisis sinds de Tweede Wereldoorlog beleven.

Hij is één van de N-VA’ers die electoraal ongetwijfeld nogal wat kiezers van het Vlaams Belang kon aanspreken. “Die kiezers zijn tevreden dat er eindelijk verandering komt op Migratie. Maar daarom ga ik niet mee in het platte discours van Filip Dewinter. Ik pas voor racistische praat”, zei hij vorige week in Humo. Dewinter reageerde scherp: “Die opvang van 2.464 extra immigranten is een hold-up op onze sociale zekerheid en zet een verwoestende druk op onze sociale zekerheid. Francken zou beter het voorbeeld van Oostenrijk en Hongarije volgen en het Europese plan naar de prullenmand verwijzen… Bijkomende opvang lijkt heel menselijk, maar het perverse gevolg ervan is dat nog meer illegalen in gammele bootjes stappen en er nog meer slachtoffers zullen vallen. Een beter alternatief is de vluchtelingen op te vangen in veilige havens in eigen regio”, schreef hij in een persbericht. Makkelijker gezegd dan gedaan, maar op zijn minst een element in het debat.

Die 2.500 vluchtelingen zullen dit land niet uit z’n lood slaan (islamradicalisme laten we hier even buiten beschouwing). Evenmin zullen ze de N-VA pijn doen, en Francken nog minder, ten minste als partij en sterkhouder een blijvende inspanning doen om – met de middelen die er zijn – de hypermigratie te bekampen. Open grenzen en sociale zekerheid, dat is een fragiele en utopische combinatie. Op lange termijn moet die breken.

Volgens Humo zou bijna de helft van de asielzoekers “na verloop van tijd” werk vinden. Francken zette hier wel het puntje op de i. “Na tien jaar kom je aan 40 procent die werken.” Humo noemde dat nog even “een investering op lange termijn”, maar Francken liet zich niet inpakken: “Onze rekening moet elk jaar kloppen. En als we grenzen openzetten, krijgen we een massale instroom.”

Mogen we Francken nog eens herinneren aan het regionale aspect van de migratieproblematiek? De migratiekost wordt fiscaal en via de sociale zekerheid verhaald op de hele gemeenschap. Die van Wallonië en vooral van Brussel, met nog meer migratie dan in Vlaanderen, dus ook.


De bril van de migrant

Francken probeert te werken aan het asielprobleem (zie kader), maar een grotere uitdaging is de migratie onder controle te krijgen.

Het migratiedebat wordt vervuild door racistische slogans, maar evenzeer door het sociaal-utopische taaltje van de in dit land erg sterke migratielobby. Hiertoe rekenen we onder meer de Migratiecoalitie, een samenwerkingsverband van 11.11.11, Vluchtelingenwerk Vlaanderen, Minderhedenforum, Kerkwerk Multicultureel Samenleven, en Netwerk tegen Armoede en Samenlevingsopbouw. Volgens Francken (in Humo vorige week) verdienen die mensen “een standbeeld”. Dat klinkt nogal religieus…

Binnen die organisaties werkt – met flinke overheidssteun – een massa armoedebestrijders, asiel- en migrantenwerkers en ontwikkelingssamenwerkers, die de migratie het liefst bekijken “door de bril van migranten”. Een stevige progressieve lobby met al even stevige banden met de media. Die vindt dat België zowel als Europa inzake asiel en migratie te eenzijdig focust “op binnenlandse belangen en op grensbewaking”, lezen we in een recent gepubliceerd rapport van de Migratiecoalitie (‘Het migratiebeleid doorgelicht’).

Dat rapport evalueerde het migratiebeleid van de regering-Di Rupo, met Maggie de Block als staatssecretaris voor Asiel en Migratie. Die regering krijgt kritiek omdat ze te zeer focuste op het onder controle krijgen van de migratiestromen onder andere met een stevig terugkeerbeleid (‘Vrijwillig als het kan, gedwongen als het moet’). “Achter coherentie die enkel gericht is op terugkeer en vermindering van migratie, kunnen wij niet staan. Migranten moeten de kans krijgen om op legale wijze naar Europa te komen”, aldus de Migratiecoalitie.

Die migratielobby is “utopisch”, omdat ze in een wat wereldvreemd optimisme kakelt over migranten die komen om “deel te nemen aan onze economie en bij te dragen aan onze socia¬le zekerheid”…, of over “de kansen die migratie biedt”. Ongenuanceerd wordt de verantwoordelijkheid van het drama van de bootmigranten in westerse schoenen geschoven. In een vlaag van politieke correctheid wordt het woord ‘illegaal’ – wegens “te criminaliserend” – maar beter vervangen door de omschrijving ‘personen zonder wettig verblijf’. Mensen kunnen immers niet ‘illegaal’ zijn.

Als Francken asiel en migratie structureel wil aanpakken, weet hij waaraan hij zich de komende jaren mag verwachten en vanwaar de oppositie zal komen. Dan zwijgen we nog over de politieke arm van die “coalitie”; heel het spectrum van groene en socialistische partijen en aanverwante organisaties.

Veel zal afhangen van de Europese context. Het progressieve migratiedenken komt in almaar meer landen onder druk te staan.

Een klein sprankeltje hoop mag Francken hebben dat een deel van de migratielobby kiest voor meer realiteitszin, en kiest voor het inzicht dat ongecontroleerde migratie niet wenselijk is. “Een samenleving heeft het recht om ervoor te zorgen dat haar sociale zekerheid niet implodeert… Niemand kan zeggen dat een individu dat hier al is, geen gebruik mag maken van sociale voorzieningen. Maar we kunnen wel zeggen wie er mag zijn en wie niet.” Een uitspraak níét van Theo Francken, maar van Bob Pleysier, ex-directeur van Fedasil en voormalig adviseur van Maggie de Block.


Wat Francken wél kan

Dat Theo Francken te kampen heeft met factoren die hij niet in de hand heeft (de recente vluchtenlingencrisis), betekent niet dat hij het probleem van asiel en migratie niet wil aanpakken waar hij kan. Met wisselend succes.

Gedwongen repatriëring

De publieke opinie volgt zeker zijn daadkracht om (criminele) illegalen uit te wijzen. In 2013 kregen meer dan 7.000 criminele illegalen het bevel België te verlaten. Francken wil dat cijfer fors opkrikken en toont zich in dat dossier behoorlijk assertief: “In de gevangenis van Antwerpen heeft 43 procent geen verblijfsvergunning. 43 procent! Ik ga voor de mooie ogen van enkele ngo’s de waarheid niet onder de mat vegen”, klinkt het fel in Humo. Hij toont zich tot dusver daadkrachtiger dan zijn voorganger, De Block. “Het zijn er, in zes maanden tijd, al dubbel zoveel als in 2014…” Tot half juli waren er dit jaar al 733 criminele illegalen daadwerkelijk uitgewezen. Dat is meer dan in het hele jaar voordien. “Wij hebben de capaciteit om jaarlijks vier- à vijfduizend mensen gedwongen te repatriëren”, aldus Francken in Gazet van Antwerpen eerder deze maand.

Repatriëring

Francken botst ook op een Europese muur, zoals onlangs over het Europese onvermogen om readmissieakkoorden af te dwingen van (circa zeventien) landen die geen repatriëring van eigen onderdanen willen. Het is geen geheim dat Francken dan denkt aan Marokko, Algerije en Tunesië. “Als Europa niet beweegt, zal ons land dat op eigen houtje doen”, zei Francken. Stoer, dat wel, maar we zijn benieuwd…

Vrijwillig vertrek

In 2014 kregen 45.000 mensen het bevel om het grondgebied te verlaten. Slechts een tiende daarvan deed dat ook. Dat resultaat valt tegen, vooral omdat Francken nog niet zo lang geleden vanuit de oppositie de zwakte van het terugkeerbeleid van zijn voorganger Maggie de Block (Open Vld) aanklaagde. “95 procent van zij die moeten terugkeren, blijven hier”, klonk het vóór de verkiezingen. Maar nu zelf beter doen wordt moeilijk. De vrijwillige terugkeer is in het eerste halfjaar zelfs gekrompen (1.803 in de eerste helft van 2014, 1.419 in eerste helft van dit jaar). In steden die willen meewerken (Antwerpen, Aalst) zouden er nu terugkeerloketten komen. “Andere steden kunnen aansluiten, maar we openen geen loketten in gemeenten die niet willen meewerken. Dat heeft geen enkele zin”, zegt Francken. Benieuwd wat die benadering zal opleveren in Gent (Termont), Mechelen (Somers), Oostende (Vande Lanotte) of Hasselt (Claes), om maar die te noemen.

Opvang

Francken wil op korte termijn 2.200 bufferplaatsen openstellen en hij vroeg de federale -regering om extra werkingsbudget. Om de winter te overbruggen, houdt hij al ¬rekening met het openstellen van legerkazernes. Hopelijk heeft Francken geleerd uit de fouten van zijn voorgangers, die bv. de gemeente Helchteren, met 6.700 inwoners, ruim 550 asielzoekers toewezen. “Dat is natuurlijk veel te veel en het verstoort de normale sociale verhouding binnen zo’n gemeenschap”, aldus Indra Dewitte in Het Belang van Limburg.

Meervoudig asiel

Merkbare inspanningen waren er ook om het malafide meervoudig asiel verder in te dammen. “Humanitaire en medische regularisatie-aanvragen daalden fors”, stelt de N-VA op haar webstek. De ministerraad keurde vorige week een wetsontwerp goed om iets te doen aan de handige tactiek van asielzoekers om hier langer te kunnen blijven. De vorige regering deed al iets aan meervoudige aanvragen, Francken wil dat nu verder aanpakken door de procedures te beperken. Niets belette hen meerdere keren opeenvolgend een asielaanvraag in te dienen en zo de procedure te rekken.

Anja Pieters


Tags toegewezen aan dit artikel:
2015-31Anja Pieters

Gerelateerde artikels

Zuur & Zoet

Smal en hypocriet Jan Jambon kreeg de ondankbare taak het regeringsstandpunt te verkondigen over de absurde politiezones in Brussel: fusies

Buitenlands spervuur

Wat is Erdogans agenda? Tot nu toe had Turkije een officieus non-agressiepact met Islamitische Staat. Hoewel het Turkse leger grondtroepen