Rumes2“Handen af van Zwarte Piet”

Onze gast van deze week is al twintig jaar secretaris van het Sint-Nicolaasgenootschap Vlaanderen, met zetel in Sint-Niklaas.

Pallieterke: Raf, de stad waar jij woont, Sint-Niklaas, dankt zijn naam aan de heilige Nicolaas, die in onze gewesten sinds mensenheugenis bekendstaat als de grote kindervriend. Spreken die goedheiligman en zijn zwarte knecht met kroezelhaar en oorringen de kinderen van de 21ste eeuw nog wel aan?

Raf Rumes: “Absoluut! Als je daarvan overtuigd wilt geraken, ga dan tussen 12 november en 6 december maar eens naar het Huis van de Sint. Toen voorzitter Geert Vandenhende en ik daar tien jaar geleden mee begonnen, kwamen er al 10.000 kinderen op af en gestaag is dat aantal gestegen. In 2013 waren er al 37.000. Dit jaar zullen wij waarschijnlijk over de 200.000 gaan! Wij stellen het Huis van de Sint niet open vòòr 12 november, om Sint-Maarten niet voor de voeten te lopen, en niet nà 6 december, om de Kerstman niet te hinderen.”

Je noemt daar een ongelooflijk getal. Waar komen al die kinderen vandaan?

“Die komen uit heel Vlaanderen en ook uit Nederland. Vorig jaar werden in het Huis van de Sint 400 klassen rondgeleid door ongeveer 70 Zwarte Pieten (én Mieten!) die daar van ons een korte opleiding voor hebben gekregen. Die draaien drie weken mee in een ploegenstelsel en laten de kinderen heel het huis zien, tot de badkamers en de toiletten van de Sint en de Pieten toe. En je moest dan eens zien en horen hoe geestdriftig die door de kinderen verwelkomd worden. In die tien jaar is er over de Zwarte Pieten nooit één negatieve opmerking gemaakt!”

Door alle gedoe bij onze noorderburen over die altijd lachende zwarte knecht van de Sint, zou een mens nochtans denken dat het sinterklaasfeest ook bij ons veel aan populariteit heeft ingeboet.

“Maar wat lezen de mensen in de kranten? Daar wordt nooit in gerept over de ‘pietitie’ die in Nederland is opgezet en die door meer dan twee miljoen mensen is ondertekend.”

Bij de blijde intrede van de Sint en Piet hoort het zingen door de brave kindjes van typische liedjes. Kennen de peuters die liedjes van vroeger genoeg om dat aspect van het kinderfeest in ere te houden?

“Toch wel. In het Huis van de Sint beginnen de kinderen heel spontaan “Zie ginds komt de stoomboot” en “Daar wordt aan de deur geklopt” te zingen. Díé liedjes kennen ze nog.”

Een veel gehoorde klacht in verband met Sinterklaas, is dat de goedheiligman eigenlijk veel te vroeg uit Spanje komt en volgens sommigen elk jaar vroeger. Is het Sint-Nicolaasgenootschap het daarmee eens?

“Daar vechten wij al jaren tegen. Je zal dat niet helemaal kunnen uitsluiten, maar er begint stilaan een kentering te komen. Wij voeren gesprekken daarover met het Koopcentrum en daar reageren ze positief. We staan ook op goeie voet met de winkeliers van de Stationsstraat en met de mensen van ACHA (Actie Comité Handel en Ambachten) en proberen in overleg alles in goede banen te leiden.”

Wat vind jij van de soms gehoorde kritiek dat door kleine kinderen te laten geloven in Sinterklaas, die kinderen zich, wanneer ze tot de jaren van verstand zullen zijn gekomen, door de volwassenen bedrogen kunnen voelen?

“Als je dat bedrog vindt, dan moet je ook geen fabels meer vertellen of voorlezen. Dat is niet de kinderen iets wijsmaken, maar hun fantasie aanscherpen. Meestal zijn zij inderdaad ontgoocheld als zij het weten, maar tegenover hun jongere broertjes of zusjes spelen zij toch zelf het spelletje mee, door niks te verklappen.”

Voor een bepaald deel van de openbare mening in Nederland vertoon jij racistische neigingen, door per se de brave kindjes te willen blijven bang maken met een Zwarte Piet die gruwelijke herinneringen zou oproepen aan de slavenverkoop waar onze zwarte medemensen slachtoffers van waren. Waarom vind jij Zwarte Piet níét racistisch?

“Omdat Piet zwart ziet van de schouwen waar hij door moet. Nog nooit heb ik één kind horen reppen over racisme. De kinderen zouden niet zonder Zwarte Piet willen. Alleen zieke geesten willen dat racisme vinden. Ken je die legende van dat zwarte slaafje dat door de Sint was vrijgekocht en dat hem zijn leven lang is blijven vergezellen, niet als knecht, maar als helper van een Sint die op zijn oude dag best hulp kon gebruiken?”

Valt er in de veelgeprezen multiculturele maatschappij waarin wij leven, toch niet iets te zeggen voor de in het Noorden uitgevonden idee om de knecht van Sinterklaas van zijn etnisch kroezelhaar te ontdoen en hem, in plaats van in het zwart, op te tuigen in meer trendy kleurtjes, al was het maar om de niet-blanke medelanders niet voor het hoofd te stoten?

“Ik ben het daar niet mee eens. Aan traditie moet je niet morrelen. In Afrika zijn er veel zwarten die hun gezicht wit schilderen. Zijn dat dan ook racisten? Bij ons zijn er ook kleurlingen die Zwarte Piet willen spelen en die schminken zich ook en blijken daar geen enkel probleem mee te hebben. Heel die heisa is uitgevonden door een paar ziekelijke mensen. Ik weet echt niet wat ze daar storend in vinden. Zwarte Piet vervult een belangrijke rol, niet àchter maar nààst de Sint, die niet kan zonder Piet.”

Als je afgaat op wat de media vertellen, zou Zwarte Piet in Nederland in ’t geheel niet meer welkom zijn. Krijg jij, als secretaris van een genootschap dat betrokken partij is, ook die indruk? Of hoor jij uit het Noorden toch ook andere geluiden?

“De Nederlandse ‘pietitie’ is door twee miljoen pro’s onderschreven en het Nederlandse Sint-Nicolaasgenootschap, met 250 tot 300 leden, gaat ook niet akkoord met heel die heisa. Maar alleen negatievelingen halen de media, en zwaaien de plak, ook bij ons. Zwarte Piet kan verboden worden op openbare plaatsen, zoals in Amsterdam, maar al wat privé is, is onze zaak. Heel die opgeklopte beroering is politiek. Een stad als Amsterdam heeft veel allochtone kiezers en die zijn politiek van belang. De Nederlandse Pietenvereniging is in beroep gegaan, maar verder is er nog niemand opgestaan om tegengas te geven. Het mag toch wel heel positief genoemd worden dat in ons gastenboek boodschappen zijn achtergelaten, uiteraard in het Nederlands, maar ook in het Frans, het Engels, het Duits en het Portugees. Wij hebben zelfs bezoekers uit Bari over de vloer gekregen die hun verwondering over het magische Huis van de Sint vlotjes in het gastenboek hebben neergeschreven.

Al gedragen Zuid-Nederlanders zich tegenover de Sint en vooral tegenover zijn knecht heel wat realistischer en nuchterder dan bepaalde voorstanders van “roetpieten” in het Noorden, ook in Vlaanderen wordt er geprutst aan de Sinterklaastraditie. Bijvoorbeeld in Antwerpen, waar de heilige bisschop geen christelijk kruis meer mag dragen. Mag hij dat in zijn Waaslandse hoofdstad nog wel?

“Bij ons mag het wel, maar ook onder Freddy Willockx is voorgesteld de Sint zijn kruis af te nemen. Voor mij kan dat niet, want hij is bisschop en een bisschop draagt een kruis. Wij zijn wel geen religieuze vereniging, maar wij houden van onze Sint en wij verdedigen hem en zijn helper als dat nodig is.”

Mogen wij het Huis van de Sint bestempelen als een meerwaarde voor de hoofdstad van het Waasland?

“De Sint en zijn Pieten hebben in elk geval één en ander in beweging gebracht in deze stad. Verleden jaar heeft ereschepen Marc Huys hier het eerste Sinterklaasstripalbum getekend en geschreven, “De gestolen staf”. Hij is volop bezig aan een tweede album en zelfs al aan een derde. Ons genootschap zit intussen niet stil. Wij organiseren heuse cursussen voor mensen die goede sinten of goede pieten willen worden. Hebben zij zo’n cursus tot een goed einde gebracht, dan krijgen zij van ons een écht diploma. Wie lid van het Sint-Nicolaasgenootschap wil worden, betaalt daarvoor 15 euro als hij of zij ouder is dan 25 jaar en 10 euro als hij of zij jonger dan 25 is. Zij kunnen terecht op ons Sinterimbureau voor een lijst van gediplomeerde Sinten en Pieten. Wij onderhouden ook toffe contacten met het Centro Studi Nicolaiana in Bari, waar de Sint gewoond heeft voor hij naar Spanje ging, met de Association Connaissance et Renaissance de la Basilique de Saint-Nicolas de Port in Frankrijk en met het Saint Nicholascenter in de Verenigde Staten. Enzovoort, enzovoort.”

Een directe vraag: waarom moeten lezers van ’t Pallieterke nog in Sinterklaas geloven?

“Tot één van de doelstellingen van het Sint-Nicolaasgenootschap behoort: het kind-in-ons koesteren, om echte “gelovigen” van de Sint te blijven. De lezers van ’t Pallieterke, waartoe ik zelf al vele jaren behoor, moeten als Vlamingen hun tradities eren en hoog houden en mogen niet wijken voor allerlei afbraakacties.”

Taal naar ons hart, Raf. Hartelijk dank en wens Sint en Piet nog héél veel succes!

hvo