Twee maten en twee gewichten

Onmiddellijk na het overlijden vorige vrijdag van Doña Fabiola Fernanda María de las Victorias Antonia Adelaida de Mora y Aragón, koningin Fabiola dus, haastten de politici van de regeringen en de linkse oppositie zich om naast de culturo’s, de media en vele anderen hun medeleven te betuigen met de Belgische koninklijke familie.

In superlatieven werd teruggedacht aan de ‘grote dame’ en de rol die zij speelde aan de zijde van haar echtgenoot, koning Boudewijn. Nochtans werd in haast alle biografische teksten over haar zedig gezwegen over één bijzonder gegeven. Niet over hoe zij in haar laatste levensjaren de successierechten op haar vermogen voor haar nabestaanden wilde omzeilen, middels een speciaal in het leven geroepen Fonds Pereos. Neen, wat het daglicht niet meer mocht zien, was de zeer vriendschappelijke relatie die zij en Boudewijn onderhielden met Generalissimo Francisco Franco, die Spanje van 1936 tot 1975 met ijzeren hand leidde. Fabiola was er kind aan huis en dictator Franco was met zijn vrouw te gast op haar huwelijksfeest. Ze kreeg meermaals dure cadeaus en ze liet zich de aandacht die ze vanuit Spanje kreeg welgevallen. Tot aan de dood van Franco in 1975 waren zij en Boudewijn graag geziene gasten in Madrid.

Wanneer Vlaams-nationalisten een verjaardagsfeestje bijwonen van oud-senator Bob Maes, die zestien jaar was in 1940, en uit jeugdig idealisme lid werd van het VNV en de oorlogsjeugdbeweging, dàn is het kot te klein. Wanneer een N-VA-burgemeester een wetenschappelijk colloquium over de historische figuur Joris van Severen – die niet collaboreerde, de kant van de koning koos en zelfs goede banden had met vooraanstaande toppolitici in België – inleidt, huilt de linkerzijde alsof die burgemeester een misdadiger is. Wanneer een N-VA-minister de collaboratie veroordeelt, maar begrip kan opbrengen voor sommigen die erin stapten, dan wordt zijn ontslag geëist. Evenzo omdat hij twintig jaar geleden, als vrij burger, een spreekbeurt van Jean-Marie le Pen bijwoonde. Toen de Volksunie wetsvoorstellen indiende om tot algemene amnestie te komen en een spons over een donker en moeilijk verleden te vegen, werd dat voorstel onder druk van de PS van de agenda in de Kamer gehaald, omwille van ‘onbespreekbaar’. Toen het Vlaams Belang wetsvoorstellen indiende om tot algemene amnestie te komen, van hetzelfde.

Sommigen willen het verleden duidelijk blijven uitbuiten om politieke tegenstrevers te treffen. Maar als iemand van het establishment dat hen lief is, sterft, dan weegt men met twee maten en twee gewichten. Dan kijken diezelfde verontwaardigden merkwaardig genoeg de andere kant uit als het over de donkere schaduwzijde van het leven van de overledene dreigt te gaan. Nochtans zijn er zeker meer zwaarwichtige dingen te zeggen over generaal Franco dan over Bob Maes…

Als deze houding evenwel het begin zou zijn om het verleden eindelijk te laten rusten en voortaan naar de toekomst te kijken met argumenten van vandaag, zouden we daar begrip voor kunnen opbrengen. Maar we vrezen – helaas – dat het niet die kant op zal gaan. Tot slot, en voor alle duidelijkheid: bij het overlijden van een mens past enkel schroom en medeleven. Ook wij willen dat vandaag, met eerbied, opbrengen voor de rouwende familie, zelfs al zijn we het niet eens met de maatschappelijke en zelfs de politieke rol die zij in dit land vervult.