De verheugende mededeling kwam zaterdagnamiddag van burgemeester Bart de Wever in de Grote Leyszaal van het stadhuis: “Charlotte van Bourbon is terug in Antwerpen.” Daar waren tientallen aanwezig op een feestelijke ontvangst, na de onthulling van een grafsteen voor de prinses van Oranje in de kathedraal. Wie was Charlotte van Bourbon? Guido Naets, voorzitter van het Algemeen Nederlands Verbond Vlaanderen, vertelde het bij de onthulling. Hoe zijn voorganger, oud-ambassadeur Theo Lansloot, jaren geleden het ongelooflijke verhaal van Charlotte de Bourbon op het spoor kwam. “Een katholieke prinses, dochter van Lodewijk de Goede van Bourbon. Zij werd op haar dertiende abdis in een klooster te Jouarre bij Parijs, maar ze trad uit en ging in 1572 over tot het calvinisme. Ze vluchtte naar de keurvorst van de Palts, maakte kennis met de tien jaar oudere Willem van Nassau, prins van Oranje, die toen weduwnaar was. Als prinses van Oranje en landsvrouwe van de Nederlanden kwam ze met haar echtgenoot en haar gezin in Antwerpen wonen vanaf 1577. Willem van Oranje leidde vanuit de Scheldestad de opstand tegen Filips II, koning van Spanje, overeenkomstig het Plakkaat van Verlating. Het paar, dat in het Zuiderkasteel woonde, kreeg vier kinderen met pittige namen als Belgica, Flandrina, Brabantina en Antwerpiana. Tot in 1582 een onverlaat (op aanstoken van de Spaanse koning) een aanslag op de prins pleegde. Voor de zevende keer zwanger stelpte Charlotte dagenlang het bloed van haar man. Zes weken later (op 9 mei) stierf zij van uitputting en ellende. Charlotte, die bij het volk zeer geliefd was, werd met grote luister begraven in de kathedraal. De prins die de aanslag overleefd had, trok met zijn kinderen naar het Noorden, om de opstand tegen Spanje voort te zetten. Hij werd in Delft vermoord. Na de val van Antwerpen op 15 augustus 1585 werd het graf van Charlotte vernield, tijdens de contrareformatie.
“Deze grafsteen te hermaken, als herinnering aan dit drama, aan het Antwerpse verblijf van de Oranjes, en als getuigenis van de verbondenheid der Lage Landen, was dus het plan “Theo Lansloot” waar ANV-Vlaanderen, Piet Jongbloet, Annemie Stoop en Benny Marissens hun schouder onder zetten”, prees Guido Naets de initiatiefnemers tijdens de plechtigheid in de kathedraal.

Talrijke aanwezigen van de Marnixring, de Belgisch-Nederlandse Vereniging Benev, orangisten uit Zuid en Noord, en vertegenwoordigers van het stadsbestuur (o.m. schepen Kennis), de provincie Antwerpen (hoofdgedeputeerde Luc Lemmens) en de Nederlandse en Vlaamse regering, luisterden geboeid naar de toespraak van bisschop Bonny en die van dr. Dick Wursten, vertegenwoordiger van de protestantse kerken in Antwerpen. De bisschop onderstreepte de huidige samenwerking van katholieken en protestanten. Zijn protestantse collega dook in de schokkende geschiedenis van de prinses.

Burgemeester Bart de Wever, havenschepen Marc van Peel, bisschop Bonny en dr. Dick Wursten, vertegenwoordiger van de protestantse kerken in Antwerpen, onthulden gezamenlijk de nieuwe grafsteen.

Onder de aanwezigen, een ontroerde Theo Lansloot, die weliswaar ziek toch het ziekenhuis wilde verlaten om dit mooie moment niet te missen. ATV (het dient gezegd) bracht ’s avonds goed in beeld hoe hij, wenend van ontroering, voor de camera uitlegde waarom hij dit initiatief heeft genomen. Mooi was ook hoe de plechtigheid besloten werd met het zingen van het Wilhelmus, het vaderlandse lied dat getoondicht werd door de Antwerpse burgemeester Marnix van Sint-Aldegonde en dat hopelijk ooit ook het nationale lied van Vlaanderen wordt.

Tijdens de ontvangst op het Antwerpse stadhuis herinnerde burgemeester Bart de Wever aan het feit dat de prins van Oranje zijn hoofdkwartier had in Antwerpen, “hoofdstad van de Vrije Nederlanden”. “Hij zetelde in dezelfde zaal waarin wij ons thans bevinden”, stelde Bart vast. Hij gaf vervolgens een voorzet. “Wat als katholieken en protestanten destijds samen het Spaanse juk hadden afgeworpen?”, vroeg de burgemeester zich af. “We zouden onder het Huis van Oranje een grote mogendheid zijn geweest”, concludeerde hij. En hij kijkt hoopvol vooruit: “Vandaag kan de as Brussel-Antwerpen-Rotterdam-Amsterdam de as van de toekomst zijn.” Even verwees hij naar de tijd waarin we leven en die enige overeenkomst vertoont met de tijd van Charlotte van Bourbon en de prins van Oranje: een tijd van terrorisme en onveiligheid. Maar Bart wordt blijkbaar goed bewaakt. Niet alleen door een vijftal “geheime mikken” in zijn omgeving en een vijftal zwaarbewapende politieagenten voor de deur van het stadhuis, maar ook door de geliefde voorganger van toen: “Vandaag kijkt burgemeester Marnix op mijn bureau toe op alles wat ik doe. En werk ik met in gedachten de spreuk die op het Vlaams Cultureel Centrum De Brakke Grond in Amsterdam is aangebracht: “Hoecondick U mijn broeders oyt vergeten daar wij toch zijn in eenen tronck geplant.” “Leve de Vrije Nederlanden”.

SDL