Beschoten pianist

Slaagt de hoofdgriffier van de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) erin door een toespraak op de nieuwjaarsreceptie van een VVB-afdeling het debat aan te wakkeren? Het valt te hopen, want de voorbije jaren is in een grondig wijzigend Brussel de relatie tussen ‘Vlaams-Brussel’ en de bredere Vlaamse gemeenschap behoorlijk mismeesterd…

De reactie zegt soms meer dan de boodschap. Laten we een ruime week in de tijd terugkeren. VVB-Brussel organiseert haar jaarlijkse nieuwjaarsreceptie. Gastspreker is Daniël Buyle, die hoofdgriffier dus. Sprekend in eigen naam, voor alle duidelijkheid. Kern van zijn boodschap is dat men grondig fout zit door als Vlaamse/Nederlandstalige Brusselaar te geloven in een Brussel zonder Vlaanderen. Het zou voor onze gemeenschap een cruciale vergissing zijn, dàt was zijn verhaal. Il n’y a que la vérité qui blesse.

De reacties logen er niet om, te beginnen met wat op de ‘sociale media’ verscheen. Erg opvallend was de manier waarop lui van Groen tekeergingen, te beginnen met de – door zijn oppositierol en wie weet wat nog allemaal – gefrustreerde Bruno de Lille. Hij zou beter luisteren naar wat er in de VGC gezegd wordt, fulmineerde hij. Wellicht is dat precies wat Buyle doet. Vandaar net zijn waarschuwing.

“Wie pikt het debat op?”, vroeg Rik van Cauwelaert zich terecht af. Want als de boodschap van Buyle als onmiddellijke reactie een polarisatie teweegbrengt tussen de N-VA-reactie en die van Groen, dan bewijst dat in belangrijke mate wat hij precies hekelt. Vroeger bestond een consensus over het belang van die band Vlaanderen-Brussel die de partijen oversteeg, benadrukte hij in de bewuste toespraak. Vandaag duidelijk niet meer.

Is het niet paradoxaal? Die kijk ten aanzien van Vlaanderen wijzigde in de microkosmos van de Brusselse politiek de voorbije jaren naarmate de bevolking van de kaste van Vlaams-Brusselse politici ook wijzigde. De wieg van mensen als Grauwels, Smet of De Lille staat niet in Brussel. Hetzelfde kan gezegd worden van lui als Brusseel, Lootens en Debaets – de lijst is niet volledig, voor alle duidelijkheid. Het vreemde is wel dat die Bruxellitude (“Vlaanderen moet zich niet moeien”) haast parallel gaat met de opgang van die nieuwe politieke kaste. Lees hier geen apologie voor de ‘alte Garde’, maar het is een feit dat die lui toch nog dat historisch besef hebben. Uiteraard is Brussel fundamenteel veranderd, maar heel wat dingen zijn het niet. Te beginnen met de Franstalige psyche – toch in de politiek – die meer bevreesd is voor een Vlaamse greep (sic) op de hoofdstad dan voor de gezanten van IS. En terwijl die Vlamingen maar aanmodderen in Brussel, met politici die meer dan netjes gevestigd zijn in een systeem waar ze elders van zouden kunnen dromen, lachen anderen in hun vuistje. Iets om over na te denken, eerder dan op de (goedmenende) pianist te schieten.

KNIN