2015-12_08_Maarten - Waterloo (Medium)Medailles voor moordenaars

Vladimir Poetin heeft weer een demonstratie van cynisme gegeven, door hoge onderscheidingen toe te kennen aan twee beruchte moordenaars. De eerste is Ramzan Kadyrov, die door de Russen als president van Tsjetsjenië is geïnstalleerd. Hij heeft zich als hoofd van de gevreesde Tsjetsjeense politiediensten en paramilitaire troepen verdienstelijk gemaakt, voor zijn Russische meesters, door met grote wreedheid de Tsjetsjeense verzetsbewegingen uit te schakelen. Die politietroepen werden “Kadyrovtsy” genoemd, naar hun bevelhebber. Zij waren berucht om grootschalige schendingen van de mensenrechten. Hun specialiteiten waren ontvoeringen en “buitengerechtelijke executies”. Zij waren nóg gevreesder dan de Russische veiligheidstroepen. De tweede moordenaar die een onderscheiding kreeg, was Andrei Lugovoi, die in opdracht van Poetin in Londen de dissident Litvinenko vergiftigde met plutonium. Lugovoi kreeg voor zijn “bewezen diensten” eerder al een zetel als parlementslid. Poetin geeft graag medailles aan succesvolle moordenaars. Zijn eerste geruchtmakende provocatie in dat opzicht, dateert van februari 2000, toen hij luchtmachtgeneraal Anatoly Kornukov een onderscheiding gaf. Dat was de generaal die in 1983 boven internationale wateren de Koreaanse lijnvlucht KAL 007 liet neerschieten. Daarbij vielen 269 doden.

Nog is Polen niet verloren!

Bij ons is de discussie over Poetin grotendeels theoretisch. Wij leven nog altijd in een grote illusie, een zeepbel van eeuwige vrede. Ondanks atoombommenwerpers die pal langs ons luchtruim patrouilleren, ondanks de invasies in Georgië en Oekraïne, ondanks de aanwezigheid van Russische troepen in Transnistrië en het oude Koningsbergen – kijk eens op een kaart, hoe dicht dat bij het Europese hartland ligt! – blijft het in het Westen een ver-van-ons-bedshow. Maar in Oost-Europa roept Poetins “Soviet Union Light” akelige herinneringen op aan een bloedig verleden, dat van vierenveertig jaar Sovjetbezetting, met deportaties, massale verkrachtingen, concentratiekampen, terreur en bloedig onderdrukte opstanden. In Polen komt daar nog het trauma bij van meer dan een eeuw bezetting en russificatie onder de tsaren. Daar is de angst voelbaar en alomtegenwoordig. Maar de Polen palaveren er niet over, zoals de Vlamingen dat gewoon zijn. Ze doen er iets aan. Sinds vorig jaar zijn er liefst 130 paramilitaire bonden en organisaties van vrijwilligers opgericht, met naar schatting 100.000 leden. Overal in het straatbeeld, op webstekken en in publicaties, ziet men weer het ankerembleem van het beroemde en tragische Armija Krajowa, het ondergrondse thuisleger, dat tijdens de Tweede Wereldoorlog dapper tegen de nazi’s vocht. Tienduizenden overlevenden zijn na de oorlog door de Sovjets geëxecuteerd, of gedeporteerd.

Filipijns Catalonië?

Catalonië is niet alleen verwikkeld in een onbloedige maar bittere strijd voor onafhankelijkheid. Volgens statistieken van het Spaanse Ministerie van Binnenlandse Zaken is Catalonië de regio waar het risico op “gewelddadige radicalisering” van moslims het grootst is. Ook Andalusië, Valencia en Madrid scoren zeer hoog op die risico-index. Het is niet duidelijk wat de verklaring daarvoor is. Catalonië wordt geconfronteerd met een gevaarlijke fundamentalistische ondergrondse. Zes procent van de bevolking in Catalonië is islamitisch. Dat komt neer op zo’n 465.000 moslims. Volgens de Catalaanse terrorisme-expert Jofre Montoto behoort ongeveer tien procent daarvan tot de harde kern, die hartstochtelijk gelooft in de “doctrine van de jihad”. Meer dan 46.000 potentiële terroristen en handlangers dus. Genoeg om het land in een guerrilla-oorlog te storten. Lijkt dat overdreven? Kijk eens naar de Filipijnen. Daar zitten slechts vier procent moslims, maar dat is al een dodelijke dosis. Zij voeren al decennia een bloedige terreurcampagne tegen de katholieke meerderheid, natuurlijk vooral op de eilanden waar veel moslims wonen, maar soms ook ver daarbuiten. Zoals de bomaanslag in 2004 op een ferryboot met bijna duizend passagiers, in buurt van Manila. Het schip zonk en 116 mensen verdronken. Een grote overwinning voor de islam!

Islamitische overwinning

In acht van de zestien Duitse Länder mogen islamitische leraressen geen hoofddoek dragen. Die wetgeving is democratisch gestemd in de parlementen van de Länder, maar nu wordt die opzijgeschoven door het Grondwettelijk Hof in Karlsruhe. Het Hof vindt dat zo’n algemeen verbod strijdig is met de godsdienstvrijheid. Een verbod is alleen mogelijk als er «een concreet gevaar» is. Wat daarmee wordt bedoeld, is onduidelijk. Terwijl moslims bij duizenden naar de IS trekken, om voor het kalifaat te vechten en te  moorden, lijkt die hoofddoekenkwestie misschien slechts een symbolisch detail, maar in oorlog en politiek kunnen symbolen heel belangrijk zijn. Dit is dan ook een symbolische overwinning voor de islam. Het is ook een overwinning van de rechters op de democratie. Het zoveelste geval van «un gouvernement de juges» of zelfs «une dictature de juges». Overigens, binnen de CDU is er een sterke stroming die pleit voor een boerkaverbod, maar de socialistische SPD verzet zich daartegen. Momenteel houdt de regering de boot af.

Transponders bis

Een lezer betwijfelt onze informatie dat militaire vliegtuigen normaal gezien transponders gebruiken, en dat Poetin misdadige risico’s neemt door zijn atoombommenwerpers zonder transponders te laten vliegen, waardoor de kans op botsingen met passagiersvliegtuigen enorm toeneemt. Wie aan onze informatie twijfelt, kijkt best eens op de Engelstalige Wikipedia, onder het trefwoord “transponders”. Klik door naar “transponders – aeronautica”. Zonder transponders zouden er voortdurend ongelukken gebeuren, zowel met militaire als met civiele vliegtuigen. Het incident dat onze lezer beschrijft, bewijst alleen dat er zelfs mét radar en mét transponders en mét hoogtechnologische verkeerscontrole soms toch ongelukken en bijna-ongelukken gebeuren. Had iemand daaraan getwijfeld? En nee, wij hebben geen aandelen in de Amerikaanse wapenindustrie. Maar we controleren wel zorgvuldig onze informatie voor we iets schrijven.

Migratie, warm en koud

Na Thomas Pikkety laat nu ook de bekende Amerikaanse politicoloog Robert Putnam, in zijn boek ‘Our Kids. The American Dream in Crisis’, zijn licht schijnen over de toekomst en de ongelijkheid in de westerse (Amerikaanse) samenleving. De man die eerder al Bill Clinton, Tony Blair en Wouter Bos, maar ook onze proffen Luc Huyse en Mark Elchardus, en Patrick Janssens, inspireerde, is nogal pessimistisch. Verenigingen en vriendschappen gaan om zeep; eenzaamheid en tv-verslaving komen in de plaats. Volgens Putnam doet massa-immigratie ons dan toch “geen deugd”. In de meest cultureel diverse wijken is het sociale weefsel het meeste uiteengerafeld. Het geklaag over ongelijkheid van zowel Piketty als Putnam is niet geheel ten onrechte, maar beide auteurs gaan wel uit van een bijzonder hoog gegrepen verwachting.