“Verenigd Europa van Staten is mijn droom”

Het Europees Parlement is een rendez-voushuis en Guy Verhofstadt is een gifspuitende breedsmoelkikker. Het eerste vermoedde u, het tweede wist u. Derk Jan Eppink is scherp, grappig, moedig en democratisch in zijn boek over het duurste reisbureau ter wereld.

2015-12_05_Praatstoel Derk Jan Eppink (Medium)De commissie begrotingscontrole van het Europees Parlement telt slechts tien hard werkende leden. De commissie buitenland telt honderdvijftig leden, die de ganse wereld afdweilen om met grote woorden hun geloof en gelijk te verkondigen. Het EP is een reisbureau dat geen geld vraagt maar geld geeft aan wie ermee op pad gaat, schrijft Derk Jan Eppink. Men kan het zo gek niet bedenken of een EP’er is bereid om ergens op de globe op een seminarie, een colloquium of een zending te vertellen over “het rijk van de goede bedoelingen”, woorden van voormalig EU-Commissievoorzitter Barroso, over de Europese Unie. Kakelde Herman van Rompuy niet dat de eurocrisis voorbij is? Neocommunistisch Athene lacht hem vierkant uit. Ondertussen brandt de EU van kelder tot zolder. “Het Rijk der Kleine Koningen. Achter de schermen van het Europees Parlement” (uitgever Pelckmans) spettert van dergelijke observaties. Eppink weet het niet van horen zeggen. Hij was vijf jaar de eenmansfractie van Lijst Dedecker in het Europees Parlement. Hij legde mee de basis van de Europese Conservatieven en Reformisten (ECR), en onderhandelde met de Britse conservatieven en Bart de Wever over de toetreding van de Vlaams-nationalisten tot de ECR (die daardoor de derde fractie werd en Alde, van Guy Verhofstadt, het nakijken gaf als vierde fractie). Hij stoort zich aan het pseudonirwana waarin de EP’ers struinen.

‘t Pallieterke: uw visie op Europa en de Europese Unie heet “eurorealisme”. Is dat een synoniem van euroscepticisme of EU-haat?

Derk Jan Eppink: “Het begrip eurorealisme bedacht ik toen ik in 2008 onverwacht het Europese verkiezingsprogramma mocht schrijven als kandidaat-Europa voor LDD van Jean-Marie Dedecker. Ik wilde een nieuwe denkrichting lanceren, met een kritischer kijk op de Europese Unie, zoals men kritisch kan en moet zijn over milieu, transport, migratie en buitenlands beleid. Zeker in België is die kritische blik ongebruikelijk. Politiek Brussel en de politici in Vlaanderen en Franstalig België hebben één centrale Europese gedachte, de EU moet een centraliserende staat zijn. Dat lost dan ook meteen de Belgische problemen op, want die verdampen in die massieve, sterke en piramidale unie. Mijn jarenlange ervaring is dat er in de EU grove weeffouten zitten. Dat wist ik reeds van in de periode dat ik werkte voor EU-commissaris Bolkestein, en dat werd bevestigd in de voorbije vijf jaar bij het Europees Parlement. Dat leidt tot wensdenken en wensdromen: dat Griekenland fiks boven zijn stand leeft, is reeds jaren geweten, maar optreden? Ho! De eurocrisis heeft de belangstelling voor het eurorealisme aangewakkerd. Het eurorealisme loopt niet weg van de problemen en is evenmin een recept om uit de unie te treden. Wel ijvert het om het kwade weg te snijden en het goede te behouden. Bijvoorbeeld, het milieubeleid is te dirigistisch. Buitenlandse Zaken van de EU is een show van symbolische gebaren, met een dame aan het hoofd met een lange, lange naam. De vuistregel in de EU is: hoe langer de naam, hoe minder de macht. Er is een overdadige begroting, het spettert van het micromanagement, de symboliek domineert en de werkelijkheidszin sluimert.”

‘t Pallieterke: de N-VA’er Johan van Overtveldt, nu minister van Financiën, sprak in 2011 in het Europees Parlement over zijn boek ‘Het Einde van de Euro’. Geen simpele zaak?

Derk Jan Eppink (zucht): “Ik las in 2011 het manuscript van zijn boek en de titel toen was ‘The Endgame’, de uitgever heeft er ‘Het Einde van de Euro’ van gemaakt. Ik vond de aanpak en de thesis van Johan zeer eurorealistisch en ik nodigde hem uit in het Europees Parlement. Alleen al de affiche voor zijn komst wekte woede en weerstand. Het was de eerste maal dat er in die vergadering openlijk over het einde van de euro gesproken werd. De zaal luisterde muisstil naar de scenario’s die Van Overtveldt ontvouwde, en die zijn vandaag bevestigd geworden. De auteur gaf concreet aan wat er aan de euro moest veranderen, de ondersteuning en het toezicht, om niet het einde van die munt te beleven. Van Overtveldt is geen AfD’er, geen Duitser die de euro wil schrappen. Hij wil wel hervormingen. Johan heeft veel financiële en economische kennis. Hoewel het hebben van kennis geen maatstaf is om in de politiek carrière te maken, het is eerder een handicap. Met meer economische expertise à la Van Overtveldt was de euro verstandiger gestart. De eerste fase had moeten zijn een Duitse Mark-zone, die geleidelijk had kunnen uitgebreid worden tot een volwaardige en Europa dekkende muntzone. Men is veel te snel willen gaan. De eurozone heeft leden aan boord gekregen die niet kunnen volgen. De euro is een politiek middel om meer eenheid af te dwingen, en die aanpak is mislukt.”

‘t Pallieterke: wordt het eurorealisme een nieuwe grondstroom?

Derk Jan Eppink: “Een grondstroom is het vooralsnog niet, hoewel dit recept populair wordt. In Nederland is er een kentering in het denken over de EU. In België nam N-VA het woord eurorealisme over, wat het begrip betonneert bij de grootste partij van het land. In het Verenigd Koninkrijk gebruiken de Tories het woord en volgen er volksraadplegingen over de relatie VK-EU. In Duitsland scoort de jonge partij Alternative für Deutschland, met haar soberder, doelgerichter en minder interventionistisch Europa, én een herbezinning betreffende de euro. In Nederland, België, het VK en Duitsland zijn er partijen die zich scharen achter de Europese Conservatieven en Reformisten, de ECR, die eurorealistisch is.”

‘t Pallieterke: een grote stunt bij de jongste verkiezingen voor het Europees Parlement waren de drie Spitzenkandidaten – een christendemocraat, een socialist en een liberaal – met het opzet aan dat parlement meer gewicht te geven…

Derk Jan Eppink: “Het was goed bedoeld, echter, dat is de kern van de EU vandaag, een verband vol goede bedoelingen die sterk afwijken van de werkelijkheid. De Spitzenkandidaten hebben de belangstelling voor de EP-verkiezingen geen centimeter vooruit geholpen. Wat te verwachten was, is trouwens gebeurd. Jean-Claude Juncker, een beroeps-Europeaan van in zijn luiertijd, werd gecoöpteerd. Idem zijn socialistische evenknie Martin Schultz. Kijk naar Guy Verhofstadt. Hoe liep de campagne van die Spitzenkandidaat in de praktijk? Verhofstadt spreekt geen Duits, kon dus nergens debatteren in Duitsland, kwam niet op de Duitse televisie en bleef verscholen voor de Duitse publieke opinie. In dat grote kiesland was hij onbekend en onbemind. En dat is eigen aan alle pogingen om de diversiteit in talen, gewoonten en waarden in Europa onder de mat te vagen.”

‘t Pallieterke: de eurokritische professorenpartij AfD is wankel?

Derk Jan Eppink: “Dat is mij bekend, maar vergis u niet, haar ideologische fundamenten zijn stevig. Bij LDD zag ik van dichtbij hoe moeilijk een jonge partij het heeft. Na het eerste succes stromen de goede en de minder goede militanten toe. Ook de opportunisten willen aan boord, om zich naar de macht te wrikken. Na die pionierstijd volgt vaak een kristallisering en professionalisering, en dat verwacht ik voor AfD. Die partij heeft sinds de lente van 2014 zeven Europese parlementairen en haalde bij de lokale verkiezingen in Hamburg vorige maand 6,1 procent van de kiezers binnen.”

‘t Pallieterke: wat is het recept voor een betere EU en een beter Europees Parlement?

Derk Jan Eppink: “Het tegenovergestelde doen van één van de minder bekende vaders van Europa, Jean Monnet. Die man is nooit gekozen, had geen mandaten, werkte bewust en intrigerend in de schaduw en, inderdaad, Europa is er gekomen, wel na het bloedbad van de Tweede Wereldoorlog. Die autoritaire Monnet staat model voor de huidige EU. Zelfs de naam Unie is er te veel aan, de oude naam, Europese Gemeenschap, dekte beter de werkelijkheid. In plaats van meer Europa is minder Europa op zijn plaats. De burgers zien de EU als de heraut van de globalisering, als medeplichtige aan de economische crisis, als harde schoolmeester. Dat gezegd zijnde, de EU moet zich beperken tot hoofdtaken, en macht en uitvoeringselementen teruggeven of laten bij de lidstaten of samenwerkingsverbanden als de Benelux en de Baltische Staten. Niet alle wegen in Europa hoeven naar Brussel te lopen.”

‘t Pallieterke: en het Europees Parlement?

Derk Jan Eppink: “Het Europees Parlement moet je hebben, mits het democratische controle uitoefent en democratisch verantwoord bezig is. Vandaag is het een praatbarak, om een mooi Vlaams woord te gebruiken. Beperk allereerst de taken van het Europees Parlement. Het EP heeft over alles een mening, en de EP’ers denken door wereldwijd met die mening te evangeliseren hun taak te vervullen. Neen. Controle van de beginnende Europese centrale en uitvoerende macht, dus van de EU-Commissie en de Europese Raad, dat moet het EP sterker en kritischer doen.”

‘t Pallieterke: is een middel om het EP met de voeten op de grond te krijgen het dubbelmandaat herinvoeren? Namelijk parlementairen die zetelen in het nationaal parlement én in het Europees Parlement. Want zo was het in het verre verleden.

Derk Jan Eppink: “De eerste stap is bij de volgende EP-verkiezingen het aantal parlementairen te verminderen, van 751 naar 500, en van die 500 nieuw te verkiezen leden hebben er 250 een dubbelmandaat, wat een goede verbinding is tussen de basis, de burger, en het Europees Parlement.”

‘t Pallieterke: Paul Goossens is de kritiekloze propagandist van de Europese Unie in De Standaard, toch?

Derk Jan Eppink: “Ik ben vertrokken bij De Standaard op het ogenblik dat het AVV-VVK van de voorpagina verdween. De Morgen heeft nadien een deel van zijn redactie gedropt bij De Standaard en die krant is nu De Morgen van gisteren. Die twee bladen zijn inwisselbaar en in die sfeer pas ik niet meer. Ik was jong journalist in Nederland toen de Europese Gemeenschap tien leden telde, daarop volgden Portugal en Spanje. Alle journalisten van mijn generatie vonden het hun plicht om die goede en goedbedoelende EG te helpen, te promoten en te steunen, en dat blijft de houding van iemand als Paul Goossens en de journalisten van zijn generatie. Ik heb jong geleerd van de nestor van de Nederlandse journalistiek, Henk Hofland, dat een journalist kritisch moet staan tegenover alle doelen, ook de goede doelen. De Derde Wereld bijstaan is een doel, zelfs een goed doel, maar daarom hoef je niet domweg alles oké te vinden om die landen in ontwikkeling te verstevigen.”

Frans Crols


De blinde elite

De elite in haar algemeenheid van de Europese Unie – dus de Commissie, de Europese Raad en het Europees Parlement – leeft in een staat van ontkenning, stelt Derk Jan Eppink: “Zij handelt als het Politbureau van de Communistische Partij van de USSR of China. Of met een ander beeld: de curiekardinalen van het Vaticaan. De top-EU’ers en hun volgelingen in het Europees Parlement willen gelovigen, geen critici, en geen democratische doorzichtigheid. De leiders van de EU beogen een Europees staatssysteem, met een administratie, een leger, een president en een parlement. Maar de EU is geen staat, geen Verenigde Staten van Europa als een kopie van de Verenigde Staten van Amerika. De EU is vandaag een verbond van staten in Europa en zal dat nog zeer lang blijven. Mijn korte credo is: ik bepleit een Verenigd Europa van Staten. Indien je meer wilt, een Verenigde Staten van Europa, met de geijkte formule, de “Ever Closer Union”,  dan moet je alle verschillen die er zijn wegdenken. Dat is onmogelijk. Een “poststatelijk” Europa is er niet overmorgen, laat staan morgen. De grote fout van de EU-elite is de diversiteit niet te willen erkennen en de gekunsteldheid van de Europese constructie op te voeren. Ik denk soms aan de Volkskammer van de DDR, ook een kartonnen parlement, zoals het Europees Parlement, vol met partijonderhorigen. Als je van de Europese droom afwijkt, ben je een dissident, een booswicht. Door Europa loopt een grens in de mentaliteit, in de doelwitten en de economisch-politieke praktijk tussen Noord en Zuid. Dat zie je, omwille van Griekenland, elke dag. Als je Europa op zijn Duits wilt organiseren, dan moet je gaan leven als een Duitser. Dat zie ik geen enkele Spanjaard, Griek, Portugees, Italiaan of Fransman doen in de volgende halve eeuw. Frankrijk koestert zijn “train de vie”, en gelijk hebben de Fransen. De geschiedenis moet toch een leermeester zijn voor deze werkelijkheid.”


Luther of Franciscus?

Derk Jan Eppink was scholiertje in een School met de Bijbel, in de Achterhoek in Oost-Nederland. Later versleet hij de broek in een protestantse middelbare school en de protestantse universiteit van Amsterdam. Is de Europese Unie een roomse creatie, hangt er een katholiek parfum? Derk Jan Eppink (lacht): “Toe maar! Nu, er zit een diepe grond van waarheid in wat u opmerkt. Het is geen toeval dat protestantse landen als Nederland, Denemarken, Zweden en Duitsland kritischer zijn over de EU en het EP dan de landen met een katholieke traditie. Dat zit in het nationale DNA van die noordelijke en protestantse landen. Protestanten hebben van kindsbeen af geleerd zelfstandig te denken, eigen beslissingen te nemen, te debatteren, soeverein te zijn, voorbij geopenbaarde waarheden te gaan, kritisch te zijn. Het is geen toeval dat de commissie begroting en financiën van het EP een protestantse voorzitster, uit Duitsland, heeft en voornamelijk protestantse leden. Er zijn katholieken die deze kritische houding delen, echter, dat is een minderheid. De EU staat bol van symbolen, en symboliek is zeer katholiek. De EU heeft een intense liturgie en dat is ook zeer katholiek. De EU heeft haar curie van ongenaakbaren en ook dat is katholiek. De EU heeft behoefte aan een Luther, of aan een hervormingspaus als Franciscus, die met een kerstboodschap zijn college van kardinalen de schrik op het lijf joeg.”