Doorslaande slingers

Een extern bureau, gewapend met het gewenste profiel, moet via een “studie” een nieuwe CEO voor de Pro League zoeken. De heren die het clubje bevolken, vonden geen geschikte kandidaat. Club Brugge steunde er één, Anderlecht steunde een andere. Vandaar “njet” voor allebei. Hoeveel die studie zal kosten, is bijzaak. De clubs, de Pro League en de voetbalbond hebben geld op overschot. Spelers verdienen in België gemiddeld een slordige 5.000 euro per week. Een habbekrats, vergeleken met de lonen in nog “grotere” voetballanden. Eden Hazard, om alleen die vedette van Chelsea te noemen, weet daar met een weekloon van ruim 250.000 euro alles over. Niet alleen in het profvoetbal slaat de slinger finaal door – en straks onvermijdelijk fataal -, hij doet dat in het hele gamma aan beroepssporten.

Zojuist werd het prijzengeld van tennistornooi Roland Garros opgekrikt. De winnaars van het enkelspel krijgen straks elk 1,8 miljoen euro. Dat komt neer op 257.000 euro voor elke van zeven wedstrijden, inclusief de finale. Belastingvrij, want de laureaten zijn meestal gedomicilieerd in Monaco. Waar al die poen vandaan komt? Vooral van grote bedrijven die het tornooi sponsoren. Sponsorgeld mag worden afgetrokken van de dertig procent bedrijfswinst, af te dragen aan de fiscus. Hoe kleiner de winst, hoe minder belastingen. Zo bedriegen sponsors en tennishelden de gemeenschap. Daar sta je dan als de voor sporthelden van alle slag juichende simpele ziel, die voor 1.000 euro zuur verdiend spaargeld bij zijn bank vandaag 0,1 procent rente “opstrijkt”, zijnde twee euro op jaarbasis.

Terwijl hij en zij zich blauw betalen aan inkomtickets en hun gezichten in de vaderlandse kleuren van het idool/idolen verven, slaat hun eigen poenslinger gestadig verder richting de grens met armoede. Maar we geven grif toe, brood en spelen zijn van alle tijden. Hun helden ook. Wie zich in hun aanzuigkracht als “entourage” nestelt, hoort als coach, manager, adviseur en (vooral) als bobo niet alleen de klok luiden, maar weet ook zeer goed waar de klepel hangt, voor het profijt. Illustratie van die vaststelling: de 6.000 euro die uittredend KBVB-voorzitter François De Keersmaecker “vrijmaakt” voor een mediatraining waarvan hij hoopt dat ze in juni tot zijn herverkiezing zal leiden. Ondanks een reeks uitgelekte zeer twijfelachtige zaken, geef je niet zonder strijd een zitje in eretribunes en invitaties voor recepties overal ter wereld op.

In beroepssporten slaat de slinger niet noodzakelijk alleen richting poen door. Sommigen hijsen zich met sneltreinvaart in de publieke belangstelling. Veel meer zien we niet echt in de buitensporige antidopinghouding van wielerbondprocureur Jaak Fransen, mogelijk tegen zelf beter weten in. Als het zijn bedoeling was zelfgenoegzaam op televisie te komen en aldus aan imagobuilding te doen, dan kunnen we hem bezwaarlijk een mislukking toemeten. De “ik ben zeer tevreden over mezelf”-stijl waarmee Fransen voor camera en praatpeer de eigen populariteit wou opkrikken, ten nadele van die van anderen, loog er niet om. Eerst voor Tom Meeusen, en daarna voor Greg van Aevermaet, eiste hij zonder enig bewijs liefst twee jaar schorsing voor dopingpraktijken. De strijd tegen doping mag nooit afzwakken, zoveel is zeker. Dat overdrijven nooit goed is, is even zeker. Mocht op 7 mei de disciplinaire Commissie van de Belgische Wielerbond de schorsing van Meeusen en Van Aevermaet bevestigen, dan dient gevreesd voor een blunder van formaat. Het zou de duw kunnen zijn die ook de dopingslinger laat doorslaan, en de geloofwaardigheid van een eerbare strijd op de helling zet.