Neckers

Ordelijk en humaan (1)

In 1965 sloot het concentratiekamp Dachau definitief de poort. 1965? Een typefout? Neen, toen was eindelijk het drama voorbij voor de laatste Duitse ontheemden die soms tientallen jaren na de oorlog in voormalige kampen woonden.

Het hoogste niveau

Ik heb veel gelezen over de verschrikkingen van de Goelag en de Vernichtungslager. Toch is het lang geleden dat een strikt wetenschappelijk boek mij zo trof als “Orderly and Human” van de Iers-Amerikaanse historicus Ray Douglas. Zijn verhaal over de wrede verdrijving van 14 miljoen Duitsers van huis en haard in 1945 en 1946 grijpt naar de keel. Misschien ook wel omdat Douglas onderkoeld de onvoorstelbare ellende en de kuiperijen van de politici beschrijft. Dit is geen getuigenisboek van slachtoffers met misschien overdrijvingen, maar een onsentimenteel verhaal gebaseerd op veel officiële bronnen waardoor deze misdaad tegen de menselijkheid nog rauwer wordt. Douglas is geen “revisionist” die de ontheemding los ziet van de gruwelen die de nazi’s begingen. Hij toont begrip voor de woede van bezette en geterroriseerde mensen tegenover achtergebleven Duitsers na de aftocht van de Wehrmacht. Maar hij vestigt er sterk de nadruk op dat die bijltjesdagen beperkt in tijd en slachtoffers waren, want de misdaden werden op het hoogste geallieerde niveau gepland, bevolen en gestimuleerd. Tezelfdertijd haalt Douglas de historische clichés onderuit.

Duitsers gediscrimineerd

Dat begint al bij de vooroorlogse situatie. Plots begrijp je beter waarom de minister-presidenten Chamberlain en Daladier hun bondgenoot Tsjecho-Slowakije in de rug schoten in München. Ze sloten een akkoord met Hitler, die de 3 miljoen Sudetenduitsers en hun gebied in het westen van Tsjechië mocht inlijven. Natuurlijk was de discriminatie van die Duitstaligen maar een voorwendsel voor Hitler, maar dat weten wij achteraf. De Britten en de Fransen oordeelden over de realiteit zoals zij die kenden. Ook vandaag doen Tsjechen nog altijd alsof die Duitsers in het Tsjecho-Slowaakse paradijs leefden, maar die mythe haalt Douglas keihard onderuit. Het Sudetenland was al honderden jaren Duitstalig en behoorde bij het voormalige Oostenrijk. Na de ontbinding van het rijk in 1918 wilden de Sudetenduitsers bij Oostenrijk, of eventueel bij Duitsland. Frankrijk weigerde en liet het gebied inlijven bij zijn nieuwe Tsjecho-Slowaakse satellietstaat, die gemakkelijk verdedigbare grenzen en werkzame Duitsers kreeg. Die Duitsers kregen geen enkele bescherming van de Volkerenbond als minderheid, want Oostenrijk en Duitsland waren geen lid. De Tsjechen beperkten bruut geweld tegenover hun Duitsers maar verkozen voortdurende administratieve pesterijen en intimidaties, op een manier waar het F(ront)D(es)F(ascistes) alleen maar kan van dromen. Talentellingen werden zoveel mogelijk vervalst om geen faciliteiten aan Duitsers toe te staan. Duitsers werden beschuldigd ‘valse nationaliteiten” te bezitten en kregen boetes van een week salaris of korte gevangenisstraffen. Duitse scholen werden gesaboteerd of gesloten. Duitse ambtenaren werden vervangen door Tsjechen omdat ze in zuiver Duitstalige gemeenten geen Tsjechisch kenden. Duitsers vormden 23 procent van de bevolking en kregen 2 procent van de ambtenaren. Duitse bedrijven ontvingen nooit een overheidsopdracht. Hitler vond dus vanaf 1933 een vruchtbare bodem voor zijn drijverijen. Overigens – en dat hoort men zeker niet graag vandaag – gedroegen de Polen zich tegenover de achtergebleven Duitsers in de Duitse gebieden die zij in 1918 van de geallieerden mochten inlijven nog een stuk grover en gewelddadiger. Als Hitler over de behandeling van Duitstaligen tierde, wisten Britten en Fransen uit hun diplomatieke rapporten dat niet alles uit de mond van de Führer gelogen was. In maart 1939 lieten ze toe dat hij Tsjechië bezette.

De initiators

Natuurlijk was Hitler de initiator van grootscheepse en gedwongen uitdrijvingen na zijn verovering van een groot deel van Polen in 1939. Zijn bondgenoot Stalin, die de rest van dat land mocht veroveren, was al voor de oorlog een enthousiaste etnische zuiveraar, in de Sovjet-Unie. De twee dictators haalden hun inspiratie bij de zogenaamd succesvolle (slachtofferrijke) uitwisseling van Grieken en Turken in 1922. De Duitsers lijfden niet alleen de in 1918 verloren gebieden in maar namen een extra stuk Polen in beslag en ze begonnen massaal Polen en Joden te verhuizen naar het Generalgouvernement; zeg maar het door hen bezette romp-Polen. Dat bracht de naar Londen gevluchte Tsjecho-Slowaakse president Benes op een idee. Vergeten was het feit dat hij een paar weken voor München nog een groot deel van het Sudetenland vrijwillig aan Hitler had aangeboden. Hij was zeer gegeneerd omdat zijn “verdrukte” Tsjechen – hun levensstandaard steeg tijdens de oorlog met 20 procent –  hard werkten voor de Duitse oorlogsinspanning. Hij zond daarom commando’s naar Praag die de Duitse stadhouder Reinhard Heydrich vermoordden, waarna de Duitsers twee Tsjechische dorpen en hun bewoners van de aardbodem veegden. Daarmee had Benes wat hij wilde: een cynisch voorwendsel om zijn nationalistische dromen te verwezenlijken. Alle Duitsers uit Tsjechië. Ook de sociaal-democratische Sudetenduitsers die alleen wat autonomie vroegen en Hitler verafschuwden, moesten eruit. Benes stelde hen gelijk met de nazi’s. Hij vond een bondgenoot in Stalin, die de laatste Pool uit zijn veroverd deel van Polen weg wilde. De Amerikanen kon het allemaal niet veel schelen en de Britten weifelden. Op zijn beurt inspireerde Benes de Poolse regering in ballingschap. Officieel begonnen Britten en Fransen de oorlog in 1939 om de integriteit van Polen te bewaren, maar ze zwegen als vermoord toen de Sovjets zeventien dagen na de Duitsers een groot stuk van Polen inpikten. In 1943 begon het de Polen te dagen dat Stalin er niet aan dacht dat veroverde stuk Polen terug te geven (40 procent van de inwoners was Pool). De Polen dachten aan Oost-Pruisen als compensatie, maar oer-Duitse steden als Stettin en Breslau ten oosten van de huidige grens bleven in hun plannen Duits. Stalin wilde echter geen vierkante centimeter geroofd gebied teruggeven en de Poolse geeuwhonger naar Duits gebied werd almaar groter. Stalin peperde het hen in toen zijn troepen einde 1944 romp-Polen veroverden en hij daar twee miljoen Polen uit zijn gestolen deel in een volledige chaos liet neerkwakken. In Yalta viel in februari 1945 definitief de beslissing. Stalin steunde de eisen van Tsjecho-Slowakije en van Polen, waar hij inmiddels een marionettenregime installeerde. De doodzieke Amerikaanse president Roosevelt wou alleen nog dat de Sovjet-Unie zijn project voor de Verenigde Naties zou steunen en was bereid de prijs te betalen. Churchill probeerde nog wat Duitsland achter de Oder-Neisselinie voor de Duitsers te redden, maar tevergeefs. Op dat moment waren de etnische zuiveringen al volop bezig. Overal in Oekraïne, Hongarije, Roemenië en Joegoslavië woonden honderdduizenden Volksduitsers; mensen die afstamden van Duitse kolonisten die door Russische en andere vorsten binnengehaald werden. Een groot deel onder hen sprak zelfs geen Duits meer. Een flink deel was al op de vlucht voor de wraak van de Sovjets en alle oude en nieuwe regimes zagen de mogelijkheid de overblijvenden te verdrijven en hun goederen, geld en gronden in beslag te nemen. In Yalta werd alles officieel. De verdrijving van 14 miljoen Duitsers zou “ordelijk en humaan” gebeuren, maar er werd geen enkele maatregel genomen om dat te implementeren. Voor de ontheemden – bijna uitsluitend vrouwen, kinderen en bejaarden, want de mannen waren in het leger of krijgsgevangen – begon een hel, die misschien 1,5 miljoen mensen het leven kostte. (Volgende week deel 2.)

Jan Neckers


Tags assigned to this article:
2015-22Jan Neckers

Related Articles

Vlaanderen feest

11 juli. Ik ken weinig landen waar de nationale feestdag gespreid wordt over een ganse week. De eerste vieringen vonden

De grillen van een president

Voor een eindeloze stroom van afkeuring over Donald Trump moest u de laatste maanden niet bij ‘t Pallieterke zijn. Dat

Merkel is een draaikont

De Atomausstieg is een raar verhaal – cf. deze kroniek van vorige week. Soms maken wij mekaar wijs dat België