Leeuw (Medium)“De Vlaamse waakhond is klaar voor 2085”

Karl van Camp ontdekte zijn manie voor de onbevangen meningsuiting op zijn 16e, reizend door Zuid-Afrika. De halve waarheden en de hele leugens waarop hij nadien in de media stootte, wakkerden zijn goesting aan om vrank en vrij te editeren.

Het bureau van Karl van Camp is geschikt voor een speelfilm over een journalistieke waakhond: de Mac van Apple, draden naar nergens, een telefoon met drakerige toetsen, mappen met tekeningen, klappers met teksten, nieuwe en oude exemplaren van ‘t Pallieterke, kasten met redactionele memorie plus schots-en-scheve stoelen voor de bezoekers. Bladen verpakken is een potpourri van praats en papieren.

Karl van Camp is de vierde hoofdredacteur van het zeventigjarige ‘t Pallieterke. Na stichter Bruno de Winter en diens opvolgers Jan Nuyts (1920-2002) en Leo Custers (1943-2014) begon hij eind 2010. In de wemeling van gedrukt en ge-internet ter rechterzijde blijft het satirische blad een geoefende toeteraar.

In het begin van dit decennium voert ‘t Pallieterke gesprekken voor een nieuwe hoofdredacteur en Karl van Camp is de zesde in de rij: “Ik meende dat het blad nog steeds relevant en noodzakelijk was, echter, ook dat er moderniseringen moesten doorgevoerd worden. ‘t Pallieterke had een amateuristische webstek, een gebrekkige marketing en een ouder lezerspubliek. Die analyse was snel gemaakt. Het is een dooddoener, maar de uitdaging sprak mij aan. In de herfst van 2010 arriveerde ik in dit bureau en begon aan een tweede carrière, na vijfentwintig jaar in de architectuur, weliswaar doorspekt met hobbyistische journalistiek en heel veel Vlaamse actie.”

De markt

De markt van Karl van Camp – de ruime Vlaamse Beweging – kent vier substromingen: “Er zijn twee Vlaams-nationale partijen die niet met mekaar praten, ook niet achter de schermen, en twee strekkingen bij de niet-partijgebonden verenigingen: een radicale met VVB en TAK, en een culturele met het Davidsfonds, het Rodenbachfonds, VLAS, de Federatie van Vlaamse Vrouwen, enzovoort. In die vier stromingen hoort ‘t Pallieterke te zijn, als opiniërend blad, informatief maar met een duidelijk profiel.

De doelgroep is een waagstuk, en daarbij komt dat de media op zich problematisch zijn. De jeugd mijdt het gedrukte woord en niemand weet hoe de digitalisering zal uitdraaien. Wat is de redding, de vaste grond voor ons? Naar mijn mening zal wie in een niche opereert, en dat doet ‘t Pallieterke, en kwaliteit aanbiedt, en die wordt stelselmatig opgevoerd, overleven. Wij hebben, om een sleutelwoord van de marketing te gebruiken, een USP (Unique Selling Proposition), en daarenboven is er in onze niche weinig tot geen concurrentie. Het aantal abonnementen zit in stijgende lijn en de losse verkoop is stabiel. Dat is een uitzondering in de Vlaamse pers. Er zijn bladen die op twee jaar tijd tot 30 procent van hun verkoop verloren zijn. Het natuurlijke verloop van de abonnementen en de losse verkoop hebben wij jaar na jaar gecompenseerd. Onder Leo Custers is het aantal medewerkers gestegen naar veertig en die toename is voortgezet. In mijn eerste jaar heb ik gewerkt aan een webstek, in het tweede jaar volgde de kleur, en binnen enkele maanden wordt elke bladzijde tegen het daglicht gehouden om een hogere kwaliteit te bereiken. Vernieuwen en je trouwe lezers niet verliezen, is koorddansen.”

Karl actief als regie-assistent op het 52ste Zangfeest. Achter hem kijken Richard Celis, Hugo Portier en Oscar Van Malder toe.
Karl actief als regie-assistent op het 52ste Zangfeest. Achter hem kijken Richard Celis, Hugo Portier en Oscar Van Malder toe.

Vlaamsgezind

De wieg van Karl van Camp stond in 1960 in de Meetingstraat van de Seefhoek in Antwerpen en hij beleefde de verkleuring van die wijk. Twaalf jaar lang trok hij naar het Sint-Jan Berchmanscollege aan de Meir, onder de Boerentoren van Kredietbank. Van geen enkele jeugdbeweging was hij lid, noch KSA, noch VVKSM, noch VNJ. Een zeldzame leraar was voor Vlaanderen en enkel die van geschiedenis droeg een leeuwenspeldje op de jas.

Karl van Camp was 5 jaar toen een architect aan huis kwam met de plannen voor een nieuwe gezinswoning: “Een beslissend ogenblik, want van toen af lag mijn weg vast, ik wilde architect zijn. Nooit heb ik op school, bij het PMS of thuis over een andere studierichting gepraat.” Hij verkaste naar een kot in Schaarbeek, waar hij vijf jaar lang in Sint-Lucas architectuur volgde. “De hogeschool aan de Paleizenstraat lag in een, toen nog, Vlaamse hoek van Brussel. De bakker, de beenhouwer en de cafébaas van ‘t Hoekske – met ‘t Pallieterke op de toog – waren Vlamingen.”

Edwin Truyens stichtte in 1976 de Nationalistische Studentenvereniging (NSV), als een radicalere afsplitsing van het KVHV-Antwerpen. Afdelingen volgden in Gent en Leuven. Karl van Camp floreerde in deze stroming van jonge, independentistische radicalen, en deed mee aan de actie tegen het Egmontpact. “Bij het ANZ haalde ik de gratis anti-Egmontstickers op en plakte die vlijtig op boekentassen, muren, bomen en borden.” Hij scherpte zijn Vlaamse meningen aan en richtte mee een afdeling op, in Brussel.

De hoofdstad werd voor Karl van Camp de loopbrug naar ‘t Pallieterke. Het spotblad had een studentenrubriek, maar nooit verscheen er een letter over de commilitones in Brussel: “Ik schreef een briefje met mijn kritiek naar Jan Nuyts, die ik niet kende, en ontving per kerende de uitnodiging om eens langs te komen. Wat ik deed, op het oude adres aan de Mechelsesteenweg, met zijn folklore van kromme trappen, een piepende lift en de alomtegenwoordige poetsvrouw die in elk nummer vernoemd werd. En zo mocht ik betreffende Brussel stukjes schrijven. Af en toe volgden ook berichten voor de rubriek Zuur en Zoet. Een plezante periode was het, zonder gsm en amper een fax, dus werd de kopij ter redactie op zondagavond gebust. Jan Nuyts was een zeer aangename, eerlijke en hardwerkende man.”

62 - Napoleon Karl (Medium) - kopieUitdagingen

De afgestudeerde architect bleef amoureus op ’t Pallieterke. Hij hielp Jan Nuyts in de jaren negentig sporadisch met de opmaak van het blad bij de handelsdrukkerij van Gazet van Antwerpen op de Linkeroever: “Door mijn opleiding heb ik een beetje meer oog voor grafiek, foto’s en bladschikkingen en als tijdverdrijf heb ik met veel plezier tijdschriften en pamfletten van de Vlaamse Beweging gemaakt.” Karl van Camp zette de eerste promotieacties op voor zijn journalistieke lieveling: “‘t Pallieterke had een vaste lezerskring met trouwe kopers. Echter, aan de werving van nieuwe abonnees werd weinig aandacht besteed. De eerste stap werd een stand bij de traditionele hoogdagen van de flaminganten, op de IJzerbedevaart en het Vlaams-Nationaal Zangfeest.”

“Ik bleef de hele waaier van partijen, actiegroepen en verenigingen van de Vlaamse Beweging frequenteren, en dat is tot op vandaag mijn houding. Wat ik sedert 2011 wel uitdrukkelijker doe, is ‘t Pallieterke inhoudelijk en qua stijl plaatsen in het midden van de driehoek N-VA, VB en CD&V-Vlaamse vleugel. Dat is de historische plek van het blad en dat beklemtoon ik overal.”

Muziek boeit Karl van Camp. Hij werkt – op vraag van Valeer Portier – mee aan de viering van 50 jaar ANZ in het Sportpaleis, waar voor het eerst een groot podium verschijnt en de videoschermen van Alfacam van Gabriel Fehervari: “Het moest iets grandioos worden, zoals de populaire Night of the Proms.” Het ene brengt het andere mee. Van Camp zal tien jaar later de huisarchitect van Alfacam zijn voor de nieuwe tv-studio’s in Lint. “In 2011 was ik uitgekeken op de architectuur. Je struikelde over de voorschriften, reglementeringen en paperassen, en het ontwerpen en het bouwen werden secundair. Die tweede carrière, in de radicale journalistiek, past mij dus als een handschoen.”

Karl van Camp houdt van uitdagingen, dat is een feit.

Kurt Ruegen