Eerbetoon aan Jacques Bainville (1879-1936)

Heeft het anno 2015 zin de journalistieke werken van een historicus uit het interbellum opnieuw in boekvorm uit te geven? Volgens de uitgeverij ‘Les Belles Lettres’ wel. Die publiceert nu een 350 bladzijden dikke bundel met artikels van Jacques Bainville (1879-1936), artikels die tussen 1924 en 1936 in het weekblad ‘Candide’ verschenen zijn.

De teksten en de auteur zijn om meer dan één reden interessant. De periode die behandeld wordt – van 1924 tot 1936 – was cruciaal in het Europese interbellum. 1924 was het jaar van de Frans-Duitse verzoening na de Eerste Wereldoorlog. Onder Aristide Briand dacht Frankrijk dat Europa voor lange tijd vrede zou kennen. In 1936 is het tij gekeerd. Adolf Hitler is rijkskanselier, het gedemilitariseerde Rijnland wordt opnieuw bezet en een oorlog lijkt meer en meer realistisch. Bainville waarschuwt na het ‘pacifistenjaar’ 1924 al zeer snel voor overdreven optimisme. Hij behoort niet tot de pacifistische school, en denkt dat het Verdrag van Versailles uit 1919 de kiemen van een nieuw conflict in zich draagt. Bainville vindt dat Frankrijk zich moet voorbereiden op die oorlog. Hij krijgt het verwijt germanofoob en oorlogszuchtig te zijn. Net als zijn leermeester Charles Maurras van de Action Française, die Bainville in zijn krant binnenhaalt als specialist buitenlands beleid.

Overtuigd monarchist

Bainville schreef dus niet alleen voor ‘Candide’ maar ook ‘Action Française’. Hij hoort er echt thuis, want de Parijzenaar is een overtuigd monarchist. Dat wordt duidelijk in zijn historische werken. Deze boeken hebben nog een grote actualiteit. Het beleid van de Franse koningen wordt opgehemeld in ‘Histoire de France’ (1924). De monarchie stond sterker dan de huidige democratie, schrijft hij in ‘La Troisième République’ (1935). De monarchist Bainville is ook de auteur van een standaardbiografie van Napoleon, maar het is vooral zijn ‘Les Conséquences politiques de la paix’ (1920). De titel verwijst naar het werk van de Britse econoom John Maynard Keynes (‘The economic consequences of peace’) waarin hij waarschuwt voor de nefaste economische gevolgen van het Verdrag van Versailles uit 1919: dat Duitsland bepaalde rijke ertsgebieden verliest en zware herstelbetalingen zal moeten ophoesten, zal onvermijdelijk leiden tot Duitse revanchegevoelens en een nieuwe oorlog. Ook Bainville voorspelt dit in zijn werk, maar hij vindt niet dat men Duitsland te vriend moet houden. Als Franse nationalist wil hij een vastberaden optreden tegen elke Duitse poging tot herbewapening. Wanneer Hitler in 1933 aan de macht komt en een paar jaar later stilaan de oorlogstrom roert, merkt Bainville dat de Franse beleidsmakers kiezen voor de pacifistische piste. Hij waarschuwt voor een slechte afloop, en zal gelijk krijgen. Al is Bainville een rabiate anticommunist, hij beschouwt nazi-Duitsland omwille van zijn antibolsjewisme zeker niet als een potentiële bondgenoot.

Economische inzichten

Bainville beperkte zich niet tot geopolitieke analyses. Hij was een intellectuele duizendpoot en dat had leermeester Charles Maurras graag. Voor literaire analyses haalde hij zijn neus niet op. Zelfs in de beurskoersen was hij geïnteresseerd. In 1924 was de crisis en de Grote Depressie van 1929 nog veraf, maar Bainville maakte toen een analyse van het financiële stelsel dat negentig jaar later nog altijd zeer actueel klinkt: “Nietzsche zei dat vrijheid een idee van slaven is. En nu lijkt het erop dat de plutocratie een socialistische uitvinding is. Het resultaat is dat bankiers over het lot van burgers beslissen en dat boven het hoofd van politici en regeringen. Dat heet vandaag democratie. En men wordt reactionair genoemd als men daaraan durft te twijfelen.”

Blum bijna gelyncht

Jacques Bainville overlijdt op 9 februari 1936. De Grote Depressie en haar gevolgen maakt hij nog mee. De grote wereldbrand niet.  De begrafenis van Bainville op 13 februari 1936 is de gelegenheid voor de Action Française om één van haar meest gerespecteerde leden te eren. De lijkstoet vordert zeer traag en zorgt in Parijs voor een verkeersopstopping. Eén van de wagens die in de file vastzit, is die van de socialistische leider Léon Blum, die later de Volksfrontregering zou leiden. Er bestaan verschillende versies van wat toen gebeurd is, maar naar verluidt zou de wagen van Blum geprobeerd hebben door de lijkstoet te rijden. Een aantal leden van de Camelots du Roi, een militie die vroeger direct gelinkt was aan de Action Française, herkent Léon Blum. Een ruit van de wagen wordt ingeslagen en Blum krijgt rake klappen. Er wordt geroepen: “A mort Blum!” De man wordt bijna gelyncht. Slechts dankzij de tussenkomst van een aantal arbeiders, die op een naburige werf aan de slag waren, kan hij worden ontzet. Sindsdien wordt Bainville door links vaak gelinkt aan die gebeurtenissen, zonder dat men aandacht heeft voor zijn bijdragen tot de geschiedschrijving.

Salan