Spanningen bij de werkgevers

Vandaag, 1 juli, wordt Hans Maertens de nieuwe gedelegeerd bestuurder van de Vlaamse werkgeversorganisatie Voka. Dat wordt geen gemakkelijke opdracht. De spanningen tussen de patronale organisaties VBO, Unizo en Voka lopen al een tijdje hoog op.

Toen begin april bekend raakte dat Hans Maertens, topman van Voka West-Vlaanderen, de nieuwe gedelegeerd bestuurder van de koepelorganisatie in Brussel werd, keken ondernemers en bedrijfsleiders vreemd op. Was uittredend CEO Jo Libeer niet goed bezig? Vormde hij geen goede tandem met voorzitter Michel Delbaere? Beiden staan bekend als West-Vlamingen die kiezen voor een no-nonsense-aanpak.

Zouden er interne spanningen zijn geweest bij Voka? Officieel werd er geen echte reden gegeven voor het vertrek van Libeer, die ondertussen de biënnale Interieur in Kortrijk leidt. Maar ‘off the record’, zoals dat heet, zat er wel degelijk een haar in de boter bij Voka. Het probleem is dat Jo Libeer al jaren niet meer door dezelfde deur kan met Pieter Timmermans, topman van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO). De afkeer is bijna persoonlijk. Journalisten hebben het bijvoorbeeld zeer moeilijk om de twee samen te krijgen voor een interview.

De aversie tussen Libeer en Timmermans is symptomatisch voor de spanningen tussen Voka en VBO. Voka zit als Vlaamse werkgeversorganisatie niet aan tafel bij het sociaal overleg binnen de federale zogenaamde Groep van Tien, die alle belangrijke beslissingen neemt zoals het vastleggen van de loonnorm, het afsluiten van een interprofessioneel akkoord en de concrete invulling van de brugpensioenregeling. In het verleden heeft Voka al geprobeerd in te breken in die Groep van Tien, maar dat is niet gelukt. Dus moet de Vlaamse werkgeversorganisatie met lede ogen zien hoe het VBO al te vaak kiest voor makke compromissen met de vakbonden. Zoals dit voorjaar nog, toen de sociale partners een akkoord bereikten over de beschikbaarheid van bruggepensioneerden voor de arbeidsmarkt. De regeling die vakbonden en werkgevers hadden getroffen, was minder streng dan wat de regering had vooropgesteld. Het VBO neemt in het dossier van het brugpensioen nog altijd een zeer dubbelzinnige houding aan. Officieel is men tegen, maar aan de andere kant is het een handige en niet te dure manier om oudere werknemers te laten vertrekken. Vooral grote bedrijven – de geldschieters van het VBO – maken daar gretig gebruik van. Voka daarentegen vindt het niet kunnen dat een belangrijk deel van de ontslagkosten zo naar de belastingbetaler wordt doorgeschoven.

Het is ook zo dat Pieter Timmermans het zeer formele sociaal overleg binnen de Groep van Tien verkiest boven meer discrete onderhandelingen via allerlei achterkamertjes, waar Jo Libeer een specialist in is. De spanningen tussen beide heren dreigden volgens sommigen binnen Voka de relatie tussen de werkgeversorganisaties duurzaam te verzieken. Vandaar dat er een ‘exit’ gezocht werd voor Libeer. Want in de toekomst zijn VBO en Voka tot samenwerking verplicht, nu de zesde staatshervorming extra bevoegdheden rond arbeidsmarktbeleid overdraagt naar de deelstaten. Vraag is of de relaties tussen Voka en VBO met Hans Maertens zullen verbeteren. Het DNA van de twee werkgeversorganisaties is zo verschillend dat samenwerking moeilijk blijft. VBO is een verzameling van sectoren die opkomen voor particuliere belangen zonder het algemene plaatje te bekijken. Voka is een vereniging van individuele bedrijven en is minder onderhevig aan wat we werkgeverscorporatisme kunnen noemen.

De spanningen tussen VBO en Voka zullen blijven, net als met Unizo. De organisatie van Karel van Eetvelt is allang niet meer de belangenorganisatie van de slager en de kruidenier achter de hoek. Het is een kmo-werkgeversorganisatie die meer en meer op het terrein komt van Voka en VBO. Karel van Eetvelt staat erom bekend iets radicalere standpunten in te nemen dan het VBO. Dat wordt door Timmermans en co niet altijd in dank aanvaard.

Maar vooral: er zit een haar in de boter tussen Unizo en het VBO sinds Pieter Timmermans verklaarde dat de maatregelen van de regering-Michel (indexsprong en lastenverlagingen) genoeg waren om de loonkostenhandicap van de Belgische bedrijven ten opzichte van die in de buurlanden weg te werken. Inmiddels heeft Timmermans zijn uitspraken bijgestuurd, maar het is eigenlijk te laat: nieuwe lastenverlagingen zullen in eerste instantie de burger ten goede komen, is in de Wetstraat te horen, en niet de bedrijven. Van Eetvelt neemt dit het VBO zeer kwalijk. De verschillende werkgeversorganisaties zijn dezer dagen niet de beste vrienden.

Bovendien is er een meningsverschil over de inhoud van een mogelijke ‘taks shift’. Een belastingverschuiving naar btw, dat vindt het VBO, dat vooral grote bedrijven vertegenwoordigt, geen probleem. Unizo daarentegen vreest dat kleine zelfstandigen zullen lijden onder de gestegen prijzen door de hogere btw.

Angélique Vanderstraeten