VRT mag Vlamingen niet voor de gek houden

VRT mag Vlamingen niet voor de gek houden

Met “Verdeelde klas”, de Koppen-reportage van vorige week, kregen we een schitterend voorbeeld van de manier waarop de openbare omroep van journalistiek politiek wil maken. Nieuws was er niet, maar dan wordt er nieuws “gemaakt”. De uitzending moet een poging geweest zijn om aan te tonen hoe racistisch de Vlamingen wel zijn. Voortgaande op de felle reacties op de sociale media, maar ook op de reacties van een aantal wetenschappers werd dat geen al te groot succes.

Wat we te zien kregen, was een staaltje van “constructieve journalistiek” waarmee de VRT ons een schuldgevoel wil aanpraten. Eerst even samenvatten: ingeleid door wat sombere straatbeelden uit Antwerpen en ondersteund door een antiracistisch liedje, duiken we een lagere school in Borgerhout binnen.

Meester Jan Bergs splitste er op vraag van de Koppen-redactie zijn vijfde leerjaar op basis van de kleur van hun ogen. Een kopie van wat de Amerikaanse juf Jane Elliot in haar klas in de vorige eeuw hem voordeed.

De eerste dag waren de bruinogigen “de goei”, de tweede dag de blauwogigen. Om beurt mocht de ene groep, maar dan vooral toch de meester, de andere groep eens ferm pesten in de klas, in de gymzaal, op de speelplaats…

Tot hier niets aan de hand. Met een rollenspel aantonen dat groepsgevoel uit de hand kan lopen, daar is niets mis mee.

Schreef

Dat groepsgevoel is in de meeste gevallen onschadelijk. Ongelijkheid en competitie is de essentie van de hele samenleving, de motor van sport, economie, cultuur, politiek, relaties, et cetera. Geen mens die zijn eigen familie, buurt en territorium niet positief discrimineert.

Het is zoals rijden in het verkeer. Niets aan de hand, tenzij je over de schreef gaat. Vanzelfsprekend heeft de mens – in ontwikkelde en democratische samenlevingen althans – de negatieve en de pijnlijke kanten van dit verhaal met wetgeving ingeperkt of uitgeschakeld. Om die reden is het evident dat racisme wordt bestreden.

Had de Koppen-reportage (lees, de VRT) dit willen aantonen, dan was er geen probleem. Helaas leidde een gemene slordigheid tot begripsvervuiling. De hele reportage door hadden Jan en Jane het over “racisme”, terwijl de proef alleen discriminatie aantoonde. En waar het racisme aan bod kwam, was het “uitgelokt” door de meester: “Beste kindjes, ooit de zwarte mens horen spreken van negers, bruine apen, bananenplukkers, et cetera…” Natuurlijk meester!

“Mensen met blauwe ogen worden?”… “Ingenieur, meester!” “Mensen met bruine ogen worden?”… “Vuilnisman, meester!” … Zo vlot en ongedwongen verliepen de conversaties.

Met hetzelfde gemak had meester Jan zijn klas kunnen verleiden tot lelijke uitspraken over dikkerdjes, rosharigen, Nederlanders, werklozen of stotteraars. Maar neen hoor, dat hoefde niet voor Koppen en de VRT. “Racisme” heet het beest en dat wordt “onderweg opgepikt”. Het zit niet in ons, het wordt ons aangeleerd. De programmamakers deden zelfs niet de moeite om in de academische wereld even repliek te vragen.

Jane Elliot, nu een oud vrouwtje, mocht de hele reportage van commentaar voorzien. Ze wist het meteen: de Hel van het Superracisme moet ergens tussen de Noordzee en de Maas liggen. “Waar hebben jullie de voorbije 50 jaar gezeten?”, flipperde ze verontwaardigd.

Helemaal irritant is dat dit spel zo eenzijdig werd gespeeld. Alsof groepsconflicten exclusief een westers, en in het bijzonder een Vlaams probleem zouden zijn.

Als bij toeval “getelefoneerd”, zinderde de al flink vooraf aangekondigde reportage van Koppen de dag erna nog eens goed na in de commentaren van wat kranten.

Reacties

Wie de sociale media een beetje volgt, had het echter meteen begrepen. Dit soort “constructieve” journalistiek pikken de Vlamingen niet meer.

De kranten moesten meteen gas terugnemen. In De Morgen stelden academici dat het wij-zijdenken “in onze natuur” ligt. Uit niets bleek dat het racisme in Vlaanderen groot zou zijn of zou toenemen. Ze verweten Koppen sensatiedrang om de kijkcijfers te manipuleren en eenzijdigheid, want van enige wetenschappelijke repliek op het spelletje van meester Jan was er geen sprake.

Hans op de Beeck en Tom Smits (KU Leuven) maakten brandhout van de VRT. Veertig jaar onderzoek ter zake werd compleet genegeerd. “Natuurlijk zijn racisme en discriminatie problemen die we moeten aanpakken. Maar het groepsdenken zelf krijg je niet weg. Dat zou al even moeilijk zijn als mensen te verbieden meer te houden van hun eigen familie en vrienden dan van onbekenden.”

Alain van Hiel en Arne Roets (UGent) waren op Knack.be evenmin mals. “Leuke tv, maar geen bewijs en zelfs gevaarlijk”, omdat kinderen en hun ouders de facto gebrandmerkt zijn in een uitzending met de bedoeling negatief gedrag uit te lokken. Positiever onderzoek over die materie haalt niet eens het nieuws. Zo worden vooroordelen alleen maar versterkt.

Niettemin blijven de redacteurs van De Morgen ontkennen dat taalachterstand “vanzelfsprekend” een probleem is in onderwijs of op de werkvloer, en blijven ze “oversized” uitpakken met verhalen over racisme in het onderwijs, op de werkvloer, en in ons onderbewustzijn.

VRT

Bij de VRT laten ze het niet aan hun hart komen. Voor Lin Delcour van Koppen was de uitzending geen wetenschap, maar een “sociale oefening”… En hiermee komen we stilaan bij de mannen die de VRT-touwtjes in handen hebben.

Luc Rademakers (52), algemeen directeur Informatie VRT, zegt in Knack (3 juni) dat hij meer macht heeft dan Johan vande Lanotte, waarvan akte. Zijn uitspraken over journalistiek zijn verontrustend. Journalisten moeten kritisch zijn, “maar kritiek moet de goede zaak dienen”. Alleen, het is iets minder duidelijk wat die “goede zaak” precies is.

Journalisten hebben een maatschappelijke verantwoordelijkheid “dat het op alle vlakken goed gaat met de samenleving”. Alleen durven de meningen daarover wel eens verschillen. Wat dan?

Het doel moet altijd zijn “de waarheid naar boven halen”. Dat zal wel, maar één klein detailke toch: wiens waarheid? De waarheid van de buitenmaats progressieve journalistengilde?

Constructief

“Nieuws moet meer zijn dan zomaar informeren, het moet oplossingen aanreiken.” Dat is de fameuze “constructieve” journalistiek, waarmee ook Björn Soenens als hoofdredacteur van Het Journaal zo graag schermt. De “constructieve journalisten” moeten voortaan “mensen verbinden”. Geen “bekvechten” meer, dus minder debat en tegenspraak. Geen nieuws meer zonder eigenzinnige selectie en duiding. Maar een synthese van de journalist die de sparringpartner moet worden van de politiek.

Rademakers en co zullen nog wat werk hebben om de wereld van die zotte gedachte te overtuigen. Zo bleek uit reacties van onder meer Rik van Cauwelaert (De Tijd), Bart Caron (voorzitter van de commissie Media in het Vlaams Parlement) en Pol Deltour (de nationaal secretaris van de Vlaamse journalistenbond).

De autochtoon is racistisch, de allochtoon niet. Dat wisten we natuurlijk al veel langer. Als Rademakers, Soenens en andere werknemers van de VRT zich voor de kar van een gekleurde “constructieve” boodschap plaatsen, dan past waakzaamheid en verzet. Ze mogen daar bij de VRT de Vlamingen niet te veel voor de gek houden.

‘t Pallieterke


Tags assigned to this article:
2015-24Hoofdartikel

Related Articles

Wanneer doekt de sp.a zichzelf op?

Ondanks de steun van de openbare omroep en een aantal kranten is het Publipart-schandaal een nieuwe slag voor de sp.a.

De geheimen van Steve Stevaert

Wordt er in de klassieke media in Vlaanderen nog aan echte journalistiek gedaan? Zelden. Een uitzondering was de reeks ‘de geheimen

Dossier: Vlaams-Brabant onder druk

De imperialistische honger van onze Franstalige landgenoten laat zich op veel plaatsen voelen, maar toch vooral in Vlaams-Brabant. In ‘t