Het Noorden boven

‘t Ging verder dan een familiale, een karakteriële en een huwelijkse belangstelling voor Duitsland. André Leysen behoorde tot een sociaal-culturele groep die onder de oppervlakte blijft in Vlaanderen en onbestaande is in de rest van België.

Bij het woord franskiljon weet een Vlaming waar hij aan toe is, bij het zelden gebruikte woord duitskiljon minder, maar het mag bij deze gelegenheid uit de kast gehaald worden. Franskiljons bestaan tot vandaag, maar jaar na jaar worden zij verzwindende folklore. Duitskiljons uiten zich amper, echter, door de voorspelde en voorspelbare moeilijkheden tussen de noordelijke en de zuidelijke landen van de Europese Unie en de eurozone, verstevigt hier te lande deze ondergrondse. Zeventig jaar na 1945 is het nog steeds delicaat zijn voorkeur voor Duitsland als partner- en vriendschapsland uit te spreken. Aanpappen met Frankrijk daarentegen, doet de Franstalige elite van België tot vandaag openlijk. Burggraaf Davignon was en is van die trend hét symbool met hoofdletters.

In 2007 ontving André Leysen van het magazine Trends een bekroning op maat: een Lifetime Achievement Award (een trofee voor een geslaagd economisch en maatschappelijk leven). Hij was toen 80 en verguld met de lofbetuiging en de golf van juichend applaus die hem in het Heizelpaleis overstroomde. Wat reeds jaren zijn deel had moeten zijn op dat moment, een adellijke Belgische titel, is hem nooit gegund, want… een tienerzonde, het lidmaatschap van de Hitler Jugend, en de sympathie voor Duitsland van zijn ouders en broer, werden hem nooit vergeven door het verenigde establishment van vorst en Belgische elite. André Leysen had het talent voor grootse zaken. Ook zijn uiterlijk speelde mee: groot, rijzig, sportief, met de bewegingen van Lee Marvin en de kop van James Cagney. Jaren voor iedereen het begon te doen, liep hij dagelijks zijn joggingrondes. Recepties afschuimen en klaplopen waren niet zijn kentrekken, wel dossiers instuderen, strategieën ontwikkelen en mijlen verder kijken dan zijn zakelijke relaties. Parallel met André Leysen ontving Albert baron Frère op dezelfde avond een Lifetime Achievement Award van Trends-Tendances, het Franstalige zusterblad van Trends. Typisch Belgisch: Frère droeg reeds jaren de titel baron, ondanks, of misschien net omdat hij zijn industriële en politieke strategie steeds en altijd openlijk verbonden heeft met Parijs. De Karolinger was en is een collabo van de Fransen.

Wat André Leysen in zijn laatste dagen over Griekenland en de gezondheid van de Europese Unie dacht, is gissen: in vroegere jaren zou hij niet geaarzeld hebben publiek stelling te kiezen, en die stelling week vaak af van wat politiek correct was. Dat hij door wat hij waarnam zich bevestigd zal geweten hebben in zijn jarenlange economische, politieke en psychologische alliantie met de oosterbuur, mag verondersteld worden. Het verbond van Gevaert met Bayer was pijnlijk, maar achteraf gezien visionair. Zijn rol bij de Treuhand voor de economische normalisering van de DDR na de val van de Muur (die deed wat Berlijn nu oplegt aan het privatiseringsfonds in Griekenland) was een eerbewijs van Berlijn voor zijn kunde en zijn genegenheid voor Duitsland. Het inschuiven van de holding Gevaert bij de Groep KB-Almanij werd de thuiskomst van een verloren zoon en een versterking van deze Vlaamse financiële spil, met haar groeiende tweede thuismarkt in Centraal-Europa.

Op 16 januari 1988, nauwelijks twee dagen voor de entree van Carlo de Benedetti in het Belgische topkapitalisme, ontmoet André Leysen, voor de Franstaligen een groot kaliber van het opbloeiende Vlaamse geld, gouverneur René Lamy van de Generale Maatschappij van België (GMB). Doel van het gesprek: de deelname van Gevaert in het kapitaal van GMB verhogen van 2,2 tot 5 procent. Het rendez-vous is pas voorbij of de Italiaan belt aan, met zijn pralines en de eenvoudige en vernederende boodschap: ik wil de GMB. André Leysen speelt mee in de talrijke episodes die volgen op die Italiaanse opera, die later een Franse cancan wordt met Suez als vedette. Opvallend en typisch is dat hij op 25 januari op een persconferentie aankondigt dat hij alles zal doen om GMB Belgisch te verankeren. Zijn partners contra de Benedetti en Suez zijn de Boerenbond, Ibel, Cobepa en Royale Belge uit eigen land, en Bayer, Deutsche Bank en Volvo uit het Noorden. Kort is er sprake van Philips. Leysen eist, als minimaal tegengebaar voor zijn redding van de verkalkte Vieille Dame, die de meer dan 150-jarige Generale dan is, dat haar leiding en beleid “vervlaamst” zal worden. Horreur! Que veut ce type? André Leysen haalt de verankeringsslag niet thuis, maar het kenschetst hem, want gedurfd en grootschalig.

Om zijn oorsprong en traditie te begrijpen, gaat niks boven een bezoek aan het luchtvaartmuseum Stampe & Vertongen in Deurne. In een galerijtje prijken foto’s van de mama van André Leysen, als inspirator en voorvrouw van de kakelverse vereniging van jonge luchtvaartpioniers. Zij was zelf piloot. In die tijd was 99 procent van de vrouwen in Vlaanderen moeder aan de haard.

F.C.