Briefje aan de studenten

Al dan niet gebuisd

Jongelui, commilitones,

Voor flink wat van jullie zijn de examens alweer voorbij en lacht een lange zomervakantie jullie toe. Eind september, begin oktober is nog ver weg en de tijd van genieten, reizen, festivals bijwonen, gewoon niks doen, op kamp gaan met jeugd- of jongerenbeweging, een vakantiejobke doen, wat sociaal werk leveren of gewoon zich wat vervelen… is welgekomen. Voor een ander deel van het jonge volk moet de vakantie willens nillens gebruikt worden om zich voor te bereiden op ‘een tweede zit’ eind augustus, begin september. Wat minder vakantie weliswaar, want toch altijd met die herkansing en het beeld van de dikke studieboeken in het achterhoofd. Maar… hoop doet leven, nietwaar?! Natuurlijk is er ook een contingent waarvoor het nu al ‘over en uit’ is, omdat zij na de eerste zit al te horen kregen dat zij ‘elders gelukkiger zouden kunnen worden’ door bijvoorbeeld een andere studierichting te kiezen of misschien zelfs werk te gaan zoeken.

De democratisering van het onderwijs heeft er onder meer toe geleid dat studenten een stuk mondiger zijn geworden, maar ook meer dan ooit op hun strepen gaan staan. Terwijl vroeger aan universiteiten en hogescholen vooral mondelinge examens werden afgelegd en veel afhing van de persoonlijke inzichten en bijwijlen zelfs de willekeur van de prof of de docent, is één en ander verschoven in de richting van meer schriftelijke examens en objectievere beoordelingscriteria, al blijven de verbeteraars nog altijd wel een zekere autonomie behouden in het beoordelen van antwoorden op open vragen.

Studenten die zich benadeeld voelen of iets tegen een examinator hebben, doen vandaag meer en meer een beroep op de zogenaamde Raad voor Examenbetwistingen, waar zij klachten gaan neerleggen tegen de hen toegekende studieresultaten. In 2014 waren er 548 beroepen. Dit jaar verwacht men er al zo’n 700. En dat aantal zal niet afnemen. Uiteraard is een flink deel van die betwistingen op overmacht gebaseerd: medische redenen, bijvoorbeeld in het ziekenhuis liggen tijdens het examen, of familiale omstandigheden, een begrafenis van een naast familielid de dag voor of van het examen, of andere redenen die het normale verloop van het examen kunnen verhinderen. Wellicht heeft zowat iedereen daar begrip voor en daar hebben wij het hier niet over. Maar er zijn vooral een berg klachten die de beoordeling zelf fundamenteel in vraag stellen, of de niet-toekenning van een vrijstelling of een examentuchtbeslissing (als men bijvoorbeeld verdacht werd van examenfraude), enzovoort. Vaak zijn het krampachtige pogingen om alsnog te slagen en beslissingen te doen herzien. Het is een beetje vreemd dat van alle geslaagde studenten er geen enkele de studieresultaten in vraag stelt. Begrijpelijk, want als men ‘er door is’, stelt men zich immers geen vragen bij het systeem en de docenten. Dan leeft men in de beste der werelden.

Waar zit het probleem dan? Impliceert één en ander dan dat zij die gebuisd zijn in principe oneerlijk of onrechtvaardig behandeld werden? Natuurlijk niet. De knoop van het verhaal zit hem bij degenen die niet op het juiste niveau zitten, of verkeerde keuzes hebben gemaakt, of gewoon de leerstof niet aankunnen, of veel te weinig hebben gedaan doorheen het jaar en dat niet willen inzien. De Raad van Examenbetwistingen verklaart uiteindelijk dan ook maar een derde van de klachten gegrond, waarvan het grootste deel – zo’n 40 procent – deze zijn inzake overmacht. Een hoop ongegronde klachten dus, die we moeten catalogeren onder ‘goed geprobeerd, maar iets te doorzichtig’.

Wie er voor werkt, op zijn niveau zit, zichzelf niet overschat, zich normaal gedraagt en voldoende studiediscipline aan de dag kan leggen, die komt er uiteindelijk wel, al of niet met een tweede zit. Dat laatste is wat vervelend, maar op zich geen ramp. Heel vaak loopt dat immers nog goed af.

Niettemin wensen we aan alle jongelui een mooie zomertijd, een klachtenvrije afronding van hun studies en uiteindelijk een diploma onder het motto ‘loon naar werken’. Gaudeamus igitur!

‘t Pallieterke


Tags assigned to this article:
2015-31Briefje

Related Articles

Borluut (Gent)

Gent, zoveel fietsenstallingen “Iedere Gentenaar moet een fietsenstalling hebben op minder dan honderd meter van zijn voordeur”, sprak onze schepen

Een beeld voor Willem I

Groot nieuws voor iedereen die het orangistische hart op de juiste plaats draagt: als alles goed loopt, wordt er in

Medialand

Syriza roept kritische journalisten op het matje We vermeldden verleden week al hoe proletariër Bruno Tersago in De Standaard zijn