Neckers

De Rosenbergs

De VRT-buitenlandcorrespondenten verdwijnen. Gedaan dus met hun gewoonte om op kilometers van een ramp of gebeurtenis te staan, Brussel te bellen, te vragen “Wat zegt CNN?” en dat vervolgens te vertellen als eigen observatie.

De onschuldigen

Ik kom nog uit de tijd van Roger Simons, Patrick van Hulle en zelfs Jan Albert Goris en zijn “De stem uit Amerika”. Goris (ofte Marnix Gysen) had een paar zwarte beesten. Eén ervan was het Amerikaanse gerecht dat vrijwel zeker onschuldige mensen als de Rosenbergs naar de elektrische stoel stuurde. Goris stond bepaald niet alleen. Sartre, Picasso en alles wat pseudo-links was in de wereld nam het voor het koppel op. Zelfs Einstein en paus Pius XII vroegen genade aan president Eisenhower. Die weigerde. Julius en Ethel Rosenberg werden geëxecuteerd en hun lot werd tientallen jaren becommentarieerd in duizenden artikels en stapels boeken. De Rosenbergs stierven tweeënzestig jaar geleden, maar feitelijk weten we eerst sinds een paar jaar hoe de hele affaire in elkaar zat. De Rosenbergs waren twee Joodse New Yorkers die elkaar in de communistische jeugd vonden. Julius was een ingenieur. Tijdens de oorlog werkte hij in een lab van het Amerikaanse leger. In 1945 vloog hij aan de deur, omdat men ontdekte dat hij communist geweest was of het nog was. De Rosenbergs begonnen met een winkel, waar ze allerlei toestellen verkochten, maar het was geen succes. In 1950 werd Julius gearresteerd toen hij zich stond te scheren. De Koreaanse Oorlog was een maand oud. Een maand later volgde zijn vrouw hem in de gevangenis. Nog een paar maanden later werd het koppel schuldig verklaard op basis van een spionagewet uit het oorlogsjaar 1917. Een rechter veroordeelde hen ter dood, maar de Rosenbergs gingen tot en met het Hooggerechtshof in beroep. Na twee jaar was er geen uitstel meer mogelijk. Iedereen in de VS en Europa die intellectueel wat voorstelde, protesteerde, maar het hielp niet. Julius stierf meteen, maar Ethel kreeg drie zware stroomstoten vooraleer ze overleed. Zeer lang bleef de dood van die “onschuldigen” een schandvlek op het Amerikaanse wapenschild.

De schuldigen

Wat was er echt gebeurd? In 1943 verbraken de Rosenbergs alle contacten met de Amerikaanse communistische partij. Ze zegden zelfs hun abonnement op de communistische krant Daily Worker op. Achteraf werd duidelijk dat dit doorgestoken kaart was, want eind 1942 ontmoette Julius een belangrijke Sovjetspion, en hij begon duizenden documenten over raketonderzoek te kopiëren. Het was helemaal een feest voor de Sovjets toen Rosenberg hen meedeelde dat zijn ook al communistische zwager David Greenglass (broer van Ethel) in 1944 een baan kreeg bij het Manhattan Project, in Los Alamos, waar men probeerde een atoombom te bouwen. Via Rosenberg kwam ook Greenglass aan boord van het Sovjet-scheepje. Eind 1944 bezorgde Rosenberg de Sovjets een blauwdruk van een raket die, in een verbeterde versie, zestien jaar later een Amerikaans spionagevliegtuig zou neerhalen (het U2-incident). Ook Greenglass leverde interessante schetsen. Nadat Rosenberg na de oorlog bij het leger vertrok, stopte hij niet met zijn activiteiten. Hij rekruteerde nieuwe spionnen en speelde hun informatie door aan de Sovjets. De Amerikanen slaagden er wel in de mededelingen te onderscheppen (het Venona-project) die de geheime Sovjetdiensten naar Moskou zonden, maar de Sovjets gebruikten natuurlijk codenamen. En de Amerikanen wilden niet dat de Sovjets enig vermoeden hadden van Venona. In 1949 kregen de Amerikanen twee zware schokken te verwerken. Mao en zijn bende veroverden heel China en de Sovjet-Unie liet vroeger dan verwacht een atoombom ontploffen. Nu werd alles op alles gezet om de westerse spionnen te ontmaskeren die de atoomgeheimen hadden verklapt. Begin 1950 werd de tot Brit genaturaliseerde Duitse fysicus Klaus Fuchs gearresteerd. Misschien herinneren oudere lezers zich het voortreffelijke toneelstuk “Voorlopig Vonnis” van Jozef van Hoeck, dat over de dilemma’s van Fuchs ging. Rosenberg gaf zijn zwager de goede raad naar Mexico te vluchten en hij begon voorzorgsmaatregelen te nemen om met zijn gezin hetzelfde parcours te volgen. De koerier van Fuchs, een Amerikaan van Joods-Russische afkomst, werd ook gearresteerd, ging door de knieën en noemde de naam van Greenglass. Die werd vervolgens bij de kraag gevat en hij vertelde dat zijn zwager de leider van een spionagenetwerk was. Het FBI pakte Rosenberg op, maar twijfelde en liet hem na ondervraging weer vrij. Maar toen begon de oorlog in Korea en deze keer ging Julius definitief achter de tralies. Een maand later volgde zijn vrouw Ethel zijn lot. Het koppel had twee kinderen, die er plots alleen voor stonden, en die arrestatie was duidelijk bedoeld om Julius door de knieën te laten gaan. De Amerikanen hadden duidelijk geen idee van de enorme communistische discipline, want de Rosenbergs beriepen zich op hun door de grondwet gegarandeerd zwijgrecht. Ethel Rosenberg werd ten slotte ook een hoofdverdachte toen broer David Greenglass haar beschuldigde dat zij al het typwerk voor de spionageclub deed. In werkelijkheid deed de vrouw van Greenglass dat werk, maar hij zei later: “Ik moest kiezen tussen mijn vrouw en de moeder van mijn kinderen, en mijn zuster.”

De zondebokken

Jan Albert Goris had op één punt wel gelijk. Het proces was een schande. Heel de tijd overlegde de assistent van de openbare aanklager Roy Cohn (Joods) informeel met rechter Kaufman (ook al Joods) om de jury te beïnvloeden. Dat lukte. De Rosenbergs werden schuldig verklaard, waarna Kaufman het doodvonnis kon uitspreken. Aan de vooravond van de executie liet president Eisenhower verstaan dat hij eventueel genade wilde verlenen mits een bekentenis van schuld. Dat pakte niet bij die geharnaste stalinisten. Een bekentenis kwam de Sovjet-Unie niet uit, dus verkozen zij te zwijgen en te sterven als martelaren. Ethel, die de activiteiten van haar man wel kende maar voor de rest onschuldig was, verkoos haar kinderen in de steek te laten ter wille van de partij. Tientallen jaren bleef de controverse sudderen, maar geleidelijk kwam er klaarheid. De spionage van David Greenglass bleek achteraf vrij onbetekenend. Hij kwam na tien jaar vrij. In 1995 maakten de Amerikanen het Venona-project bekend en gaven toe dat Klaus Fuchs wel een Sovjet-spion was maar niet de belangrijkste helper van de Sovjets. Dat was de Joodse Amerikaan Theodore Hall, die nooit betrapt werd. Al bij al waren de Sovjets er met hulp van hun spionnen in geslaagd één jaar tijdwinst te boeken bij de bouw van hun atoombom. Julius Rosenberg was dus niet het belangrijkste radertje in het spionagenetwerk, maar hij was op de verkeerde plaats op de verkeerde tijd. De Koude Oorlog was in volle gang en de Amerikanen kregen in de eerste weken van de Koreaanse Oorlog vreselijke klappen. De Verenigde Staten waren daarenboven al een paar jaar in de ban van de Rode Angst (Red Scare), nadat de vroegere bondgenoot Oost-Europa onder de voet had gelopen en Berlijn had geblokkeerd. Overal werden echte en vermeende Sovjetspionnen gesignaleerd. Meerdere Amerikaanse politici, zoals Richard Nixon en Joseph McCarthy, begonnen aan een succesvolle loopbaan door met succes in te spelen op de angst voor de Sovjets. Ambtenaren moesten overal loyaliteitsverklaringen ondertekenen. Heel Hollywood, waar nogal wat modieuze saloncommunisten huisden, werd op de rooster gelegd. Carrières werden gemaakt en gebroken. De Rosenbergs waren in zekere zin gemakkelijke zondebokken. Zij bleven de enige Amerikaanse burgers die tijdens de Koude Oorlog geëxecuteerd werden voor spionage.

Jan Neckers


Tags assigned to this article:
2015-29Jan Neckers

Related Articles

De eeuwigdurende EU davert op haar grondvesten

Op het ogenblik dat we dit schrijven, staan we – alweer – aan de vooravond van een cruciale dag voor

Nationaal Stadion

Brusselse expansieplannen worden duidelijker De kranten brengen momenteel weinig nieuws over het geplande nationale voetbalstadion in Grimbergen, maar achter de