2015-28_15_Sport (Medium)Daar is het Tourcircus weer

Ze zijn vertrokken

Het is weer zover. Laat het Tourcircus maar op gang komen. In de hoop dat de artiesten ons van de start in Utrecht tot aan de prijsuitdeling op de Champs Élysées drie weken lang gaan amuseren. We wensen alle 198 deelnemers een behouden aankomst in Parijs, en de wind vanachter. Het eerste zal wat veel gevraagd zijn. Het tweede zullen ze nodig hebben tijdens de 3.360 kilometers die hen te wachten staan, met 58 te beklimmen cols, een half dozijn loodzware bergritten en een laatste week die moordend belooft te worden.

Elf om te zien

Wat mogen we verwachten van de elf Vlaamse renners die door de pers steevast tot Belgen worden gedegradeerd? Niet al te veel, vrezen we. Debutant en belofte Tim Wellens mag ons altijd verrassen en verdient krediet omdat hij nog een vracht leergeld moet betalen. Voor het overige treden we de stelling van Patrick Lefevere bij. “We zijn een groot wielerland geweest, maar met de huidige lichting renners  is het ons geraden bescheiden te blijven”, aldus de door de wol geverfde sportieve baas van Etixx-Quick.Step, die met zijn ploeg wel op rittenwinst mikt en genoeg potentieel in huis heeft om het waar te maken.

Wie doet het?

Twee jaar geleden mocht Jan Bakelants enkele dagen met de gele trui uitpakken. Die  kleur stond hem schattig. We gaan hem niet tegenhouden als hij dat, tot aan de Alpen, nog eens wil overdoen. Met Greg van Avemaet is een ritoverwinning nooit ver weg. En van kasseivreter Sep Vanmarcke verwachten we dat hij woord houdt. “Ik heb de rit naar Cambrai al uitgebreid verkend. De ploegleiding heeft het licht op groen gezet om een gooi te doen naar de ritzege. Laat de kinderkopjes maar komen.” Een man, een woord? We zullen het begin van deze week al weten.

Klavertje vier

Met Contador, Nibali, Froome en Quintana stonden de vier topfavorieten gezond en wel en goed voorzien van oren en poten aan de start in Utrecht. Om er de komende weken een Spaanse, Italiaanse, Britse en Colombiaanse schermutseling van te maken. Spektakel verzekerd. Andere gegadigden mogen ons altijd verbazen. We hopen voor de hele meute dat valpartijen dit keer geen roet in het eten gooien, zoals verleden jaar, en dat de man met de houten hamer een beetje genadig mag zijn voor de mindere goden en de dappere waterdragers die het vuile en ondankbare werk opknappen.

Primeur

Met Utrecht als decor en om de toeschouwers daar een extraatje te gunnen, hadden de organisatoren er niets beter op gevonden dan de feestelijkheden te openen met een individuele tijdrit van amper 13,8 kilometer. Niet meteen een afstand om duizelig van te worden. Het gaf die massa die ernaar stond te kijken wel de gelegenheid om de renners één voor één aan het werk te zien. De Eritreeër Daniel Teklehaimanot wist niet wat hem overkwam toen hij, onderweg aangemoedigd door honderdduizenden, de proloog op gang mocht trekken. Zijn Ronde van Frankrijk is nu al geslaagd. Waar hij gaat eindigen in de rangschikking is bijkomstig. Na zijn triomftocht door de straten van Utrecht is hij wereldberoemd in Eritrea en omstreken.

Revelatie

De Zwitserse gentleman en turbo, Fabian Cancellara, eindigde derde in de proloog en spaarde zijn lof niet voor de eerste geletruidrager in deze Ronde. “De hitte maakte het verdomd lastig, maar die omstandigheden gelden ook voor de andere renners. Rohan Dennis mag een pluim op zijn hoed steken voor zijn straffe prestatie. Hij heeft verschrikkelijk hard gereden.” Dat zal die andere specialist tijdrijden, Tony Martin, die met de tweede plaats vrede moest nemen, niet ontkennen. Ze hebben er met de Australiër Dennis een klepper bij, waarvan we het laatste nog niet hebben gezien. Met een gemiddelde snelheid van 55,445 kilometer per uur en een nieuw Tourrecord, hadden de volgwagens moeite om hem bij te houden.

Antwerps feestje

Met het zondagse uitstapje richting Zeeland zat het spel voorgoed op de wagen. Althans voor de ploegen die op een ritoverwinning vlasten. Behalve af en toe een verkeersdrempel viel er op het 166 kilometer lange parcours tussen Utrecht en het kunstmatige eiland Neeltje Jans geen bult te ontwaren. Holland op zijn best, alles rimpelloos vlak, met een mild Noordzeebriesje als welgekomen lafenis. Een kolfje naar de hand van de sprinters, dus? Daar konden we donder op zeggen. Waarom zouden we dat doen? Het was zo al voorspelbaar dat het op een massaspurt zou eindigen. Het was minder voorspelbaar dat een uitgerafeld peloton de geletruidrager anderhalve minuut aan zijn broek zou lappen. Met Cancellara in het geel tussen al de leeuwenvlaggen, en ritwinnaar André Greipel maandag daarop aan de start op de Grote Markt van Antwerpen, zullen de ploeg van Lotto-Soudal, en Brabo van op zijn sokkel, in hun nopjes zijn.

Monument

Maandag trok de karavaan van Antwerpen naar Hoei. Van op de Antwerpse Grote Markt, over Borsbeek tot in Boechout, waar de officiële start werd gegeven, zag het zwart van het volk. Begrijp ons niet verkeerd, het had niets te maken met gekleurde medemensen die aan de boorden van de Schelde zijn aangespoeld. Het zwart is figuurlijk bedoeld. Als er te vieren valt, staan de sinjoren op de eerste rij. En wat is er feestelijker dan een peloton ronderenners, en al wat erbij hoort, om de sfeer erin te brengen? Alles moest wijken voor de wielergekte, want de Tour is een monument. En monumenten zijn er om gekoesterd te worden. Dat moest ge voorbije maandag in Antwerpen en omstreken geen twee keer zeggen. De verkeerschaos moesten we erbij nemen.

Het zal beteren

Ons hart brak toen we foto’s onder ogen kregen van elf ontroostbare meisjes die hun tranen de vrije loop lieten. Wie waren die ongelukkige wezens, en waarom zoveel verdriet? De meiden van de nationale hockeyploeg zaten in zak en as, omdat ze twee keer op rij, en op een haar na, de kans verspeelden om naar de Olympische Spelen in Rio te mogen. De nipt verloren wedstrijd tegen Zuid-Korea kwam hard aan, en de daaropvolgende nederlaag tegen Japan was fataal voor de Red Panthers. Het is een aparte gewaarwording om een nest neerslachtige panters te zien snikken en treuren. Met ons medeleven zijn ze niets vooruit. Volgende keer beter, moeten ze maar denken.

Word ’t stad wakker?  

De rood-witte hartjes van de Antwerpsupporters zijn vol verwachting. Daar maken ze geen geheim van. Tijdens het oefenmatchke tegen tweede provincialer Rochus Deurne zaten ze voorbije week met niet minder dan 4.200 hun ploeg aan te moedigen op de Bosuil. En het gaat crescendo. Wie half juli op het Rooi de oefenwedstrijd tussen Berchem Sport en Antwerp wil meemaken, zal zich moeten reppen om aan inkomkaartjes te geraken. Wat we de voorbije seizoenen als volkstoeloop te zien kregen op het Kiel was ook geen alledaags gegeven. Wie zei er dat het Antwerpse voetbal zo dood is als een pier?