Aandacht voor Vlaamse patiënten

In het verhaal rond multicultuur en meertaligheid dreigen cruciale verworvenheden verloren te gaan. Zo is er de mogelijkheid van Vlaamse patiënten om op een effectieve manier toegang te krijgen tot een huisarts in hun taal. Argumenten van efficiëntie dreigen dit recht op de helling te plaatsen.

Schaalvergroting, toename van efficiëntie, er valt wat voor te zeggen. Maar toch niet ten koste van de Nederlandstalige patiënten? In wezen is dat de essentie van de commotie. Laten we, om alles goed te begrijpen, even in de tijd terugkeren. Verschillende Brusselse huisartsen stelden enkele decennia geleden vast dat de toegang voor Nederlandstalige patiënten tot een Vlaamse huisarts problematisch was. Het oprichten van de Vlaamse Wachtdienst was hun antwoord op die situatie. Ruw samengevat: via een algemeen nummer, 24/24, 7/7, kon men in een mum van tijd een Nederlandstalige huisarts over de vloer krijgen. Al snel groeide het initiatief uit tot een succes. Tot een kwaliteitslabel ook. Alleen, de sociologie van de stad verandert. De vraag blijft, maar het aanbod mindert. En waarom niet één grote wachtdienst op touw zetten? De idee oogt mooi… op papier, maar in werkelijkheid zijn de bezwaren legio. Kernpunt is waar de garantie voor die Vlaamse patiënt precies ligt. Een reële nood lag aan de basis van de oprichting van de Vlaamse Wachtdienst. Maar hoe kan men in dit eenheidsverhaal daaraan tegemoetkomen? Een eerdere poging liep op een sisser af. Aan Vlaamse kant stemde slechts een kleine meerderheid in met het project, echter, het RIZIV eiste een bijzondere meerderheid. Resultaat: project afgevoerd. Er volgde wat later een tweede stemming, zij het dat men wat aan de spelregels prutste. Het ging niet langer om een integratie, maar om een samenwerking, luidde het officieel; dus was die bijzondere meerderheid plots geen vereiste meer. Lulkoek, bleek al snel, maar zo functioneert dit land nu eenmaal. Deze keer lukt het dus wel, maar de pertinente vragen van het begin blijven bestaan. Welke garanties heeft de Nederlandstalige patiënt in dit nieuwe verhaal? Nauwelijks tot geen, blijkt al snel. Onder meer in De Brusselse Post worden de puntjes op de i gezet. De betrokkenheid van Vlaamse huisartsen tot de wachtdienst is om begrijpelijke redenen sowieso vrij groot. De facto functioneren ze in een meertalige context, dus laat alle argumenten van kortzichtigheid maar achterwege. Alleen zien ze in de eenheidsworst die hen voorgesteld wordt onvoldoende garanties voor wat uiteindelijk hun bekommernis was. En dan is er het verhaal van Terranova, de enige Vlaamse Wachtpost voor Huisartsen in het Brussels Gewest. Even zag het ernaar uit dat die de ondersteuning ging verliezen. Als we dan toch naar een groot Brussels project gaan, waarom dan die ene post blijven behouden? Het antwoord vindt u enkele regels hoger. Het brengt ons terug bij de kern van het verhaal én het oprichtingsverhaal van de Vlaamse Wachtdienst. Maar zie, dit ene project is dan toch gered. Voorlopig voor dit jaar. Waakzaamheid blijft niettemin de boodschap.

KNIN.