Hogere btw op elektriciteit: de laatste valstrik van Di Rupo en Vande Lanotte

Toen de federale regering-Di Rupo in 2013 besliste de btw op elektriciteit te verlagen van 21 naar 6 procent, legde ze eigenlijk een valstrik voor de volgende regering. En de val is inderdaad opengeklapt. De regering-Michel verhoogt de btw opnieuw naar 21 procent en krijgt niet alleen de oppositie maar ook een deel van de eigen achterban over zich heen. Onterecht.

Even terug in de tijd: in de herfst van 2013 woedt binnen de federale regering-Di Rupo een hevige discussie over de hoge loonkosten waarmee de Belgische bedrijven kampen. Ze worden meer en meer weggeconcurreerd door buitenlandse ondernemingen. Binnen de regering-Di Rupo smeken de MR en vooral de Open Vld om de lasten op arbeid te verlagen. Maar de CD&V durft geen standpunt innemen en de PS is terughoudend. Een loonkostvermindering zou een cadeau voor de bedrijven zijn.

Toenmalig minister van Economie Johan vande Lanotte (sp.a) komt dan met een oplossing op de proppen: we verlagen gewoon de btw op elektriciteit van 21 naar 6 procent. Zijn redenering: dat is een cadeau voor de consument, die zijn factuur ziet dalen. En de lagere btw betekent ook dat de index van de consumptieprijzen minder snel zal stijgen. Door het systeem van de automatische loonindexering worden de lonen in België per direct aangepast aan deze prijsevoluties. Als de prijzen van elektriciteit dalen, zal een verwachte loonstijging worden uitgesteld. De bedrijven worden zo niet op extra kosten gejaagd en iedereen is tevreden. Het Planbureau berekende op bevel van Vande Lanotte dat de btw-verlaging 7.500 jobs zou opleveren.

De maatregel van Vande Lanotte doet denken aan de vele kortzichtige trucs van de paarse regering. Economen maakten de btw-verlaging dan ook met de grond gelijk. Immers, elektriciteit is een energiedrager en in het kader van een milieuvriendelijk beleid is het normaal dat zo’n product zwaarder belast wordt.

De Gentse econoom Gert Peersman wees erop dat dit op het eerste zicht een koopkrachtmaatregel was omdat de factuur daalt, maar op lange termijn levert dit een gezin niet 100 euro op, maar kóst het 7,5 euro, berekende hij. Dat komt omdat het gewicht van elektriciteit in de gezondheidsindex 7,5 procent hoger is dan in de werkelijke consumptie. Eigenlijk komt het erop neer dat de loontrekkende dit zogenaamde cadeau betaalt via het eigen loonbriefje. Peersman legde het anderhalf jaar geleden zo uit in een interview: “Een gemiddeld gezin dat leeft van een inkomen uit arbeid of van een uitkering, krijgt door de btw-daling een korting van 100 euro op de elektriciteitsfactuur. Maar via de index krijgen ze 108 euro minder inkomen omdat elektriciteit in de gezondheidsindex meer weegt dan in ons consumptiepakket. Zij verliezen dus koopkracht! Wie wint er ondertussen? Mensen die hun inkomen uit vermogen halen. Renteniers krijgen nu ook goedkopere elektriciteit zonder enig inkomensverlies.”

Economen voorspelden ook dat de maatregel een gat van honderden miljoenen in de begroting zou slaan. Die voorspelling is ook uitgekomen.

De regering-Michel heeft dan ook een verstandige beslissing genomen om de btw opnieuw te verhogen. Het is een maatregel die zal aanzetten tot milieubewust gedrag. Het past ook in het kader van de taks shift waarbij consumptie meer wordt belast als compensatie voor een verlaging van de loonkosten.  Maar de perceptie bij de bevolking is natuurlijk anders. Gesteund door de media, die niet verder kijken dan hun neus lang is (“hoeveel kost deze taksshift u?”, was een hit op de krantenwebsites), schreeuwt niet alleen de oppositie moord en brand. Ook de zichzelf ‘sociaal’ noemende achterban van onder andere N-VA. De btw-verhoging is een aantasting van de koopkracht, is te horen. Daarmee is de val die Di Rupo en Vande Lanotte hebben klaargelegd nu opengeklapt. “Hoe onsympathiek is deze regering niet?”, hoor je nu. En inderdaad, de regering-Michel zal moeilijk afraken van het imago van een regering die de energieprijs verhoogt. Terwijl de beslissing nochtans aansluit bij de economische logica.

Het zal voor de regering nog pijnlijker worden in het najaar. Zal ze de hogere btw op elektriciteit doorrekenen in de index? Dan wordt de indexsprong van 2 procent die de loonkost van de bedrijven moet verlagen, gereduceerd tot 1,6 procent. Open Vld en N-VA vinden dat de aandacht eerst moet gaan naar de verlaging van de loonkost, want dat zorgt voor jobbehoud en jobcreatie. Zij willen dat de btw-verhoging niet wordt gecompenseerd door de index.  Dus moet de indexsprong ten volle spelen. CD&V wil dan weer dat het effect van de prijsverhoging wel wordt doorgerekend in de index. Na het zomerreces gaat dat op de eerste ministerraden voor woelige discussies zorgen.

Angélique Vanderstraeten