Geen blad voor de mond

Mijnheer de professor,

Naar aanleiding van de vluchtelingencrisis die Europa op diverse terreinen in grote moeilijkheden brengt, mocht gij vorige week op Radio 1 uw zeg eens komen doen. Dat ze daar en elders fameus geschrokken zijn van uw mening ter zake, is nog zacht uitgedrukt. In uw gekende orakelende stijl naamt gij ongezouten taal in de mond, die onder meer de oren van uw gesprekspartner en collega-filosoof Devisch deden tuiten. In geen tijd ontpopte gij u in dat gesprek als militair en politiek strateeg, waarbij tal van professionelen ter zake schielijk verbleekten en als broekventjes werden weggezet. Als Filip Dewinter nog maar de helft zou gezegd hebben van wat gij daar kwaamt debiteren, zou het hek van de dam geweest zijn en zouden alle linkse en andere wolven uit het politiek-correcte bos aan het huilen zijn geslagen. Het was dan ook niet te verbazen dat in kringen van het Vlaams Belang men zijn oren niet geloofde en men begon te zeggen dat gij hun programma aan het voorlezen waart.

Maar gij zijt erin geslaagd de voorbije jaren een imago op te bouwen van flapuit, non-conformist en bijwijlen rechtse linkse. Dat kwam omdat gij nooit een debat uit de weg gingt, ook niet met uw grootste tegenstander. Daardoor kwam het dat gij meer dan eens ontdekte dat aan de overkant ook altijd wel een stuk van de waarheid ligt. Uw recente ontmoetingen – waarvan tv-kijkend Vlaanderen mee kon genieten – met bijvoorbeeld aartsbisschop Leonard en de Antwerpse burgemeester, zijn daar mooie voorbeelden van.

Terug naar Radio 1 van vorige donderdag. Als militair strateeg meent gij dat IS volkomen moet verpletterd worden, niet enkel met luchtaanvallen, maar ook met een efficiënt leger ter plaatse. Daarmee zit gij op de lijn van generaal Compernol en anderen. Daarnaast pleit gij, net als Filip Dewinter, voor een akkoord met de Syrische president Assad, onder meer om zijn eigen bevolking niet meer te bombarderen. Meer nog: volgens u moet er een akkoord gevonden worden met Poetin, bondgenoot van Assad, om een soort tijdelijke vrede tot stand te brengen tussen Assad en de meer democratische bevrijdingstroepen. Pak vast! De linkerzijde zal het graag horen…

En dan – als klap op de vuurpijl – geeft gij nog even mee dat gij het beu zijt telkens weer te moeten horen dat we al die vluchtelingen hier te onzent nodig hebben. Ik citeer: “Als we nu 10.000 Syriërs hebben, zullen er misschien wel 500 zijn die heel gepast zijn voor ons bedrijfsleven. Maar al die anderen zullen een belasting vormen voor onze sociale zekerheid. (…) Wij hebben 600.000 werklozen hier, en in Brussel is 35 procent van de jongeren werkloos. Ga dan niet vertellen dat we die werkkrachten hier nodig hebben; we hebben ze hier. (…) We hebben die mensen niet nodig, absoluut niet.” Bovendien waarschuwt gij voor de familiehereniging die daaruit zal volgen, en pleit gij voor de tijdelijkheid van de – weliswaar genereuze – opvang én kunt gij het ermee eens zijn dat men voorrang geeft aan de opvang van christelijke vluchtelingen omdat die in groter gevaar zijn dan bijvoorbeeld soennitische moslims. Ja wadde! Dewinter en staatssecretaris Francken zijn ooit voor minder met pek en veren besmeurd en weggejaagd…

Maar gij hebt gesproken en Vlaanderen heeft geluisterd. Het was eens een andere stem in dit door emotie en goedmenselijkheid verstikte debat dat in de verste verte verstoken blijft van structurele voorstellen om de conflicten in het Midden-Oosten ten gronde en oplossend aan te pakken. Het is goed dat gij de trommel eens roerde en stokken in het kippenhok gooide om de zwevers weer met de voeten op de grond te krijgen. Want elke politieke oppositie die er anders over denkt, wordt weggevaagd en niet gehoord. En krijgt dan nog het verwijt zich niet te laten horen… Onbewust hebt gij als een soort go-between nuttig werk gedaan in een rechtstreekse uitzending, waardoor gij voluit kondt gaan. Ik betwijfel of een opgenomen gesprek met u over deze aangelegenheden ooit uitgezonden zou zijn…