Eerste en enige Vlaamsgezinde burgemeester

Dit is een verjaardagsnummer, toch wat deze rubriek betreft. Precies zeshonderd zijn er inmiddels verschenen. Ruim twaalf jaar geleden begonnen we eraan, aanvankelijk tweewekelijks, maar al snel werd de frequentie verdubbeld. Niet alleen omdat Brussel belangrijk is, maar ook – en vooral – omdat vele dingen die in onze hoofdstad gebeuren een grote weerslag hebben op het ruime hinterland. En waarom zouden we het voor dit speciaal nummer niet eens hebben over één van die grotere Brusselaars uit de geschiedenis: Karel Buls.

Toegegeven, de keuze is niet helemaal toevallig. Zopas opende in het Archief en Museum voor het Vlaams Leven te Brussel (AMVB) een tentoonstelling over de man die wel eens als ‘de eerste en enige Vlaamsgezinde burgemeester van Brussel’ wordt omschreven. Beslist geen overbodige luxe. Want hoewel zijn naam vrij makkelijk over de lippen rolt, blijkt de kennis over hem toch wel lacunes te vertonen. Ook bij hen die er zich gewillig van bedienen.

Om te beginnen was Buls hét prototype van de autodidact. Van opleiding was de Brusselaar (beide ouders waren uit het Mechelse afkomstig) goudsmid, maar door zelfstudie leerde hij zichzelf enkele talen. Zeker aan Vlaamse kant linkt men hem steevast met het onderwijs in de hoofdstad, maar zijn interesse was breder. De wereldreiziger – hij ondernam heuse expedities naar Japan, Zuid-Afrika, Thailand en vele andere plekken – koesterde als geen ander het patrimonium van deze stad. En als (liberaal) burgemeester voerde hij consequent het woord bij de daad, jammer genoeg niet altijd met succes. De kringen die hij frequenteerde, in de tweede helft van de 19de eeuw, waren veelal Franstalig, van politiek tot loge. Toch verkondigde hij er in de taal van Molière consequent dezelfde boodschap. Er zat iets grondig mis in dat België van toen. De dominantie van het Frans, wat zich sterk liet voelen in het onderwijsaanbod in Brussel (en elders), zorgde ervoor dat vele Vlaamse kinderen in Franstalige klassen terechtkwamen, waar ze volstrekt niets begrepen van wat de juf vertelde. Daar moest verandering in komen, meende Buls.

Buls ijverde voor twee zaken: Vlaamse kinderen moesten bij het beëindigen van de lagere school niet alleen voldoende Frans kennen voor het middelbaar en meer, ze moesten ook voor de andere vakken het vereiste niveau halen. Uiteraard waren beide streefdoelen onlosmakelijk verbonden. De transmutatieklassen die hij als burgemeester in het stedelijk onderwijs voorzag, hadden precies die doelstellingen voor ogen. Hoger onderwijs, te beginnen met het middelbaar, was in de ogen van Buls een Franstalige aangelegenheid; men kan de man dan ook niet loskoppelen van zijn tijdscontext. Maar hij evolueerde. Later schaarde hij zich achter de vernederlandsing van de Universiteit van Gent, wat ook Nederlandstalig middelbaar onderwijs impliceerde.

Intellectueel oneerlijk is de manier waarop men de persoon Buls vandaag aan de idee van tweetalig onderwijs tracht te linken. Waar hij voor ijverde, heeft daar volstrekt niets mee te maken. Context en denkwereld waren immers fundamenteel verschillend. Op zich zegt dit meer over usurperende figuren, Guy Vanhengel (Open Vld) op kop, dan over de legendarische burgemeester als dusdanig.

KNIN.