2015-40_05_Dossier Eurostadion (Medium)Gaat eindelijk het licht aan bij Anderlecht?

Vorige week besliste voetbalclub Anderlecht niet langer deel te nemen aan het stadion-project op de Heizel. De topclub smeet daarmee regelrecht een bom onder het Brusselse mega-project. Zonder een ‘thuisclub’, die een pak huurgeld op tafel legt, is dit nieuwe stadion immers een doodgeboren kind.

De beslissing van Anderlecht is een zware opdoffer voor de voortrekkers van het stadion, genre Vanhengel en Courtois, maar toch hebben de Brusselse imperialisten de handdoek nog niet in de ring gesmeten. De club houdt de deur nog steeds op een kier. Indien er “betere afspraken” worden gemaakt, is alles nog mogelijk. Het gaat natuurlijk in de eerste plaats om geld. Een jaarlijkse huur van 10 à 11 miljoen euro is een fiks bedrag, zelfs voor een club met een jaaromzet van 60 miljoen euro.

Verdeelsleutel

Eigenlijk gaat het in de eerste plaats om een tactiek van de club om een lagere huurprijs af te dwingen. Vooral de kosten voor de veiligheid zijn een doorn in het oog. Topman Paul Gheysens van Ghelamco liet zaterdag meteen in zijn kaarten kijken: “Iemand moet de kosten dragen. De stad Brussel, de federale overheid en Grimbergen moeten nu een verdeelsleutel opstellen.”

Blijkbaar is de 5 miljoen euro die de stad Brussel jaarlijks zal ophoesten voor de uitbating nog niet genoeg. De gemeente Grimbergen wordt geviseerd omdat Parking C integraal op het grondgebied van die gemeente ligt. Bijgevolg kan deze Vlaamse gemeente taksen heffen op de parkeerplaatsen en de tickets. Daarvan moet nu een aanzienlijk deel terugvloeien naar de club. Grimbergen mag dus gaan betalen voor zijn eigen verfransing. Het federale niveau wordt dan weer genoemd omdat het met de federale politie gratis manschappen zou moeten leveren voor de ordehandhaving.

In een zetel

Anderlecht zit in een zetel: het kreeg in juni toestemming van het gemeentebestuur om een derde ring te bouwen op het Constant vanden Stockstadion in het Astridpark en kan zijn bezoekersaantal hierdoor optrekken van 21.500 naar 33.000. Anderzijds waren enkele Anderlechtbonzen zelf de drijvende kracht achter de bouw van een stadion op Parking C: een nationaal stadion met 60.000 plaatsen biedt een club als Anderlecht nog veel meer mogelijkheden en prestige, al moet men het (zeer terechte) verwijt van concurrentievervalsing voor lief nemen.

Toch zijn er binnen het Anderlecht-bestuur ook andere stemmen. Verscheidene bestuursleden hebben begrepen dat hun club haar ziel verkoopt aan de stad Brussel als ze zou wegtrekken uit het Astridpark. Op termijn zou zelfs de naam ‘Anderlecht’ op de helling komen te staan, vermits de zelfingenomen bestuurders van de hoofdstad met het nieuwe stadion vooral zichzelf en hun eigen stad willen promoten.

Komt nog bij dat het ver van zeker is dat er ooit een geldige bouwvergunning voor het nieuwe stadion zal worden afgeleverd. Het verzet tegen de komst van de Belgische voetbaltempel neemt dagelijks toe. Vooral de juridische argumenten ertegen worden met de dag sterker. Iedereen weet dat gedreven buurtbewoners in staat zijn de bouw minstens voor jaren te vertragen. “Beter één vogel in de hand dan tien in de lucht”, wordt geredeneerd. Het gezond verstand komt eindelijk bovengedreven.

Besix

Een aspect dat de kanteling bij het Anderlechtbestuur mee bewerkstelligd heeft, is dat hoofdsponsor Besix naast de selectie heeft gegrepen voor de bouw van het stadion. Het project van de Besixgroep eindigde pas als derde van de drie ingediende ontwerpen. Het vrij arrogante optreden van de Besix-woordvoerders bij de voorstelling van hun project droeg daar ongetwijfeld toe bij. Besix zou volgens La Libre Belgique wél betrokken zijn bij de mogelijke uitbreiding van het bestaande Anderlechtstadion.

Men mag tenslotte ook de rol van het gemeentebestuur van Anderlecht niet vergeten. Dat probeert al maanden koortsachtig te lobbyen om de club op het eigen grondgebied te houden. Het gaat om veruit de belangrijkste ambassadeur van de Brusselse gemeente en het schepencollege vreest terecht voor aanzienlijk prestigeverlies. Jammer genoeg hebben ze dit veel te laat ingezien en schoot het gemeentebestuur eeuwen te laat in actie.

BL


Grimbergen schrijft erg kritisch rapport

Een megaproject zoals het geplande Eurostadion heeft niet enkel een bouwvergunning maar tevens een milieuvergunning nodig. Die kan maar afgeleverd worden wanneer de aanvraag gepaard gaat met een gunstig Milieueffectrapport (MER). Daarvoor werden inmiddels de eerste stappen gezet: Ghelamco schreef een ‘kennisgevingsnota’ waarin het bedrijf een belangrijk deel van zijn plannen ontvouwde alsook de weerslag ervan op milieu en mobiliteit.

Zoals we reeds schreven, ging dit gepaard met stevig gefoefel. Vermits de totale recreatie-oppervlakte wettelijk onder de 50.000 m² moet blijven, beweert Ghelamco dat er maar liefst 78.000 m² horecaruimte zal komen in het nieuwe stadion. Niemand gelooft dat dit waanzinnige cijfer (15 voetbalvelden!) ooit zal gehaald worden, maar het is blijkbaar wel degelijk de bedoeling dat het stadion in de toekomst een horecatempel wordt, waar dagelijks duizenden mensen komen dineren, met zicht op de groene Vlaamse Rand of op het Atomium.

Niet verenigbaar met de omgeving

De nota van Ghelamco was de voorbije maand voorwerp van een inspraakronde, waarbij alle geïnteresseerden nuttige opmerkingen konden geven en vragen konden formuleren. Daarbij viel het op dat de Grimbergse gemeentelijke commissie ruimtelijke ordening (Gecoro) en milieuraad in een gezamenlijk én unaniem advies vernietigend hebben uitgehaald. In hun nota verwijzen ze onder meer naar het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan (GRUP) waarin letterlijk staat: “Bedrijven die omwille van hun schaal en hun ruimtelijke impact niet verenigbaar zijn met de omgeving, worden niet toegelaten.” De druk op de omgeving dreigt door dit project nog veel groter te worden, mede omdat verwacht wordt dat er op Parking C liefst 3.600 mensen tewerkgesteld zullen worden.

De gemeentelijke administratie schreef op basis van tientallen reacties een scherpe nota van een dertigtal bladzijden met een paar honderd pertinente vragen en opmerkingen over alle mogelijke aspecten. Zo wordt verwezen naar de vele projecten in de Noordrand die volgens Ghelamco tegen 2020 allemaal gerealiseerd zullen zijn: drie nieuwe tramlijnen, de verbreding van de Ring, het Neo-project, Uplace,… “Al deze projecten wil men realiseren met als streefdatum 2020. Dit is onmogelijk. De verkeershinder als gevolg van omleidingen en werfverkeer zal enorm zijn. Nu reeds is het wegennet op deze locatie oververzadigd.”

Innovatiecampus voor Samsung

Grimbergen stelt ook vragen bij de innovatiecampus die Ghelamco plant naast het stadion en waar naar verluidt het Koreaanse Samsung een hoofdkwartier zou willen vestigen. “Deze campus is geen klein aanhangsel bij het stadion, maar een complex van 70.000 m² met zes bouwlagen.” Tevens wordt gevraagd waarom alternatieve locaties als Schaarbeek-Vorming en de omgeving van de skipiste in Anderlecht niet grondig worden onderzocht.

Dit soort opmerkingen zijn de logica zelve, maar het is goed dat het eindelijk eens allemaal op papier wordt gebundeld. De cowboys van Ghelamco zullen er een zeer vette kluif aan hebben.

Tot nu had het Grimbergs gemeentebestuur inzake het stadion een erg weifelende houding aangenomen, maar met deze nota wordt het veel minder evident dat volgend jaar een sterk onderbouwde milieuvergunning kan worden afgeleverd. Binnen het schepencollege zit men ter zake alvast niet op één lijn: de Open Vld hangt aan de touwtjes van Vanhengel (de Grimbergse schepen van Sport zit zelfs op diens kabinet), bij CD&V zijn de meningen verdeeld en Groen staat kritisch. Het gemeentebestuur van Grimberen is het eerste loket voor alle vergunningen en speelt dus een cruciale rol in het hele verhaal.


Kantelmoment in het Vlaams Parlement

Vorige week donderdag werden in het Vlaams Parlement aan minister Weyts vragen gesteld over de zware gevolgen van de komst van het stadion voor de Noordrand  op het vlak van mobiliteit. Opvallend was de kritisch toon van de Brabantse N-VA-parlementsleden Lorin Parys en Nadia Sminate. Parys waarschuwde voor een overbelasting van de Ring en Sminate wees op de toenemende verstedelijking in de Noordrand.

Tijdens de vorige bestuursperiode was het vooral de betreurde Vlaams Belanger Joris Van Hauthem die inzake het stadion scherp uit de hoek kwam. Minister Muyters, bevoegd voor Sport en Ruimtelijke Ordening, durfde toen geen standpunt in te nemen en de N-VA-parlementsleden hielden toen de kiezen op elkaar.

Memorial Van Damme

Daar komt nu verandering in, ongetwijfeld dankzij het nuttige oppositiewerk van Johan Vandendriessche, die in de Brusselse gemeenteraad en het gewestparlement al een tijdje stevig van leer trekt tegen het Eurostadion. De N-VA pleit onomwonden voor de renovatie van het bestaande Heizelstadion. Daar zijn stevige argumenten voor. Uit studies is gebleken dat een renovatie van het bestaande stadion driemaal goedkoper is dan de bouw van een nieuw stadion. Ook kan de Memorial Van Damme op die manier behouden blijven.

Toch blijft de bedenking dat de mogelijke verhuis van Anderlecht naar dat gerenoveerde stadion nagenoeg dezelfde mobiliteitsproblemen op de Noorderring zal veroorzaken als de bouw van een nieuw stadion op Parking C. Beide locaties liggen maar op een boogscheut van elkaar.

Simulaties

In zijn antwoord bevestigde minister Weyts dat er wel degelijk een mobiliteitsvraagstuk bestaat. Zowel de Heizelpaleizen als het nieuwe stadion én het geplande Neo-project (het grootste winkelcentrum van het land) zullen immers bediend worden met dezelfde op- en afrit. Dat schreeuwt om moeilijkheden.

Weyts heeft nu aan het Vlaams Verkeerscentrum gevraagd om dit te bestuderen en simulaties te maken van de impact. Een goede zaak, al had de Vlaamse regering dat al veel eerder kunnen doen.

Belangrijk is dat de aanvankelijk veel te gunstige stemming in Vlaanderen omtrent het Eurostadion aan het omslaan is. Daar zijn we bijzonder blij mee.

BL