De werkgevers zijn Di Rupo vergeten

Na één jaar regering-Michel zijn de Vlaamse ondernemers en managers zeer streng. “Nul over de hele lijn.” “De berg heeft een muis gebaard”, is hun analyse. Nochtans was de Vlaamse ondernemerswereld even kritisch over de regering onder leiding van Elio di Rupo. Hebben ze heimwee? Eigenlijk is er veel hypocrisie in hun betoog.

“Het resultaat is nul over de hele lijn.” Dat is de analyse die ex-postbaas Johnny Thijs over één jaar regering-Michel maakte in De Tijd. Caroline Ven, topvrouw van de ondernemingsorganisatie Etion – het vroegere Verbond van de Kristelijke Werkgevers (VKW) – vindt het beleid van de huidige regering ook maar niets. En Wouter Torfs van de gelijknamige keten van schoenenwinkels twijfelde er zelfs aan of hij een nieuw magazijn in Temse of over de grens in Nederland zou bouwen. In de artikelenreeks van de Tijd waren er wel een aantal positieve stemmen over de regering (o.a. van VBO-voorzitter Michéle Sioen en van BNP Paribas-voorzitter Herman Daems), maar blijkbaar ligt deze beleidsploeg onderaan in de schuif bij veel ondernemers.

Dat is vreemd. Jarenlang liep de Vlaamse bedrijfswereld storm tegen de regering-Di Rupo, die werd afgeschilderd als een bende marxisten. Toen er eindelijk, na meer dan 25 jaar, een regering-Michel kwam zonder socialisten, was het enthousiasme bij de bedrijfsleiders groot.

Nu, een jaar later, blijft er nog weinig van over. De kritiek? Deze regering heeft er niet voor gezorgd dat de arbeidsmarkt flexibeler wordt zodat het gemakkelijker is om werknemers aan te werven of te ontslaan. De totale loonkost van een werknemer ligt hier nog altijd 12 procent hoger dan in het buitenland. De mobiliteit is een groot probleem en drukt op de rendabiliteit van de bedrijven. Allemaal  terechte opmerkingen.  En het is ook zo dat deze regering op financieel-economisch vlak veel meer zou kunnen doen. Toch is de aanval onterecht, oneerlijk en onfair. Hebben de ondernemer heimwee naar de regering-Di Rupo? Dan moeten ze het maar zeggen.

De regering-Di Rupo was nochtans geen leuke periode. Michel Delbaere, afscheidnemend voorzitter van de Vlaamse werkgeversorganisatie Voka, gaf de voorbije weken een aantal interviews. Daarin kijkt hij terug op zijn mandaat als voorzitter dat in 2012 begon. Delbaere spreekt echter ook over vroeger, namelijk de ontmoeting die in 2011 in de Warande plaatsvond tussen de Vlaamse bedrijfsleiders en de Franstalige partijvoorzitters. Het werd een dovemansgesprek. Zeker de communicatie met cdH-voorzitter Joëlle Milquet verliep zeer slecht. De ontmoeting eindigde met slaande deuren. Toen Di Rupo eind dat jaar premier werd, wou hij eigenlijk niet met de Vlaamse werkgevers praten. Hij vond ze ‘quantité négligeable’. Charles Michel daarentegen pakte het anders aan. Hij onderhield wel degelijk contacten met het Vlaamse bedrijfsleven. En die gaven hem de boodschap: eigenlijk willen we veel fiscale autonomie en zelfs een splitsing van de vennootschapsbelasting. Maar als het niet kan, dan moeten er diepgaande sociaaleconomische hervormingen worden doorgevoerd.

En zie, de regering-Michel kiest voor een verlaging van de loonkosten en het minder aantrekkelijk maken van het vervroegd uittreden van de oudere werknemers. De ondernemingen zouden daarvoor moeten applaudisseren, maar doen het te weinig. Voor een deel hebben ze gelijk, want een Belgische werknemer is eind 2016 nog altijd 12 procent duurder dan in de buurlanden. Tegen het einde van de legislatuur zou de loonkost nog altijd zo’n 10 procent hoger liggen. Maar de malcontente ondernemers vergeten erbij te zeggen dat de situatie onder Di Rupo nog veel slechter was. Hij ontkende gewoon dat de Belgische bedrijven een probleem hadden met hun concurrentievermogen.

De Vlaamse ondernemers denken best twee keer na voor ze de huidige federale ploeg omwille van het sociaaleconomisch beleid met de vinger wijzen. Uiteraard kan en moet deze regering veel verder gaan. Maar staan de bedrijven niet zelf op de rem? Wanneer de regering de regeling rond brugpensioen verstrengd heeft, slagen de werkgeversorganisaties er via het sociaal overleg zowaar in de regeling rond beschikbaarheid van bruggepensioneerden voor de arbeidsmarkt af te zwakken. En dan maar klagen dat ze geen werknemers vinden.

In Vlaamse werkgeverskringen overheerst de hypocrisie. Zo willen ze een grote fiscale hervorming en geen gewone taxshift zoals die voorligt. Vraag is of ze ermee akkoord zullen gaan. Immers, het fiscaal systeem is een doolhof van koterijen waarbij aan zowat elke sector voordelen worden toegekend. Lagere loonkosten voor onderzoekers in de chemie bijvoorbeeld. Of fiscale voordelen voor bedrijven met veel nachtwerk zoals de auto-industrie. Zijn ze bereid die op te geven? Het antwoord is ontegensprekelijk neen. Enige terughoudendheid van de ondernemerswereld is in deze dan ook aangewezen.

Angélique Vanderstraeten