Het duel tussen Van Overtveldt en de administratie Financiën

Om de haverklap moet de federale regering haar begrotingscijfers bijsturen. De informatie over de belastinginkomsten die vanuit de administratie Financiën worden doorgespeeld, zijn steevast zeer verwarrend. Minister van Financiën Johan van Overtveldt (N-VA) krijgt maar geen vat op zijn administratie. Niet verwonderlijk. De Federale Overheidsdienst Financiën, met tal van CD&V’ers aan de top, heeft een guerrillaoorlog ontketend tegen de N-VA-minister.

De naar buiten uit steeds kalme Johan van Overtveldt was op donderdag 8 oktober duidelijk van zijn melk toen hij de ‘Lambermont’, de ambtswoning van de eerste minister, verliet. Er had  net een vergadering van het kernkabinet met de minister van Financiën plaatsgevonden. Tegen zijn gewoonte in is premier Charles Michel tijdens die vergadering in een Franse colère geschoten. Uit cijfers van de administratie – de FOD of Federale Overheidsdienst Financiën – bleek plots dat de fiscale ontvangsten 882 miljoen euro lager uitvielen dan gedacht. Waardoor de regering tijdens het begrotingsconclaaf op zoek moest gaan naar 1 miljard euro. Een zeer zware opdracht zo kort voor de beleidsverklaring van de eerste minister. Michel vreesde dat hij enkel de begrotingsdoelstellingen zou kunnen halen door nieuwe belastingen in te voeren.

Zover is het niet gekomen. Technici op de kabinetten bogen zich over de cijfers van de administratie en kwamen tot de conclusie dat ze niet klopten. De budgettaire tegenvaller werd in werkgroepen tot de helft gereduceerd. De regering slaagde erin dat gat van 400 miljoen euro weg te werken door een aantal geplande belastingverhogingen zoals op tabak, alcohol en de gezondheidstaks op suikerhoudende dranken versneld door te voeren. Goed gezien van Michel en co, maar zo’n truc kan men maar één keer uithalen.

Het probleem ten gronde voor de regering is dat het blijkbaar zeer moeilijk is over juiste cijfers van de FOD Financiën te beschikken. Dat was begin dit jaar al het geval, toen plots bleek dat de deelstaten ten gevolge van de zesde staatshervorming 750 miljoen euro minder middelen zouden doorgestort krijgen van de federale overheid. Vooral in de Waalse regering veroorzaakte dat veel woede. Een paar maanden later bleek dat bedrag dat de deelstaten misliepen al gereduceerd tot 150 miljoen euro. De topambtenaar die verantwoordelijk was voor de berekening werd gesolliciteerd door de pers, maar verschool zich achter het principe dat overheidspersoneel zich discreet moet opstellen.

De cijferdans bracht met zich mee dat een aantal figuren in de regering met een beschuldigende vinger naar de bevoegde minister, Van Overtveldt, begonnen te wijzen. Hij zou geen vat hebben op zijn eigen administratie en zou te oppervlakkig werken. Vooral Kris Peeters liet zich niet onbetuigd en droomde er al van om, via het groter dan voorziene begrotingsgat, zijn trofee binnen te halen: een vermogenstaks.

Typische tsjeverij, want eigenlijk zijn die verwarrende cijfers over de belastinginkomsten – gelinkt aan de zesde staatshervorming of niet – een gevolg van een één-tweetje tussen de CD&V en de top van de FOD Financiën die stevig in handen is van christendemocratische ambtenaren. Nummer één is Hans D’Hondt, ooit kabinetschef van ene Yves Leterme. Dubieuze cijfers naar de minister sturen, is voor de CD&V-ambtenaren een sport. “Laat die N-VA’er maar spartelen”, denken ze in de Financietoren. Vijftien jaar geleden gebeurde hetzelfde, toen Didier Reynders (MR) minister van Financiën werd. Ook Reynders maakte mee dat de cijfers van de FOD Financiën niet klopten. Zo was er in 2006 plots sprake van 800 miljoen extra inkomsten in de personenbelasting, maar dat bleek niet te kloppen. Reynders moest toen samenwerken met topambtenaar Jean-Marc Delporte, de waakhond van de PS in de administratie. Reynders werd door de administratie echt gepest. Op een bepaald moment betaalden ze zijn gsm-rekeningen niet meer zonder iets te zeggen. Plots werd het mobieltje van de minister afgesloten.

Zo erg verloopt het duel tussen Johan van Overtveldt en de FOD Financiën niet, maar er zit wel een stevige haar in de boter. Van Overtveldt treft weinig schuld, al moet de N-VA toch eens in eigen boezem kijken. Het kabinet van de minister wordt voor een deel bevolkt door mensen die overgekomen zijn uit de administratie. Vraag is of die even betrouwbaar zijn als de medewerkers die echte partijtechneuten van N-VA zijn. Het gebrek aan voldoende kwaliteitsvol personeel blijft bij de N-VA een probleem.

Angélique Vanderstraeten