Nieuwjaarsbrief: “Haut doch ab!”

Boris Pofalla, schrijver en journalist, heeft een bittere raad voor de jeugd van Europa: vertrek, licht uw hielen, lever het continent uit aan Noorse renteniers voor hun derde verblijf en aan Chinezen om handtassen van Prada te komen kopen. Pretpark Europa dus, waar wie op ouderdomskrukken loopt met een dikke portefeuille in de binnenzak zijn bestaan kan rekken. Dat Europa is geen thuis meer voor de jeugd van 2016. Op het oude vasteland verzwindt de toekomst. Pofalla heeft het gehad met het gezeur van Europese politici van het slag Frans Timmermans, de Nederlandse socialist, ondervoorzitter van de Europese Commissie en rechterhand van voorzitter Jean-Claude Juncker, die recentelijk in een vroom pamflet, dat bulkt van goede bedoelingen en dure woorden – een klassiek baksel van de eurocraten – de échte problemen voorbijfietst. Iedereen is voor vrijheid, mijnheer Timmermans, maar wat doen wij intussen met de aanwas van haatprekende imams? Wat doen wij met de gefrustreerde moslims, oud en jong, die in de banlieues en Molenbeek verslaafd kijken naar Arabische televisiestations die op hun kijkers gruwelijke beelden over westerse bombardementen loslaten en zo het verzet van een vijfde kolonne in onze steden voeden.

De FAZ

De bedroefde en felle Pofalla publiceert zijn advies voor 2016, “Haut doch ab!” (Ga toch weg!), in de Frankfurter Allgemeine Zeitung (FAZ), geen blad voor “drollige” of lichtzinnige stukken. Het is Pofalla menens. Hij baalt van het woord “wij”, niet toevallig de fetisj van Timmermans. Pofalla: “Hoe vaker “wij” in een abstracte gemeenschap wordt gebruikt, des te dieper zit de kar meestal in de modder. De bezweringsformule “wij” is een leugen”. Pofalla’s analyse is dat de jeugd vandaag in dat Europa van “wij” geen toekomst meer heeft, slechts overleeft bij de gratie van Hotel Mama, ook geen fut meer heeft om hier het gevecht voor een betere toekomst aan te gaan, en dus moet doen wat generaties voordien hebben gedaan: uitwijken naar de VS, Canada of Nieuw-Zeeland en het Europese continent de rug toekeren. De jeugd moet de problemen van dat Europa niet meer oplossen. Beter is het Europa “zu verlassen” (te verlaten), want de steden zijn voor haar niet meer levenswaard.

Pofalla duelleert in de FAZ met Neon, een Hamburgs tijdschrift voor jonge volwassenen. Volgens Neon beschimpen veel te veel lui Europa, wat niet mag worden toegelaten, want, geen enkele generatie dan de huidige heeft meer van Europa kunnen profiteren. Hola, blaft Pofalla, Neon delireert en draagt voze zinnen aan als: “Es macht etwas mit Menschen, wenn sie das gleiche Geld in der Tasche haben.” (Het raakt mensen als zij hetzelfde geldbedrag op zak hebben.) Dat is inderdaad durven als, ondanks de euro, 25 procent van de Franse burgers jonger dan 25 jaar werkloos is, met pieken in het zuiden tot 50 procent. En de jongeren die een job hebben, met bijna uitsluitend kortlopende contracten, worden onderbetaald; hun bestaan is hachelijk. Dat alles, meent Pofalla, brengt de wereldcrisis van de jaren dertig in herinnering; een nieuwe Lost Generation verrot in stilstand. Neon peroreert: “Als jij toelaat dat Europa kapotgaat, dan handel jij tegen je eigen kansen.” “Welke kansen?”, werpt Pofalla op. “Het zijn eerder plichten en verplichtingen om gigantische schuldenbergen te moeten torsen en aflossen, om miljoenen vluchtelingen te integreren, veel gepensioneerden te verzorgen en daarbij zelf nog kinderen op te voeden om het Umlaut en de siësta niet te laten uitsterven.”

Renteniers

Senioren en toekomstige renteniers in Toscane, wat hebben jullie ons nagelaten, nadat jullie nog hebben kunnen profiteren van Europa: ontregelde en wankele banken, bezuinigingen, universiteiten die “neugierfeindliche” (vijandig tegen nieuwsgierigheid) massabedrijven zijn geworden, aldus Pofalla. En: “De generatie van Merkel en Sarkozy, die onze toekomst bepaalt, heeft geen oorlog overleefd of verhinderd, geen nieuwe planeten betreden en ook geen rockmuziek geschreven. Ondanks dat gedraagt zij zich als een overwinnaar aan het einde van de geschiedenis en wil zij vooral niet oud worden en evenmin een nieuw dadenplan toelaten.”

De “Millenials”, de jongeren van deze tijd, wonen, kinderloos, bij hun moeder. Onder hen is er amper woede, eerder stille gelatenheid en een moeilijk te begrijpen dankbaarheid om ergens een schijntje te bekomen. Een revolutie zullen deze twintigers en dertigers niet ontketenen, maar een diepe breuk zal wel volgen, geluidloos en onzichtbaar. Een scheur in het naïeve, apolitieke zelfbeeld van het “verenigde” Europa van de huidige machtsgeneratie. Hier worden de Millenials overtollig, ongeliefd in voor hen onbetaalbare steden. De generatie zonder perspectief zal het kleingeld bespuwen, wil een echt leven, op een plek waar zij kan bouwen. De beste Millenials zullen vertrekken naar die landen waar de bevolkingspiramide geen urn is of een paddenstoel, maar een dennenboom. Er volgt een nieuwe versie van de Red Star Line.

Kurt Ruegen