Het klimaatakkoord: Ruzie over Vlaams-Waalse transfers

Vorige week bereikten de verschillende overheden na zes jaar onderhandelen en sjacheren eindelijk een klimaatakkoord. In hun analyses raakten de meeste politieke journalisten niet verder dan een aantal platitudes, zoals ‘de grootste crisis tot nu toe bij centrumrechts’ en ‘de N-VA roert de communautaire trom’. Terwijl het in essentie om een typisch Belgisch verhaal gaat: Wallonië wou ook via de klimaatdeal extra transfers uit Vlaanderen.

13 procent hernieuwbare energie tegen 2020 en een reductie van de broeikasgassen met 15 procent. Vlaanderen zal de broeikasgassen met iets meer dan 15 procent doen dalen, Wallonië met iets minder. Er is ook een verdeling overeengekomen over de regionale productie van hernieuwbare energie (bijvoorbeeld windmolens). Wat de verdeling van de opbrengsten van de veiling van de emissierechten betreft, gaat 10 procent naar de federale overheid, 53 procent naar Vlaanderen, 30 procent naar Wallonië en 7 procent naar Brussel. Dat alles staat in het klimaatakkoord dat de verschillende regeringen vorige vrijdag hebben afgesloten, en dat na zes jaar onderhandelingen.

Voor wie geen expert in milieubeleid is, zeggen deze cijfers weinig. De bevolking zal dan ook niet wakker liggen over het klimaatakkoord. De cijfers over de verdeling van de inspanning zijn trouwens niet de essentie van de discussie en waren ook niet de oorzaak van de vele twisten van de voorbije dagen.

De spanningen tussen de verschillende regeringen werden ook niet veroorzaakt door de N-VA, die volgens de Franstalige kranten het communautaire vuur opstookte. Neen, zoals federaal premier Charles Michel (MR) donderdag in de Kamer terecht zei, lag de verantwoordelijkheid bij de Waalse regering.

Dat zit zo: Wallonië produceert meer hernieuwbare energie dan Vlaanderen. En dat zal de komende jaren nog toenemen. Vlaanderen is volgebouwd en er is weinig ruimte voor nieuwe windmolens. In Wallonië is er nog plaats zat. Nu wou Wallonië dat overschot aan hernieuwbare energie niet zomaar afstaan. Als de federale overheid en Vlaanderen hun doelstellingen willen halen, dan moeten ze hernieuwbare energie bij Wallonië afkopen. Dat zou meteen een nieuwe Noord-Zuidtransfer van miljoenen euro’s met zich meebrengen. Voor de N-VA – zowel in de Vlaamse regering als in de federale regering – is dat onaanvaardbaar.

In het uiteindelijke klimaatakkoord is niet opgenomen dat er moet worden betaald voor hernieuwbare Waalse energie. Al moet er over een aantal modaliteiten nog verder onderhandeld worden. Het is dus niet zeker dat Wallonië zijn overschot zomaar gratis wil afstaan.

Kortom, Wallonië heeft graag de solidariteit van Vlaanderen wanneer het over transfers via de begroting en de sociale zekerheid gaat. Maar solidariteit in de andere richting, bijvoorbeeld op het vlak van energie, is onbespreekbaar. Een bewijs dat België voor de Walen enkel zin heeft als ze er geld aan verdienen.

Er is niet alleen de discussie over hernieuwbare energie. Ook in het debat rond de CO²-emissierechten wil Wallonië niet solidair zijn. Jaarlijks moeten de grote Europese bedrijven die vervuilen hun uitstoot dekken met die CO²-emmissierechten. Indien ze meer uitstoten dan de rechten die ze hebben, moeten ze er bijkopen op de internationale markt. Een bedrijf dat te veel rechten heeft, kan ze verkopen. De Waalse regering heeft na de eeuwwisseling miljoenen van die CO²-rechten toegekend aan staalreus ArcelorMittal. Dat was de afruil om de staalproducent in Wallonië te houden. Maar nu is ArcelorMittal grotendeels vertrokken en zit Wallonië met een overschot aan CO²-emissierechten. Wallonië zou dit surplus in het kader van de interregionale solidariteit kunnen toekennen aan Vlaanderen. Deze rechten zijn tientallen miljoenen euro’s waard; verwaarloosbaar in verhouding tot de miljardentransfers tussen Vlaanderen en Wallonië. Maar Wallonië wou geld voor die uitstootrechten, wat voor de N-VA onaanvaardbaar was. Wallonië wou zijn overschot aan groene stroom en emissierechten door Vlaanderen doen betalen. Ook hier is het na het klimaatakkoord nog niet volledig duidelijk of er betaald wordt voor de CO²-overschotten.

Het is terecht om de vraag te stellen: wie “communautariseert” het probleem? Antwoord: het is het Waalse egoïsme dat een klimaatakkoord lange tijd onmogelijk maakte.

Angélique Vanderstraeten