Vrije tribune Jaak Peeters

Wie ziet hoe Wereldoorlog I na 100 jaar nog steeds emoties oproept, kan zich voorstellen hoe diep de godsdienstoorlogen van de 17e eeuw de toenmalige zielen hebben beroerd. De roep “dit nooit meer!” resulteerde in de vrede van Westfalen. Hiermee werd de godsdienst eerst naar de regionale, later helemaal naar de privésfeer gedrongen.

De druk om alles wat mensen in groepen indeelt naar de privésfeer te verhuizen, is sindsdien alleen nog toegenomen, mede door de laatste wereldoorlogen. Alles wat mensen tegen elkaar kan opzetten, wordt verdrongen naar een sfeer, waarvan men gelooft dat ze geen invloed zal uitoefenen. We vonden onze civiele maatschappij uit. Die is opgebouwd uit individuen wier geest verdeeld is in een persoonlijke, voor anderen ontoegankelijke privéwereld en een officiële, openbare maatschappelijke habitus.  Alleen, er bestaat geen strikte scheiding tussen de privé- en de publieke sfeer.

Prototypisch is voorts de theorie van Ulrich Beck in diens risicomaatschappij, nagepraat door Dirk Geldof: de modernisering veroorzaakt verlies aan vertrouwen in de oude, bekende maatschappelijke structuren en dat schept onrust en angst voor de toekomst.

Identiteit afschaffen?

Oorlogen, een risicovolle wereld en de schepping van een civiele, theoretische mens die echter de rust van een doorleefde identiteit moet ontberen, leveren ons uit aan een diep persoonlijk en maatschappelijk onbehagen. De oplossing van Groen is de vlucht vooruit: de afschaffing van verdeling zaaiende identiteiten, schepping van één mensentype door middel van massale migraties en de opheffing van de individuele staten. In een kosmopolitische wereld waarin iedereen zich als civiele burger zonder etniciteit opstelt, zal er geen oorlog meer zijn en zijn we ‘dus’ van een hoop ellende verlost. Europa is al een eerste stap. Ziedaar het Heilige Geloof van Groen.

Edoch: de mens is een etnisch wezen. Dat komt omdat mensen naar zin zoeken. De diepste zin vindt een mens als hij een goed beeld van zijn oorsprong heeft: wie weet waar hij ontstaan is, vindt het ultieme beginpunt van zijn eigen identiteit.

Die identiteit is zowel genealogisch als geografisch. We willen weten uit wie we geboren zijn. Daarom zijn zoveel mensen tegenwoordig met genealogie bezig. En als we weten wie onze voorgangers waren, weten we meteen waar ze thuishoorden en waar ze woonden. We beseffen dan ook waar wijzelf thuishoren: existentieel zelfvertrouwen.

Op die manier worden we concrete, gesitueerde mensen en niet alleen maar civiele ‘lege’ burgers in een vaak puur toevallige staat. We worden mensen uit een concreet volk. Maar dat laatste roept angsten op. En dus moet die etnische identiteit worden onderdrukt. Te gevaarlijk!

Angst bij de zelfverklaarde elite

De mens blijft echter zoeken naar zin en dus naar zijn eigen oorsprong. Onze mensen zijn zoekende, omdat de vanzelfsprekende weg naar de eigen identiteit afgesloten wordt door een zelfverklaarde elite, die handelt vanuit haar eigen angsten. Die elite is op de vlucht voor de demonen in haar eigen ziel, waarin ze geen orde op zaken weet te stellen.

En dat zullen we allemaal geweten hebben! Wie het aandurft op te komen voor een  nationale identiteit wordt meteen weggezet als rechts – liefst nog als extreemrechts. Men projecteert de eigen angsten op mensen die zelf geen moeite hebben met hun eigen identiteit en verwijt hen vervolgens dat ze niet kosmopolitisch durven te zijn of vastzitten aan versleten identiteiten, bang voor de moderniteit.

Maar de zaak ligt omgekeerd: het is de elite die bang is voor elke relevante identiteit, dit is: een identiteit die ertoe doet. Ze benoemt zulks als een risicowereld en verhult voor zichzelf haar eigen angsten door er ‘wetenschappelijke’ beschrijvingen voor te bedenken. Ze wordt daarbij bijgetreden door een brede schare van halfintellectuelen die nergens de lamp precies weet hangen.

Dit soort door angst gedreven lieden dwingt de modale mens in een toestand van onophoudelijk zoeken naar zichzelf en voert zelf de permanente oorlog tegen elke vorm van etniciteit.

Evenwel hebben de asielzoekende binnenwandelaars van vandaag veel minder scrupules over hun identiteit. Zodra ze zich genesteld hebben, gaan ze voluit voor hun eigen etniciteit. Ze eisen hun plaats op in een wereld die hen zelfs niet toebehoort: “de stad is van ons” (Abou Jahjhah). Toch houdt Groen vol dat de wereld van iederéén is en het eigen-land-denkbeeld racistisch is. En is onderscheid maken niet het allerergste dat er zelfs maar kan bestaan? Zeg nou zelf… Zelfs de eigen schaduw lijkt wel angst in te boezemen.

Europa is niets en doet niets

De gevolgen van deze ziekelijke angstcultuur zijn zo opvallend dat men zich afvraagt hoe het mogelijk is dat vele spraakmakers niet van heuse schaamte de grond inzinken. China heeft op dit eigenste ogenblik een operationeel ruimtestation. Waar zit Europa, dat zich het centrum van de planeet waant? Europa is niets en doet niets, maar laat zich overspoelen en geeft de vruchten van de arbeid van vorige generaties kritiekloos uit handen. Zogenaamd uit menslievendheid, maar in werkelijkheid vanuit een door klemmende onzekerheid en grenzeloze schaamte ingegeven illusoire vage menselijkheid.

Angst is de diepste bodem van de ideologie van Groen. Zodoende is Groen veel extremer dan het Vlaams Belang, dat immers alleen maar wil behouden en voortbouwen op wat onze voorouders ons hebben nagelaten. Maar Groen wil vernietigen. Groen is de destructie.

Laten we toch maar eens beginnen met de erkenning van de ware natuur van de mens en ophouden met dromen over een identiteitsloze, kosmopolitische burger. Etniciteit ontstaat immers altijd weer opnieuw. Overigens: “Alleen voldane, zelfzekere mensen kunnen het zich veroorloven kosmopolitisch te zijn” (Michael Ignatieff).

We moeten stoppen met alles te europeaniseren. Europa is een fetisj geworden: het kan niets verkeerd doen. Maar de idee dat de nationale structuur onmachtig is, is dwaas én bovendien onjuist. We schrikken gewoon terug voor het feitelijk toepassen van de subsidiariteitsbeginselen. We missen ambitie en stellen al onze hoop dan maar op Europa, dat zo de dictatoriale macht krijgt die we het zelf toeschuiven.

Ambitie en engagement

In plaats van te vitten over wat luttel fijn stof moeten we samen gedurfde projecten aanvatten, zoals China ons voordoet. Iets waar we ons allemaal kunnen achter scharen, omdat het ons verenigt. Sommige van die projecten kunnen inderdaad een menslievend karakter dragen: geld in échte ontwikkelingshulp pompen bijvoorbeeld, zodat de massamigratie op kan drogen.

En zeker moeten we onze toekomstige elites weghalen uit de greep van de heersende zelfbenoemde elite. Een elite moet niet arrogant zijn maar de bevolking ernstig nemen: er zijn 250.000 hooggeschoolden in Vlaanderen. Luister naar hen! Engagement is de basis van democratie. Maar maatschappelijk engagement kan maar groeien als mensen zien dat het er toe doet.

Jaak Peeters