Over recordaantal leefloners wordt vooral veel níét gezegd

In de eerste helft van 2015 hebben 11,3 procent meer mensen een leefloon aangevraagd in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar, becijferde de POD Maatschappelijke Integratie. De grootste stijging sinds 2003. In 2014 waren er gemiddeld per maand 102.646 leefloners, dit jaar al 114.195. En volgend jaar nog meer. Veel meer.

Volgens de POD (Programmatorische Federale Overheidsdienst) is die toename een gevolg van de hervorming van het werkgelegenheidsbeleid. Julien van Geertsom, voorzitter van de dienst maatschappelijke integratie, verwijst naar de beperking van de inschakelingsuitkering (vroeger: wachtuitkering in afwachting van een eerste baan). Het recht op die uitkering is sinds 1 januari van dit jaar beperkt in de tijd. Veel mensen die hun inschakelingsuitkering verliezen, trekken naar het OCMW voor een leefloon. De toestroom van asielzoekers in de tweede helft van dit jaar zal dat probleem nog verscherpen.

De POD zegt weinig of niets over een paar andere elementen in het debat: de grote regionale kloof en de vroegere migratie.

Zonder enige duiding wordt vermeld dat in de eerste zes maanden van 2015 het aantal leefloners in Wallonië (+15 procent) sneller steeg dan in Vlaanderen (+8,7 procent). Is dat een incidentje? Natuurlijk niet, het is een structureel gegeven. Alleen lijkt het erop dat we dat niet mogen zeggen…

Regio

Eerder dit jaar wezen we er hier al op dat het toch opmerkelijk is dat er in Vlaanderen gemiddeld 3,7 leefloners per duizend inwoners zijn, in Wallonië 12,4 en in Brussel 23,8. Wallonië telt dus driemaal meer leefloners, Brussel zesmaal meer. Bovendien zijn er opmerkelijke verschillen tussen de gemiddelde uitbetaalde leeflonen per gewest. In Vlaanderen bedraagt dat gemiddelde 2.828 euro, in Wallonië 3.434 euro, in Brussel 4.133 euro per jaar.

Eind augustus gaven we hier mee dat economen en demografen van het Institut pour un Développement Durable (IDD, een vzw die de problematiek van duurzame ontwikkeling in Franstalig België opvolgt) hadden verduidelijkt dat de leefloonkloof al jaren groter wordt. Sinds 2010 ging het in Wallonië om een stijging met 28,8 procent, in Vlaanderen met 5,2 procent.

Jongeren

Waar Van Geertsom het niet over heeft, is het gemak waarmee – ook al veel meer in Franstalige regio’s dan in Vlaanderen – zoveel meer studenten langs de leefloonkassa mogen passeren. Even zeggen “dat het thuis niet meer gaat”, kan voor een jongere volstaan om via het OCMW in aanmerking te komen voor een behoorlijk “leefbedrag” (817 euro per maand). Dat bedrag is voor de betrokkenen een beetje interessanter dan het kindergeld.

Migratie

Voortdurend dribbelen analisten voorbij aan nog een derde vervelende realiteit: het verband tussen de migratie van de voorbije jaren en een leefloon. Met de nieuwe, forse toestroom in de tweede helft van 2015 van asielzoekers én economische vluchtelingen (ook al een doofpotje) kan men nu niet anders dan toegeven dat in 2016 het aantal leefloners nog fors zal stijgen. Zwijgen helpt niet meer…

In linkse kringen blijft het op basis van die leeflooncijfers elke dag jammeren tot middernacht over almaar toenemende armoede. En bidden om almaar meer geld. De Gentse OCMW-voorzitter Rudy Coddens (sp.a) signaleert dat de steeds grotere groep alleenstaanden wordt getroffen, maar mensen met migratieachtergrond zijn een tweede risicogroep. “Meten is weten”, aldus Coddens, die ervoor pleit de leeflonen voor een alleenstaande op te trekken van het huidige bedrag 833,71 euro tot de Europese armoedegrens van 1.085 euro.(Nbl. 18 dec.). Heel mooi en heel sociaal, maar wie gaat dat betalen?

Blaffers en blinden

In “Tijd voor nuance in het leefloondebat” schreven we in maart dat het vaak gaat om mensen op de sukkel, maar soms gaat het ook om echte luiaards of profiteurs. Wie al die groepen over dezelfde kam scheert, is niet goed wijs. In dat debat lopen er blaffers en blinden langs twee kanten.

Ook wie alle “schuld” bij de samenleving legt, hoort in die categorie thuis. Zoals ook al diegenen die evidente en objectief meetbare signalen al te vaak onder de politiek correcte mat vegen. Meer leefloners door meer migratie en een opvallende en moeilijk verklaarbare leefloonkloof tussen de gewesten, zwijgen als vermoord?

De verklaringen zijn soms zielig simpel: “Wallonië bloedt nog altijd van de industriële neergang in de 20ste eeuw”, meent de extreemlinkse socioloog Jan Hertogen. Maar die crisis ligt verdorie wel al een halve eeuw achter ons…  “In de Cockerill-fabrieken van Seraing-Luik werkten ooit 40.000 arbeiders”, klinkt het begripvol. Juist, maar in Limburgse mijngebieden werkte nog meer volk.

Dat er een leefloon is als basisinkomen voor de havenots, geen probleem. Maar precies daarom is het absoluut noodzakelijk dat onze Vlaamse federale en regionale bestuurders communautair wakker blijven en zorgvuldiger en moediger keuzes maken in hun migratie- en asielbeleid. De budgettaire gevolgen daarvan zijn niet te overzien.

Dat hoeft geen vrij spel te geven aan harde liberalen en hun “felle” compagnons van de N-VA. Die laatsten zouden wat meer weerwerk mogen krijgen van de socialen en de nationalisten in de partij. De fetisj van almaar “langer werken” en de ondoordachte aanpak van werklozen hebben geleid tot meer zieken en meer leefloners. Erg efficiënt is dat vooralsnog niet.

Verstrengen

Dat betekent evenmin dat er helemaal niets hoeft te gebeuren. Maar pak dan tenminste eerst de problemen aan waar ze zich het scherpst stellen en waarvan de oorzaken het duidelijkst zijn. Dat een Waalse leefloner gemiddeld zo’n 500 euro per jaar meer krijgt en een niet-EU-vreemdeling zelfs bijna dubbel zoveel als een Vlaamse leefloner, dat klopt niet. Kunnen we het daar eens eerst over hebben? En meteen ook eens stilstaan bij de onhoudbare gedachte “Wir schaffen das”?…

‘t Pallieterke


Tags assigned to this article:
2015-52Hoofdartikel

Related Articles

Sport

Kom de wereld zien in Moeskroen Blijf er weg Wie voorbije week niet per se in de omgeving van het

Briefje aan Marianne Thyssen

Werkloosheidoplosser Mevrouw de naïeve, Sinds gij de Vlaamse en Belgische politiek verlaten hebt, om u als Europees commissaris comfortabel en

Briefje aan Johan van Overtveldt

Minister van lege spaarpotten Mijnheer de milde, Vorige week werd er in de Kamer weer een handig spelletje gespeeld. Zoals