Gelukkige feestdagen… Als u nog gazetten leest, of een vleugje informatie meepikt op radio en tv, zien de perspectieven voor de nabije toekomst er niet al te best uit. Laten we de internationale droefheid even aan ons voorbijgaan, dan nog is er de confrontatie met slecht nieuws: almaar meer armen, stijgende prijzen, meer belastingen, meer doppers, meer leefloners, meer migranten, meer crisis, meer werkloosheid, meer ongelijkheid, meer CO2 en meer kerngevaar. Of luistert u liever naar nieuws over meer stakingen, meer criminaliteit, meer verkeersagressie, meer ongelijkheid op school, op de tram en in de zak van Sinterklaas, meer discriminatie, meer racisme…

Laten we het even hebben over “meer zieken”. Vorige week schudde Maggie de Block aan de boom: de factuur voor arbeidsongeschikten steeg in 2015 naar 6,4 miljard euro. Die voor werkloosheidsuitkeringen daalde naar 5,7 miljard euro. Voor het eerst kosten zieke werknemers de overheid meer dan werklozen. Beteren doet het niet. De extra factuur zou in 2019 nog eens 1,8 miljard euro hoger liggen.

Goed om weten: werknemers die uitvallen na ziekte of een ongeval krijgen in een eerste periode een gewaarborgd loon van de werkgever. Daarna keert het ziekenfonds gedurende maximum een jaar een vervangingsinkomen uit (“primaire arbeidsongeschiktheid”). Daarna begint de periode van invaliditeit. De werknemer blijft uitkeringen ontvangen van het ziekenfonds.

Acht procent

Uit het antwoord van minister van Sociale Zaken De Block op een schriftelijke vraag van Barbara Pas (Vlaams Belang) blijkt dat de primaire arbeidsongeschiktheid in 2010-2013 gemiddeld zo’n 21,6 miljoen kostte, om vervolgens verder te stijgen tot 23,6 miljoen euro in 2014 en tot 25,4 miljoen dit jaar.

Zit ook hier een communautair kantje aan het verhaal? In Wallonië bedroeg het gemiddeld aantal dagen per primaire arbeidsongeschikte (eerste jaar dus) in 2014 afgerond negen dagen, in Vlaanderen acht dagen. Een “onbelangrijk” verschil, zoals Het Nieuwsblad schreef?

Minister van Volksgezondheid Maggie de Block (Open Vld) noemde vooral de explosie van uitgaven voor (vooral langdurig) zieke werknemers “problematisch”. Zo’n 8 procent van alle werknemers (335.000 jonge én oude mensen) zitten al meer dan een jaar ziek thuis. Onder de ziektebeelden blijkbaar veel burn-outs, depressies en rugklachten. De Block heeft een plan om daar iets aan te doen, maar de regeringspartijen zijn het nog niet eens of dat moet gebeuren onder dwang of met andere stimuli.

Ook dat ruimere plaatsje is communautair interessant. De Block gaf in het voorjaar al toe dat de gezondheidszorguitgaven per rechthebbende in Wallonië 28 euro hoger liggen dan in Vlaanderen (cijfers 2012, antwoord op vraag Yoleen van Camp, N-VA). Het Vlaams & Neutraal Ziekenfonds becijferde eerder dit jaar dat de gemiddelde ziektekosten voor een Vlaming 2.085 euro bedragen, die voor een Waal 2.198 euro. Een verschil van 113,46 euro of 5,4 procent. Dat verschil wordt niet kleiner, maar groter.

Sommigen krijgen bovenop de hierboven vermelde vergoedingen nog een extra: de “verhoogde verzekeringstegemoetkoming”. In  Wallonië (21,9 procent) en Brussel (19,7 procent) ligt dat percentage verhoogde tegemoetkomingen bijna dubbel zo hoog als in Vlaanderen (11,7 procent). Toeval?

Eenzelfde verhaal voor verschil inzake het gemiddelde aantal uitkeringsdagen bij arbeidsongeschiktheid en invaliditeit. Dat verschil bedroeg vijf jaar geleden nog 3,5 dagen, en liep vorig jaar op tot 5,6 dagen per titularis (afgerond 18 dagen voor een Vlaamse rechthebbende en 24 dagen voor een Waalse rechthebbende).

Beroepsziekten

Nogal wat arbeidsongeschikten vragen de erkenning van hun ziekte als beroepsziekte. Het overgrote deel van de circa 290 miljoen uitkeringen van het Fonds voor Beroepsziekten (FVB, een tak van de sociale zekerheid) gaat nog altijd naar inwoners van Wallonië.

De tijd dat er in de pers nog iemand was als Guy Tegenbos om die jaarverslagen van de FVB voor De Standaard in de gaten te houden, is blijkbaar voorbij. Het moet zijn dat veel van zijn collega’s nog nauwelijks interesse hebben voor bepaalde dossiers en statistische verslagen…

Wie het jongste jaarverslag van 2014 even opzoekt, kan daar nochtans makkelijk volgen hoe ook daar de communautaire scheeftrekkingen nog altijd overeind blijven. Walen doen meer aanvragen, meer Waalse dossiers worden  goedgekeurd én de uitbetaalde bedragen liggen in Wallonië nog hoger, “ook veertig jaar na de sluiting van de mijnen en de teloorgang van de zware industrie”, aldus Tegenbos in zijn laatste artikel hierover.

Het lijvige jaarrapport 2014 is boeiend. Wallonië, dat staat voor 26 procent van de Belgische werknemersbevolking, is in de privésector nog altijd goed voor 56 procent van de eerste aanvragen tot arbeidsongeschiktheid, voor 66,3 procent van de aanvragen zelfs bij de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten (PPO’s).

Ook wat de effectieve toekenning van arbeidsongeschiktheid betreft, zijn de cijfers goede leerstof: Vlaanderen is met een kleine 60 procent van de bevolking goed voor ‘maar’ 40 procent van de toekenningen van blijvende ongeschiktheid, Wallonië, met 33 procent van de bevolking, is goed voor 57,3 procent… Bij de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten “scoort” Wallonië (72,9 procent van de toekenningen) meer dan driemaal zo hoog als Vlaanderen (22,9 procent)

Reden

Op het debat over “de factuur van arbeidsongeschikten” kunnen we hier niet uitvoerig ingaan. Sommigen klagen over een vlucht van de werknemers naar ziekteverlet “omdat ze zich ongelukkig voelen in de arbeidssituatie”. Maar iemand moet ons toch eens uitleggen hoe het komt dat de verschillen tussen noord en zuid in dit land zo groot zijn.

Open Vld en N-VA dringen er nu opaan om langdurig zieken 10 procent uitkering af te nemen als ze niet bereid zijn een “begeleidingstraject” te volgen.

Het voorstel krijgt tegenwind van de sociale partners (verenigd in de zogenaamde Groep van Tien), die langdurig zieken liever “aangepast werk” voorstellen zonder sancties voor wie dat niet aanvaardt. Maar ook de ziekenfondsen reageren heftig. Ze noemen het voorstel in een open brief “totaal onzinnig” en verwijten de regering de zieken te stigmatiseren. Minister van Werk Kris Peeters (CD&V) zit op dezelfde lijn.

Evenwicht

“Niemand is ziek voor zijn plezier”, schrijven de ziekenfondsen. Ze hebben ongelooflijk ongelijk. Een niet onbelangrijke minderheid doet dat immers wel. Op de kap van wie de sociale zekerheid écht nodig heeft. Wie kent in zijn directe omgeving niet de uitbollende “zieken” die floreren in het sociale leven, zonder scrupules in het wit of het zwart een potje bijverdienen, en in besloten kring onbeschaamd toegeven dat ze de controles te slim af zijn? Een deel van de uitgaven is onterecht. De communautaire kloof is onverklaarbaar. Zolang links dat niet inziet, bedot een minderheid een meerderheid. Binnen een gewest, en tussen de gewesten. Open Vld en N-VA, met hun lineaire voorstellen, verliezen dat laatste al eens uit het oog. Communautaire stilstand, wordt dat genoemd.

Anja Pieters