2015-52_11_Zuur & Zoet (Medium)Nederlandsonkundig

De burgemeesters van Overijse en Tervuren, allebei van N-VA, eisen dat ziekenwagens van Brusselse ziekenhuizen voortaan minstens één Nederlandstalige ambulancier aan boord hebben wanneer ze moeten uitrukken naar gemeenten in de Druivenstreek. Ze hebben het taalprobleem al dikwijls aangekaart, maar een oplossing is er nog steeds niet. “Het blijft klachten regenen van inwoners uit de vier Druivenstreekgemeenten omdat ze regelmatig uitsluitend Franstalige ambulanciers over de vloer krijgen in noodsituaties. Op zo’n moment is het echt belangrijk dat je je eigen taal kunt spreken. Mensen in nood zijn vaak in paniek en dan is het moeilijk om je in een andere taal dan je moedertaal uit te drukken. Dit is onaanvaardbaar, omdat het leidt tot vertragingen en communicatieproblemen die soms levensbedreigend zijn.” Voor de gps-systemen gemeengoed waren, reden ambulances met uitsluitend Franstalig personeel soms gewoon verloren omdat ze niet eens genoeg Nederlands kenden om de weg te vragen aan een Vlaamse inboorling. En als zo’n Vlaming dan toch nog levend in een Brussels ziekenhuis wordt afgeleverd, komt hij daar dikwijls terecht bij verplegers en dokters die geen woord Nederlands kennen… Soms met fatale gevolgen. Als zoiets gebeurde met zieke of gewonde asielzoekers, dan zou de politiek correcte meute moord en brand schreeuwen. Maar zolang de slachtoffers alleen maar Vlamingen zijn, geeft niemand een kik.

Afghaan en Dublin

Theo Francken heeft volgens ons juist gereageerd op de Afghaan die een schadevergoeding had geëist omdat hij niet onmiddellijk opvang had gekregen. Hij werd in een gesloten centrum ondergebracht, en daarna werd hij naar Duitsland teruggestuurd, omdat hij daar al eerder geregistreerd was. Dat is gewoon een logische toepassing van het Verdrag van Dublin. Goed zo! We hebben alleen één klein vraagje. Waarom past men die Dublinregels alleen toe voor die ene Afghaan? Waarom niet voor àlle volksverhuizers die via andere Dublinlanden naar hier zijn gekomen? Die mogen volgens “Dublin” allemaal teruggestuurd worden naar het land van waaruit zij België zijn binnengekomen.

Negationiste met hoofddoek

Het politiek bureau van het cdH heeft in beroep haar beslissing van eind mei bevestigd om Brussels parlementslid en gemeenteraadslid Mahinur Özdemir uit de partij te zetten omdat zij had geweigerd de Armeense genocide te erkennen. Die houding is volgens het bureau in strijd met de waarden van de partij. Voor één keer kunnen we iets goeds schrijven over de partij van “Madame Non” Milquet. En ja, we weten dat zij als voorzitster vervangen is door Benoît Lutgen. Maar haar schaduw hangt nog steeds als een donkere wolk over de partij. Overigens, de zaak-Özdemir zou een waarschuwing moeten zijn voor andere politici die o zo graag “hoofddoekmadammen” op hun lijsten zetten om stemmen te ronselen bij fanatieke moslims.

Ontzettend simpel

In De Zondag liet Vande Lanotte zijn licht schijnen over het feit dat België naar verhouding een groot leverancier is van Syriëstrijders: “Dat is ontzettend simpel: de grote afstand tussen de autochtone en de allochtone bevolking. Niets anders.” De islam vernoemt hij zelfs niet. Zelfs Tobback erkende dat de socialisten het veiligheidsthema te lang verwaarloosd hebben: “Als het over veiligheid of politie gaat, zijn er nogal wat progressieven die pleiten voor ‘the minimal state’ en het laissez faire’. Wat is daar progressief aan?” Maar Vande Lanotte ontkent zelfs die voor iedereen zichtbare waarheid. Hij beweert zonder blikken of blozen dat de socialisten altijd al “heel hard hebben ingezet op veiligheid”. Echt waar? Ook in Molenbeek?

Niemand heet nog Isis

In Nederland verdwijnt de voornaam Isis snel uit de statistieken. De naam, geïnspireerd op de Egyptische godin van de vruchtbaarheid en de liefde, wordt nogal onnodig geassocieerd met de daden van de terreurgroep Islamitische Staat van Irak en Sham (‘de Levant’). Hij werd populair halfweg de jaren 1990, piekte een paar jaar geleden tot tweehonderd naamgevingen per jaar. Vorig jaar waren er dat honderd, dit jaar nog vijf. Sommige worden gepest, en bedrijven als Nike willen geen verkooppunten meer met de naam Isis. Winkelruiten met Isis worden besmeurd. Een kapster veranderde de naam van haar kapsalon nadat haar auto werd beschadigd. De Vlaamse chocolatier Isis heeft zijn naam gewijzigd, de VN verving Isis als orkaannaam door Yvette. Sommige Isissen roepen politici nu op die terreurgroep voortaan consequent IS te noemen, maar premier Rutte heeft daar voorlopig geen oren naar.

Vlindertje

De rusthuizen in Vlaanderen zijn structureel ondergefinancierd. De ellenlange wachtlijsten in de zorg zijn nog niet bijkans weggewerkt, en de kwaliteit van de geboden zorg in rusthuizen is ook niet overal tiptop. Werk genoeg op de plank dus voor minister Vandeurzen, zou je denken. Maar toch vindt die nog de tijd om zich bezig te houden met een prangend probleem: hij zoekt een andere naam voor de functie van ‘animator’. Dergelijke animatoren zijn intussen bijna onmisbaar in de rusthuizen om de kwieke oudjes op speelse en zinvolle wijze bezig te houden, of om gewoon het verzorgend personeel bij te springen waar het kan. Animatoren hebben inderdaad een breed takenpakket, en daarom vindt de minister die naam te ‘eng’. Hij zou de onderhoudende mensen die met hart en ziel in de rusthuizen werken tekort doen. Vandeurzen vroeg daarom aan Zorgnet-Icuro om na te denken over een beter alternatief. Nu is taalzuivering en newspeak altijd een kolfje naar de hand van de progressieve theekransjes die Vlaanderen rijk is, dus gingen ze bij Zorgnet naarstig op zoek. Maar het eerste idee waarvan de Zorgnetters bevielen, zorgde in de sector toch voor enig gefrons. Animatoren zouden voortaan als ‘vlindertje’ door het leven gaan. Mochten wij niet beseffen dat het hier een kwestie betreft die met bittere ernst dient te worden behandeld, we zouden een schaterlach niet kunnen onderdrukken. Maar zó slecht is ons karakter nu ook weer niet.

Nu gesnapt?

De Raad van State snapt niet welk criterium minister Maggie de Block hanteert om wel een suikertaks te heffen op frisdrank “light”, die amper of geen suiker bevat, en niet op ingeblikt fruitsap dat een flinke hoeveelheid van het goedje bevat. We zijn immer bereid om opheldering te verschaffen, ook aan de Raad van State. Het verbruik van “light” frisdrank wordt een stuk hoger geschat dan dat van fruitsap. En vermits het enige doel van een regering is de staats- en andere overheidskassen te spijzen, onder het mom van “wij dragen zorg voor uw gezondheid”, ligt de verklaring voor de hand. Nu gesnapt? Toch?