Terecht was de afwijzing voor een (eventuele) verplaatsing van de traditionele 11 juliviering in Brussel van stadhuis naar KVS unaniem. Een daadwerkelijke beslissing in die richting mag dan nog veraf liggen, dat is wel vaker het geval wanneer iets ‘lekt’, alleen noopt het voorval tot waakzaamheid. Er zijn namelijk van die gevallen waarbij principiële argumenten beduidend zwaarder doorwegen dan praktische voordelen.

In het gewoel van de Schoolstrijd verklaarde de legendarische Waalse vakbondsleider André Renard dat “pas une patte flamande ne se posera sur la place Saint-Lambert”. Eerder toevallig (of niet?) dachten we daaraan bij het betreden van het Brusselse stadhuis op de zonnige zaterdagochtend die de voorbije elf juli te beurt viel. Want ongeveer op die manier zou men het sentiment kunnen verwoorden dat het jaarlijkse gebeuren bij heel wat Franstaligen veroorzaakt, te beginnen bij de eerste burger van de stad, de wat sinistere burgemeester Mayeur. Geloof maar niet dat hij ingaat op de uitnodiging die hij voor het gebeuren ontvangt, maar voor het feest van de Franse Gemeenschap enkele maanden later, eveneens in ‘zijn’ stadhuis, tekent hij steevast present.

Misschien hecht het gros van de aanwezige Vlaamse beau monde weinig belang aan de symboliek van net deze locatie, aan Franstalige kant doet men dat wel. Alleen al daarom zou de keuze van een andere plek een vergissing zijn. Laten we dat stadhuis als plaats voor de officiële 11 juliviering niet als een ‘overwinning’ zien, eerder als een duidelijk statement. Maar dat prachtige gebouw en die mooie locatie de rug toekeren, zou de Franstaligen zeker de indruk geven van een capitulatie. Begrijp: een francofone overwinning op die dekselse Vlamingen.

Voor alle duidelijkheid: van een beslissing in die richting is (alsnog) geen sprake, maar de gebeurtenissen van vorige week tonen aan dat we alert moeten blijven. Wat zijn de feiten? Een vertrouwelijke nota tussen het hoofd van de Vlaamse regering en de voorzitter van het Vlaams Parlement, Bourgeois en Peumans dus, partijgenoten bij N-VA, lekte uit. Hierin zou de minister-president geopperd hebben om de regering mee te betrekken in de organisatie van die 11 juliviering (vandaag ligt die bij het parlement) én, zo stelde hij, zou een andere locatie zoals de KVS er zich beter toe lenen. Zijn woordvoerder lulde er zich uit met een verhaaltje dat het om een praktische regeling ging; de KVS is groter en zou andere mogelijkheden bieden, ook naar meer buitenlandse gasten toe, maar goed, met dat soort praatjes olie op de golven gooien behoort tot het standaard takenpakket van de functie. Ander voordeel van zo’n verhuis, is dat men verlost raakt van het obligate welkomstwoord van een lid van het Brusselse schepencollege, in regel één van de Vlaamse schepenen. Tijdens de recentste editie was het schepen Ans Persoons (sp.a) die de spits van de viering afbeet. Wellicht ergerde ze ook Geert Bourgeois met haar bij momenten gênant geleuter over de voetgangerszone, het nieuwe multiculturele Brussel, et cetera. Op een ‘nationale’ feestdag een publiek dat voor een aanzienlijk deel uit buitenlandse gasten bestaat vervelen met geklets over iets wat enkel als dorpspolitiek kan worden omschreven, het getuigt van weinig niveau. Maar laten we eerlijk zijn: ook de tweede spreker, Jan Peumans, zorgde niet voor een mijlpaal in de geschiedenis van de retoriek, ook niet inhoudelijk. Het wordt stilaan een gewoonte dat het plechtige gedeelte de opstap is naar de overigens prima verzorgde receptie, ook dat is een traditie…

De dingen moeten echter in hun juiste verhouding beoordeeld worden. Praktische elementen wegen in deze niet op tegen principiële argumenten. Het verrast bovendien dat net de idee van Geert Bourgeois zou komen. Het is geweten dat hij een gemeende belangstelling heeft voor de band Brussel-Vlaanderen, al was het maar omwille van zijn familiale banden met de stad: zijn zoon woont in Schaarbeek, en zijn schoondochter Cieltje van Achter zetelt voor de N-VA in het Brussels Parlement. Maakte hij een verkeerde inschatting en onderschatte hij de draagwijdte van zo’n stap? Wie zal het zeggen. Lekken komen er doorgaans niet door toeval, en vaak zijn ze een uitgelezen manier om bepaalde maatregelen tegen te houden nog voor ze iets onvermijdelijks krijgen. Hopelijk ook in deze.

KNIN.