Zelfopvolger

Mijnheer de oppertsjeef,

Er hebben zich geen andere kandidaten gemeld om eventueel het roer van uw partij over te nemen. Men staat klaarblijkelijk niet te drummen. Toen destijds bij het Vlaams Blok en later het Vlaams Belang er maar één kandidaat-voorzitter was, en eigenlijk alle leden het eens waren dat die het mocht worden of blijven, gruwelde iedereen over het zwakke democratische karakter van die partij. Vandaag komt dat fenomeen ook in andere partijen wel vaker voor en niemand vindt daar nog iets vreemds aan. Gij zijt daar zelfs een straf voorbeeld van, want gij zijt al sinds 2010 onbetwist voorzitter van de CD&V. Na het verkiezingsdebacle onder Marianne Thyssen naamt gij eerst ad-interim het roer van haar over. Dat werd later dat jaar door de leden bevestigd met bijna 99 procent van de stemmen. Over een stalinistische score gesproken! Daar kunnen Bart de Wever en Tom van Grieken nog lang niet aan tippen. In 2013 werdt gij even vlotjes herkozen, met 98 procent van de stemmen. De verkiezingsprocedure was daarbij eigenlijk maar een formaliteit. Ook dan was er geen tegenkandidaat. En nu staat gij daar weer alleen, om uzelf op te volgen. De uitslag is voorspelbaar. Wij kunnen u derhalve bij deze nu al feliciteren en ‘courage’ toewensen. Want de weg naar de lokale verkiezingen van 2018 en de nationale verkiezingen van 2019 zal geplaveid liggen met wolfijzers en schietgeweren.

Waarschijnlijk is het daarom dat sommigen de kelk aan zich laten voorbijgaan en liever op wat gunstiger tijden wachten… De peilingen zijn immers niet zo vriendelijk voor uw partij, die ooit nog tegen de 40 procent van de Vlaamse stemmen heeft gezeten. Als jullie vandaag nog zo’n 15 à 17 procent overhouden, dan mogen jullie de pollekens kussen en als dank wat noveenkaarsen branden.

Het is duidelijk dat jullie in de meest ongemakkelijke regering ooit zitten. Dominant zijn jullie niet echt meer, maar wel onmisbaar voor een rekenkundig stabiele Vlaamse meerderheid. Jullie moeten bovendien niet zozeer slagen afhouden van de oppositie, maar vooral van uw coalitiepartner, de N-VA. Daarom zoekt gij naarstig naar wegen om u daartegen te kunnen afzetten en u te profileren. En als een sluwe vos weet gij dat de mensen hoofdzakelijk wakker liggen van wat er met hun centen gebeurt. Vandaar dat gij handig de schuld van het begrotingstekort in de schoenen van N-VA-minister van Financiën Johan van Overtveldt schuift. Het is een strategie om de verantwoordelijkheid van wat er fout loopt in dit land bij de grootste partij en haar minister te leggen. En gij weet maar al te goed dat Grote Leider Bart de Wever voor dat soort scenario’s als de dood is. Veel waarnemers zijn het erover eens dat hij daarom het premierschap nooit zelf wilde en het met genoegen wilde doorschuiven naar Kris Peeters… Dat ging evenwel niet door, omwille van een politieke deal op Europees niveau om Marianne Thyssen Eurocommissaris te maken.

Walter Pauli had het recentelijk in Knack goed gezien, toen hij zei: “Aanvallen als die van Beke verplichten de N-VA om mee het gewicht van de regering te dragen, de publieke opinie te trotseren en tegen de wind in te beuken.” Naar de buitenwereld schuwt gij in die zin zelfs een voor u onvertogen woord niet om de grens tussen u en de N-VA te trekken: “Het is niet omdat Bart de Wever een scheet laat dat de hele Wetstraat een gasmasker moet opzetten.” Daarbij profileert gij u als behoeder van het maatschappelijke en sociaaleconomische evenwicht en legt gij u dwars voor een partij als de N-VA die in de sociale zekerheid wil snoeien.

Het is een uitgekookte strategie, en gij komt daar goed mee weg, zeker ook omdat gij niet expliciet gekoppeld wordt aan een bepaalde stand binnen de CD&V. Gij zijt de hoeder van alle christendemocraten, zoveel is duidelijk.

Toch weet ik dat er voor uw partij nog harde tijden aankomen, ook als gij voorzitter zult blijven. De publieke opinie is namelijk doordrongen van het beeld van een tsjevenpartij, die zich morgen evengoed centrumlinks als centrumrechts durft noemen, al naargelang van waar de politieke wind waait. Misschien kunt gij eens een poging doen om ook voor uw eigen club wat klaarheid te scheppen… Of blijft gij laveren?

’t Pallieterke