Iedereen had de voorbije dagen zijn mening over het ‘gat in de begroting’ van 3,2 miljard euro. In de discussie werd één zaak niet vermeld: het ‘communautair’ dynamiet dat in de overheidsfinanciën schuilt. Een deelname van de deelstaten aan de sanering zou veel oplossen. Maar dat willen Wallonië en Brussel niet.

Het was de voorbije week een cijferlawine zonder voorgaande. Volgens het monitoringcomité voor de begroting moet de federale regering op zoek naar minstens 2,2 miljard euro om de overheidsfinanciën op koers te houden. En het worden er 3,2 miljard als deze regering de doelstelling van bij haar aantreden wil realiseren: een structureel begrotingsevenwicht in 2018. De laatste dagen was in de Wetstraat te horen dat een sanering van 1,8 miljard euro ook wel oké zal zijn. Wellicht zal de regering een aantal prognoses van het monitoringcomité bijsturen. Zo rekent deze laatste de 100 miljoen euro extra besparingen door een efficiëntere overheid niet mee. En er zijn nog andere besparingen die de regering-Michel in tegenstelling tot het monitoringcomité zal meetellen.

Waarover dezer dagen niet wordt gesproken, is het communautaire dynamiet dat in de begroting verscholen ligt. Laten we duidelijk zijn: deze regering zal niet vallen over de begrotingscontrole. Daar heeft niemand van de coalitiepartners belang bij. Er zal geen communautaire strijd losbarsten tussen enerzijds MR en anderzijds N-VA/CD&V/Open Vld. Een Vlaams front is een mythe. En de MR weet dat enkel de PS zal winnen bij het oppoken van het communautaire vuur.

Ingewikkelde Belgische structuur

Neen, wat de komende dagen bij de begrotingscontrole helder zal worden, is dat het gezond maken van de overheidsfinanciën zeer moeilijk is door de hopeloos ingewikkelde Belgische structuur. En de grote economische verschillen tussen de deelstaten. Eerst de ingewikkelde structuur: het werd bij het verschijnen van het rapport van het monitoringcomité amper vermeld, maar de financieringswet slaat een gat van 500 miljoen in de begroting. Vorig jaar was er sprake van een bonus van 750 miljoen euro, federaal, via de financieringswet, nu is er sprake van een omgekeerde geldstroom, naar de deelstaten. De financieringswet moest voor stabiliteit zorgen in de geldstromen tussen de verschillende beleidsniveaus, maar nu gebeurt het tegenovergestelde.

Tweede punt: in de zoektocht naar miljarden voor de begroting neemt de Franstalige pers al een duidelijke positie in. Vorig weekend liet de beurskrant L’Echo weten dat de MR wel wat ziet in het minder aantrekkelijk maken van bedrijfswagens. Benoît Lutgen, voorzitter van cdH, hield maandag in La Libre Belgique een gelijkaardig discours. Logisch: er zijn meer bedrijfswagens in de provincie Antwerpen dan in heel Wallonië. Een belasting op de bedrijfswagens is bijgevolg een belasting op Vlaanderen. En als er over bepaalde vermogenstaksen wordt gesproken dan zijn het opnieuw de Vlamingen die het gelag betalen. Een besparing in de sociale zekerheid – een N-VA-wens – is dan weer ten nadele van de Walen.

Nog iets: in het rapport van het monitoringcomité staat dat België van de Europese Commissie jaarlijks 0,6 procent van het bbp (die 2,2 miljard euro) moet besparen. Maar in deze discussie gaat het enkel over de federale overheid en de sociale zekerheid (de zogenaamde entiteit I). Het rapport van het monitoringcomité voorspelt dat Entiteit II (de deelstaten en de lokale overheden) dit jaar 0,2 procent van het bbp (800 miljoen euro) zal moeten besparen. In totaal is dat 0,8 procent, meer dan Europa vraagt. Ergo, de federale regering zou aan de deelstaten kunnen vragen die besparing van 0,2 procent effectief door te voeren (het aantal ambtenaren op regionaal niveau is de voorbije jaren sterk toegenomen, daar is nog marge). Dan moet de federale ploeg plots geen 2,2 miljard meer zoeken, slechts 1,4 miljard euro. Want alle overheden samen voeren dan een sanering van 0,6 procent van het bbp door.

De Vlaamse regering zal wel bereid zijn die besparingen door te voeren, al was het maar omdat ze uit dezelfde partijen bestaat als de federale regering. Maar de Waalse en Brusselse regeringen, met de PS aan boord, zullen niet thuis geven. Integendeel, ze zullen geneigd zijn de teugels te laten vieren om het premier Charles Michel zeer moeilijk te maken. En zo is de begroting één groot communautair kruitvat waarbij federale overheid en twee deelstaten – Wallonië en Brussel – lijnrecht tegenover elkaar staan.

Angélique Vanderstraeten