De Europese Centrale Bank houdt de rente al een hele tijd extreem laag en een verdere daling is niet uitgesloten. Tegelijk worden miljarden euro’s in de economie gepompt. Doel: de groei en de inflatie, smeermiddel voor de economie, aanzwengelen. Maar dat wil maar niet lukken. Mario Draghi stopt daarom best met zijn lagerentebeleid. Het heeft meer nadelen dan voordelen en is zelfs pervers te noemen.

Vorig jaar besloot de Europese Centrale Bank (ECB) om maandelijks 60 miljard euro in de Europese economie te pompen. In de praktijk kwam het erop neer dat gouverneur Mario Draghi vanuit Frankfurt de opdracht gaf om staatsobligaties op te kopen zodat banken het zelf niet meer moesten doen. Ze konden dat geld dan gebruiken voor leningen aan bedrijven en consumenten. Gekoppeld aan een aanhoudend lage rente die sparen onaantrekkelijk maakte, werden de banken nog eens gesanctioneerd als ze het spaargeld niet in de economie pompten. Voor geld dat privébanken bij de ECB parkeerden, moeten ze een negatieve rente ophoesten. Terwijl ze wel nog een positieve rente – zij het zeer laag – moeten betalen aan hun klanten. Het bancair businessmodel komt hiermee in gevaar.

Maar Draghi heeft dat ervoor over. Zijn tweespan, lage rente en geldcreatie, moet ervoor zorgen dat de inflatie richting 2 procent stijgt en de groei ook in dezelfde richting aanzwengelt. Tot nu is daar weinig van te zien. De inflatie blijft laag, uitgezonderd in België door een aantal doorgevoerde belastingverhogingen, zoals de btw op elektriciteit. Een beetje inflatie in de eurozone is nochtans nodig omdat dit het smeermiddel is voor de economie. Het doet de waarde van de schulden dalen. En inflatie zet mensen aan tot kopen. Want als ze de indruk hebben dat de prijzen sneller stijgen, gaan ze hun aankopen niet langer uitstellen, wat op zijn beurt de groei stimuleert. Maar van een inflatieschok is geen sprake.

Idem voor de groei. Die komt met 1,6 procent in vele eurolanden wel hoger uit dan de voorbije jaren, maar dat is onvoldoende om werkelijk voor jobcreatie te zorgen. Daarvoor is een economische groei van 2 procent nodig.

Het beleid van de ECB heeft niet gewerkt. Draghi – daarin voor honderd procent gesteund door ‘onze’ gouverneur Jan Smets – beweert dat de economische groei in Europa de helft lager zou uitvallen als de ECB niet de recente maatregelen genomen had. Hij wil doorzetten. Wij wachten nog altijd op een econoom die deze stelling van de ECB wetenschappelijk kan onderbouwen.

Neen, het lagerentebeleid en de geldcreatie zijn slecht voor de economie en zijn zelfs pervers te noemen. Daar zijn verschillende redenen voor. Ten eerste vloeit het geld dat in de economie wordt gepompt vooral naar de beurzen en niet naar de reële economie. Aangezien de rente op spaartegoeden zo laag staat, proberen beleggers elders hogere rendementen te halen. Op de beurs, bijvoorbeeld. Gevolg daarvan: een steeds groter wordende ongelijkheid. De beleggers op de beurs behoren al tot het rijkere segment van de bevolking en zij zien hun vermogen nog toenemen, terwijl de mensen in de lagere inkomenscategorieën hun vermogen door de lage spaarrente zien afnemen. Financiële repressie, heet dat in het vakjargon.

De lage rente is ongezond voor het bedrijfsleven. Een lage rente maakt dat bedrijven met veel schulden en slechte resultaten blijven bestaan terwijl ze beter failliet zouden gaan. Een verhoging van de rente trekt ze uit de markt. Dat gebeurt dus niet.

Een lage rente is ook een cadeau voor de regeringen. Op het eerste zicht een goede zaak: er moeten minder rentelasten op de staatsschuld worden betaald. Dat geld kan dan voor iets anders worden gebruikt, zoals investeringen. In de praktijk gebeurt dat echter niet. Het geld gaat vooral naar sociale uitgaven. De dalende rente duwt regeringen in de hangmat. Ze kunnen hun begrotingstekort afbouwen zonder structurele hervormingen door te voeren. Zoals de regering-Michel doet. Volgens het laatste jaarverslag van de Nationale Bank is de verbetering van het Belgische structurele begrotingstekort in 2015 van 0,3 procentpunt integraal te danken aan de daling van de rentelasten. Kortom, de regering ziet het begrotingstekort verbeteren door niets te doen. Terwijl er eigenlijk nog verregaande besparingen nodig zijn.

De ECB stopt best met haar lagerentebeleid. Er moeten andere manieren gezocht worden om de groei aan te zwengelen. Meer innovatie, bijvoorbeeld. Of meer investeringen in de in vele landen (zeker in Vlaanderen) aftandse wegeninfrastructuur. Of door flexibelere arbeidsmarkten. Maar de rentedoping moet naar de prullenmand, dat is zeker.

Angélique Vanderstraeten