De leider van de vrije Fransen, Charles de Gaulle, doet na de oorlog alsof l’État Français niet bestaan heeft en schaft alle maatregelen van de collaboratieregering van Vichy af.

Vernieuwing

Toch bijna. De nationale politie blijft bestaan. Aan het nieuwe Moederfeest en het wettelijk minimumsalaris dat links in 1936 nog niet durft invoeren, wordt ook niet geraakt. En zelfs de vaste prijs voor een dagschotel overleeft Vichy. In haar “La nouvelle histoire de Vichy” noemt de Franse historica Michèle Cointet-Labrousse andere spectaculaire ingrepen die de autoritaire regering van maarschalk en chef de l’état Philippe Pétain neemt nadat ze alle volmachten krijgt van een parlement dat vrijwillig zelfmoord pleegt. Frankrijk is een land van dronkenlappen, waar eindelijk tegen opgetreden wordt. Het parlement durfde dat nooit, want de volksvertegenwoordigers waren veel te bang voor de wijnbouwers en hun personeel, voor de cafébazen en voor de Fransen zelf die graag hun wijntje dronken. In Frankrijk zeiden velen hoogst ernstig dat wijn geen alcohol is. Ook op onderwijsgebied vernieuwt Vichy de politiek. Het verbod voor geestelijke ordes om te onderwijzen wordt opgeheven en het katholiek onderwijs krijgt geld toegestopt zodat niet alleen rijke leerlingen de colleges bezoeken. Na de oorlog worden die toelagen die zo niet mogen heten weer afgeschaft, maar zodra De Gaulle in 1958 weer aan de macht komt, gaat er geld naar de vrije scholen. Ex-Vichy-medewerker Mitterrand wordt president in 1983 en hij financiert zeer ruim het katholiek onderwijs.

Links en naïef

Cointet doet dat wel meer: de aandacht vestigen op gelijkenissen tussen het huidige Frankrijk en sommige aspecten van het Vichy-regime. De Vijfde Republiek van De Gaulle, Mitterrand en Hollande verleent zeer veel macht aan de president en doet meer aan Vichy denken dan aan het parlementaire regime voor en na de oorlog waar losse coalities van volksvertegenwoordigers schaamteloos de ene na de andere regering creëren en liquideren. Vichy maakt een einde aan de gewoonte om parlementairen tot minister te promoveren en kiest dikwijls hoge ambtenaren; nog een gelijkenis met de huidige situatie. Opvallend is aanvankelijk de grote rol die vele linksen of linkse liberalen in Vichy spelen als minister of topambtenaar. De man die meer dan wie ook het regime vertegenwoordigt en het later in de afgrond stort, is Pierre Laval, die vanaf 1942 meer in de pap te brokken heeft dan het officiële staatshoofd. Laval is een gewezen socialist die geleidelijk naar het midden schuift, maar die nooit zijn pacifistische sympathieën verbergt en die zich graag omringt met mensen uit de vroegere vredesbewegingen. Hij ziet nogal wat socialistische invloeden in het nationaalsocialisme. Hij haat oorlog en is een absoluut tegenstander van de Franse oorlogsverklaring van 1939. Hij is ervan overtuigd dat de 40 miljoen Fransen geen partij zijn voor de 80 miljoen Duitsers.

Laval

In tegenstelling tot Staf de Clercq of Rik Elias is Laval iemand van het establishment, twee maal eerste minister en minister van Buitenlandse Zaken voor de oorlog en iemand die alle coulissen van de macht kent. Hij heeft wel iets gemeen met de Vlaamse collaboratieleiders. Laval gelooft lang in de Duitse overwinning, zelfs op een moment dat de Duitsers al twijfelen. Dan denkt hij, zoals Elias, aan een compromisvrede en hij verwacht zelfs dat hij nog een rol kan spelen tijdens de bevrijding, om revolutionaire toestanden te vermijden. Zoals de Vlamingen blijft hij lang bijzonder naïef. Hij denkt echt dat er met de Duitsers kan gesproken worden, dat compromissen mogelijk zijn, dat zijn collaboratie de juiste weg is naar de plaats van Frankrijk in een nieuw Duits Europa. Hij begrijpt niet dat de Duitsers er alleen op uit zijn het rijke Frankrijk leeg te plunderen en de Fransen te verarmen zodat de levensstandaard in Duitsland ondanks de oorlog niet zakt. Hij heeft er geen idee van hoe diep Hitler Frankrijk veracht. Laval vraagt zich af of Frankrijk geen Duits bondgenoot moet worden tijdens de oorlog; iets waar noch Pétain noch Hitler zelfs maar een seconde aan denkt. Laval is één van de drijvende krachten die de vrije markt zoveel mogelijk uitschakelen, die de economie controleren zodat de geleidelijke schaarste des te rechtvaardiger verdeeld wordt tussen de Fransen. Niet de Fransen maar vooral de Duitsers profiteren ervan, want zo komen ze te weten wat ze kunnen opeisen of betalen met hun waardeloze Reichsmarken.

Vergeefse aanval

Het Vichy-regime beleeft twee onderscheiden periodes. Tot 1942 is de regering niet onpopulair. Bijna iedereen haalt de schouders op voor die onnozele (ter dood veroordeelde) generaal de Gaulle in Londen. De leider van de vrije Fransen maakt zich belachelijk na een vergeefse aanval – met Britse hulp – op Dakar, hoofdstad van de Franse kolonie Senegal. De Franse koloniale troepen slaan de aanval gemakkelijk af en ze zijn lang trouw aan Vichy. De regering van l’État français lijkt ook de enige waarborg te zijn om het grootste Franse probleem op te lossen: de krijgsgevangenen. 1.600.000 Fransen zijn naar Duitsland afgevoerd. In zeer veel gezinnen ontbreekt de kostwinner, de vader, de zoon op de boerderij. Miljoenen vrouwen en hun gezinnen overleven met moeite. Wanneer Pétain einde 1940 Hitler ontmoet, in een Frans station, is geen protest te horen. De meeste Franken denken onterecht dat het gesprek gaat over die gevangenen. Frankrijk trekt zich dus ook weinig aan van de keiharde anti-Joodse maatregelen die de regering neemt; zelfs voor de Duitsers het vragen.

De ommekeer

De ommekeer komt einde 1941. De Franse communisten – vroegere bondgenoten van de nazi’s – plegen op bevel van Stalin aanslagen op Duitsers; zogenaamd om Duitse troepen in Frankrijk vast te pinnen. De Duitsers reageren met gijzelingen; waar de communisten zich niets van aan trekken, want volgens hun cynische logica versterkt dat het verzet. Vichy komt tussenbeide. Het beveelt de politie om zelf op te treden zodat verhinderd wordt dat de Duitsers onschuldigen als gijzelaar neerschieten. Tezelfdertijd kan de regering haar communistische vijanden straffen. Wat de Fransen onthouden, zijn landgenoten die andere Fransen veroordelen en fusilleren wegens hun verzet tegen de bezetter. Laval krijgt in april 1942 alle touwtjes in handen en denkt nog een paar troeven achter de hand te hebben. Hij gelooft dat hij een succes boekt als de Duitsers bereid zijn krijgsgevangenen vrij te laten a rato van één gevangene voor drie vrijwillige arbeiders. De Fransen trappen er niet in.

Vuurpeloton

Na de landing van de Amerikanen in de Franse gebieden in Noord-Afrika bezetten de Duitsers in november 1942 heel Frankrijk. Vanaf dat moment valt het argument weg dat de Vichy-regering het land beschermt. De Duitsers slepen 800.000 Fransen naar Duitsland om er te werken, en het verzet stijgt exponentieel. 60.000 Fransen komen terecht in de Duitse kampen; de helft overleeft het. 73.000 van de opgepakte 75.000 Joden worden vermoord. In de regering vervangen Franse nazi’s de burgerlijke ministers. Ze richten de beruchte Milice op, die moorddadig op jacht gaat naar tegenstanders van het regime. Vichy verliest alle moreel gezag. De leiders slaan na de geallieerde invasie op de vlucht. De wraak is groot. 9.000 echte of vermeende collaborateurs worden ter plaatse afgemaakt. 1.600, onder wie Laval, sterven voor het vuurpeloton na een proces. Pétain krijgt gratie.

Jan Neckers