Knutselwerken

De Vlaamse interne staatshervorming is een beetje een hindernissenparcours. Dat is al duidelijk gebleken met de hervorming van de provincies en de voorgenomen inrichting van bovenlokale entiteiten. Gestreefd wordt steeds naar gladde, mooi afgebakende structuren, maar in de praktijk komt men toch altijd weer uit bij halfslachtige, grillige knutselwerken. Binnen de koterij die het Belgische staatsbestel is, kan het ook onmogelijk anders, en de partijpolitieke compromissen die op het eigen Vlaamse niveau moeten worden gesloten doen de rest.

Het zoveelste voorbeeld hiervan werd geleverd door een wat wezenloos debat over de integratie van de OCMW’s in de gemeenten. Iedereen lijkt het erover eens dat een van de gemeente afgescheiden en op zichzelf staande OCMW-structuur niet meer van deze tijd is. Om gemeenten en OCMW’s netjes samen te smelten zou de federale OCMW-wet moeten worden gewijzigd, maar dat blijkt dus niet zo eenvoudig te zijn. Op een andere manier dan maar, Vlaanderen kan door maximaal gebruik te maken van de eigen “organieke bevoegdheden”, waarop Liesbeth Homans niet genoeg kon hameren, al een heel eind in de goede richting gaan. Het wordt dan wel meteen een stuk minder elegant met OCMW’s die tenminste op papier blijven bestaan en met waarschijnlijk nog wat juridische haken en ogen. Verenigd sp.a en Groen schoten dan ook met scherp op het borduursel van Homans.

Detail

De trend van een steeds innigere verstrengeling van gemeenten met hun OCMW’s is al jarenlang ingezet. Dat in een, liefst deftig, Vlaams wettelijk kader gieten is niet meer dan normaal. Volgens Homans is alles waterdicht, volgens de tegenstanders zijn de plannen volkomen lek. Ook over de vraag of nu de lokale overheden ruime autonomie genieten dan wel door Vlaanderen alweer bekeizer-kosterd worden vielen diametraal tegengestelde interpretaties te beluisteren. Geen ziel natuurlijk in de Koepelzaal, die echter niet is gewonnen voor een “sterk lokaal sociaal beleid”. Qua gekakel kent het Vlaams Parlement hoe dan ook zijn gelijke niet.

Wie oog heeft voor het detail kan soms toch een pareltje vinden. Onze goede vriend Christian van Eyken (UF) zei namelijk ook heel even iets. In de faciliteitengemeenten kan het fusiefeestje met de OCMW’s alvast niet doorgaan. Homans moest toegeven dat daar inderdaad een aparte regeling geldt. In sommige Vlaamse gemeenten is Vlaanderen dus net een beetje minder bevoegd. Kennelijk zijn we nog helemaal waar we wezen moeten.

Heteronormatief

We wezen al vaker op de inflatie aan internationale dagen voor dit of tegen dat. Het Vlaams Parlement volgt die dingen met een devotie de kerkelijke kalender waardig. Naar verluidt is het nu weer “dag tegen homofobie en transfobie” geweest. Aanleiding voor Els Robeyns (sp.a) om een vraag te stellen over het Vlaamse beleid ter zake. Dat moet nogal meevallen, want de Vlaamse overheid had zich zowaar met de regenboogkleuren bevlagd om De Dag te vieren. Toch was er voor Robeyns nog werk aan de winkel, het “heteronormatieve” denken moet immers “structureel” worden doorbroken. Minister Homans vond dat ook allemaal heel belangrijk, ze geeft ondersteuning aan initiatieven zoals het transgenderinformatiepunt en de holebifoon en zag voor de Vlaamse overheid een “genderneutrale” voorbeeldfunctie weggelegd. Zoals Lorin Parys (N-VA) terecht opmerkte: het is belangrijk dat Vlaanderen doet wat moet.

Zwaar beroep

We spreken ons niet uit over de vraag of het leraarschap een zwaar beroep is. Onderwijsminister Crevits vindt echter dat de zware aspecten van dat vak moeten worden erkend. Eigenlijk wil ze vermijden dat de federale pensioenhervorming een te groot bloedbad voor de leraren zou worden. Op vragen van Jos de Meyer (CD&V) en Ann Brusseel (Open Vld) wist Crevits te vertellen dat ze het nodige lobbywerk deed. Ook federaal zou worden afgestapt van de notie “zwaar beroep” en zou men eerder specifieke activiteiten laten doorwegen. Uiteraard waren de inspanningen van de minister onvoldoende voor Caroline Gennez (sp.a) en Elisabeth Meuleman (Groen). Gennez verweet Crevits dat ze haar paraplu opentrok: als het federaal toch niet allemaal naar wens zou gaan, kon de minister nog altijd zeggen haar best te hebben gedaan. Crevits was niet erg verguld met die analyse en zei voor haar lerarenkorps pal te staan. Wie vroeg zich ook weer af waar “de poen van uw pensioen” is heen gevloden?