Niet makkelijk

Hervormen is niet altijd makkelijk, bleek maar weer eens uit het actualiteitsdebat over de provincies. Het feit dat de datum waarop de provinciehervorming effectief moet worden met een jaar is opgeschoven naar 2018, wijst erop dat enkele probleempjes nog niet helemaal zijn weggewerkt. Het is dan ook een vreemde oefening om iets af te schaffen en het tegelijk te behouden. Nu is het politieke compromis geworden dat de provincies worden “afgeslankt”. Afslanken om op termijn te verdampen is de N-VA-lezing, afslanken om te worden geherwaardeerd die van CD&V. Bij dat afslanken kunnen veel vraagtekens worden geplaatst, zeker als minister Homans zelf vertelt dat de provincies 86 procent van hun jaarbudget houden. Wel binnengehaald is een aanzienlijke vermindering van de “postjes”, het aantal provincieraadsleden wordt gehalveerd en er blijven per provincie nog maar vier gedeputeerden over.

Voor het overige is veel onduidelijk. De grote steden zouden dan toch niet uit de provincies worden gelicht, bepaalde fiscale aanpassingen zijn nog niet uitgeklaard – hoewel wordt bezworen dat de burger daar niets van zal voelen – en nog wat van die losse eindjes. Ook is iedereen voorstander van een soort tussenniveau, maar weet niemand welke vorm dat zal gaan aannemen; van bestuurlijke “verrommeling” is iedereen dan weer tegenstander, maar van de voorliggende hervorming kan niet worden gezegd dat ze gladjes oogt.

Kracht van verandering

Marius Meremans (N-VA), en met hem enkele anderen, scheen te denken dat de provincies ons zijn overgeleverd uit de Anschluss door onze Franse vrienden destijds. Dat klopt min of meer voor de provincies in hun huidige vorm, maar de provinciale instelling zit historisch veel dieper, wat hedendaagse Vlaamse jakobijnen wel eens vergeten. Meremans verdedigde gloedvol de hervorming als een flinke stap in de goede richting. Dat het om een compromisoplossing ging, ontkende hij niet, maar hij zag daar niets verkeerds aan. De kracht van verandering was in volle actie, aldus Meremans. Chris Janssens (VB) zag dat anders, N-VA heeft maar een magere buit te pakken en er zit wat al te veel water in de wijn. Het kwam hem op enige bitsigheden over de bestuurlijke successen van het VB te staan.

Een in de context wat vreemd betoog kwam van de altijd originele Michel Doomst (CD&V). Hij vond de origine van de provincies al bij de Romeinen – wat beter is dan bij de sansculotten, maar toch. De provincies worden weliswaar afgeslankt maar zeker niet afgedankt. De provincie werd nu, volgens Doomst, zelfs definitief verankerd en voor het vernieuwde provinciale niveau schetste hij een schitterend toekomstvisioen. Een bruiloftstoespraak op een uitvaartdienst, denken wij.

Chaos

Verenigd links verkneukelde zich voorspelbaar in de “chaos” die door de provinciehervorming zou worden veroorzaakt. Dat de voorstellen door de Raad van State wel eens het deksel op de neus zouden kunnen krijgen, was evenzeer een bron van vermaak.

Waar bij sp.a nog wat dubbelzinnigheid heerst over de rol van de provincies, zou Groen naar “organische” stads- en streekgewesten willen gaan. Op de N-VA-banken riep dat, niet onterecht, een beeld op van een veelvoud aan miniprovincies. Maar, ondanks de strikte nog eens door Geert Bourgeois vertolkte leer van slechts twee beleidsniveaus, is moeilijk te vatten hoever de Groen-opvatting staat van de bovenlokale samenwerkingsverbanden die tussen alle regels door en vanuit elke hoek opduiken.

De provincies, en vooral de wat verder afgelegen provincies Limburg en West-Vlaanderen, waren van oudsher belangrijke actoren voor bijvoorbeeld cultuur. Bart Caron (Groen) maakte zich zorgen over het herverdelende aspect van de provincies. Als vroegere provinciale middelen worden overgebracht naar het centrale Vlaamse niveau bestaat het gevaar dat die voornamelijk zullen terechtkomen in het hartland van de zogenaamde Vlaamse Ruit. Daarmee rakelde Caron het zeer oude probleem op dat sommige streken inderdaad relatief achtergesteld zijn geweest en dat de provincies daar vaak een buffer tegen waren. Cultuurminister Gatz had wel oren naar die opmerking en zou ze natuurlijk “meenemen”.

Vooralsnog lijkt de voorgenomen provinciehervorming wat halfslachtig te zijn en kiemen in zich te dragen voor nog veel moeilijkheden. Ter overweging een Engelse wijsheid: “If it ain’t broken, don’t fix it.”