Het Vlaams Parlement keurde op 1 juni een nieuw decreet goed over de erkenning en de subsidiëring van de georganiseerde sportsector. Dit is ook voor de multisportfederaties (federaties met een breed aanbod van sporten) een zeer belangrijk decreet omdat hun erkenning en vooral subsidiëring, en aldus hun werking, hierdoor bepaald wordt. De afhandeling van dit decreet is een ware politiek vaudeville geworden met de liberalen in een zielige hoofdrol.

Het belangrijkste twistpunt was het aantal leden voor een multisportfederatie. Het kabinet-Muyters had minimaal 30.000 leden voorgesteld om de rationalisatie van de werking te realiseren en om de historisch gegroeide, vaak verzuilde, versnippering af te bouwen. Hiertegen rees verzet van drie kleine federaties, die geleid worden door personen met een uitgesproken Vld-signatuur. De Bond Voor Lichamelijke Opvoeding (BVLO) was jaren geleden een federatie met meer dan 30.000 leden, maar het aantal daalde tot 6.000 leden; deze federatie had tot nu zes personeelsleden, gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap, en er werden twee wagens ter beschikking gesteld van bestuurders! Een andere door blauwen geleide federatie (Sportievak) is een lucratieve organisator van sportkampen met eveneens 6.000 leden. Een derde blauw geleide federatie is Padel, een nieuwe sport, en een niet-erkende federatie met enkele honderden leden. Toen deze federaties van het blauwe fabriekje vernamen dat er 30.000 leden moesten zijn voor erkenning en subsidiëring werden de blauwe politieke relaties aangesproken, waarna er binnen de Vlaamse regering een nooit geziene politiek druk werd uitgeoefend om het ledental te verlagen tot 10.000.

Gwendolyne Rutten maakte er een ‘zaak’ van en wilde tonen dat zij kan scoren. Om verdere heibel te voorkomen en om de onvermurwbare liberalen ter wille te zijn, werd in een nieuw ontwerp het aantal van 10.000 opgenomen, ondanks hevig bezwaar van het kabinet-Muyters. Sport Vlaanderen (het vroegere Bloso), de Vlaamse Sportfederatie (VSF), de koepelorganisatie van alle Vlaamse sportfederaties met meer dan 90 procent van hun leden en de unanieme Vlaamse Sportraad verzetten zich tegen de verlaging tot 10.000 leden.

Partijdiscipline

Er volgde op 28 april een hoorzitting in het Vlaams Parlement, waar de terechte bezwaren door de quasi unanieme en zeer representatieve sportsector duidelijk werden herhaald. Op 17 mei kwam de Commissie Sport van het Vlaams Parlement samen en in het verslag van 27 bladzijden staat hierover één lijn; Muyters antwoordde op de vraag over het waarom van de ondergrens van het voorgestelde ledenaantal (10.000) dat dit aantal het resultaat is van een afspraak binnen de Vlaamse regering.

N-VA en CD&V, die zeer goed wisten dat dit onderdeel van het decreet hevig betwist werd door de Vlaamse sportsector maakten in de plenaire vergadering enkele randbemerkingen, maar zwegen over het grote discussiepunt. N-VA-woordvoerder Wouters sprak er met geen woord over en zei ongegeneerd dat dit decreet beantwoordde aan de wensen van de Vlaamse sportsector… Ze stemden uiteindelijk mee met hun blauwe zielenpoten. Quasi altijd worden sportdecreten unaniem goedgekeurd, maar nu stemden sp.a, Groen en Vlaams Belang tegen. Het mocht echter niet baten. Vlaanderen moest weer eens bewijzen dat wat het zelf doet, beter doet.

KvC