Wat zijn de gevolgen van het Stalinbewind? Zweetparels en een van angst vertrokken gezicht in een fractie van één seconde.

Het gebeurde in de bar van het grootste hotel van Kiev in 1987. Een student had mij op straat aangesproken en ik nam hem mee om iets te drinken. Ik keek hem verwonderd aan en zag toen eerst de politiemannen voorbij ons tafeltje stappen die een paar hotelhoeren kwamen arresteren. Gorbatsjov was al jaren aan het bewind, maar de naakte angst bij iemand die vijf jaar na Stalins dood geboren was, stond op dat gezicht.

Ik herinnerde me het voorval toen ik de recente biografie van de dictator las van de Russische historicus Oleg Chlevnjoek. De Moskoviet had jarenlang de gelegenheid en de talenkennis om te profiteren van de tijdelijke opening van de archieven waaronder het persoonlijk archief van Stalin. Inmiddels ligt weeral veel papier achter slot en grendel, o.a. rapporten aan Stalin van de NKVD (geheime dienst) en zijn reacties. De auteur schrijft droog dat die bewaard worden bij de diensten van de “President van de Russische Federatie”: ons aller Poetin. Hij eindigt veelzeggend zijn biografie met “Zou het echt zo zijn dat Rusland in de eenentwintigste eeuw het gevaar loopt de fouten van de twintigste eeuw te herhalen?”

De intellectueel

Ik ga niet het hele verhaal navertellen, maar alleen een paar nieuwe aspecten vermelden over de Vojzd, zoals hij altijd genoemd werd. En ja, dat betekent echt “De Leider”, of “Der Führer” zo u wil. Overigens, Vojzd en Führer bewonderden elkaar. Hitler waardeerde de ongeremde moordzucht van Stalin in de zoektocht naar binnenlandse tegenstanders of zogenaamde verraders als falende generaals. Stalin benijdde de loyauteit waartoe Hitler de nazi’s inspireerde en bewonderde de risicostrategie van de Duitser op buitenlands terrein.

In tegenstelling tot de legende was Stalin geen doodarme Georgiër. Zijn vader was een zelfstandig schoenmaker, die kon lezen en schrijven, en ook Russisch sprak. Zijn moeder was tot haar 8ste lijfeigene, maar leerde ook Georgisch lezen en schrijven. Ioseb (Jozef) Dzoegasvili was een leergierige modelleerling en een goede student op het seminarie, tot hij op zijn 21ste genoeg had van de keiharde discipline en hij duidelijk het marxisme verkoos boven het Grieks-orthodoxe geloof. Hij hield aan zijn studiejaren zijn grootste hobby over: lezen. Nooit heeft Rusland of de Sovjet-Unie een belezener staatshoofd gehad. Zelfs Lenin kwam niet in zijn buurt.

Tijdens zijn studiejaren leerde hij vlug en uitstekend Russisch. Zijn Georgisch accent raakte hij nooit helemaal kwijt, maar zijn woordenschat of grammatica moest niet onderdoen voor die van een Russisch intellectueel. Chlevnjoek onthult dat hij tijdens zijn gevangenisjaren Franse en Engelse boekjes of kranten vroeg, terwijl niemand zich herinnert dat hij als leider van de Sovjet-Unie één woord in een vreemde taal sprak. Het zou echt iets voor Stalin zijn om schijnbaar geconcentreerd naar een tolk te luisteren bij zijn gesprekken met Churchill, Roosevelt of De Gaulle, terwijl hij over een volgende zet nadacht.

In tegenstelling tot de jonge en zelfs de latere Hitler was de revolutionaire bolsjewiek Stalin (de man van staal) wel bereisd. Hoewel hij in opdracht van Lenin en de bolsjewieken vooral andere verbannen of gevluchte partijleden opzocht, kwam hij voor de Eerste Wereldoorlog al in Parijs, Londen, Wenen enz. Dat contrasteert fel met zijn latere gedrag als dictator. Met geen stokken kreeg men hem uit Moskou, tenzij om op vakantie te trekken naar het warme Zuid-Rusland. Dat had het grote voordeel dat hij de gruwelijke ellende niet zag die zijn politiek veroorzaakte. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bezocht hij maar één keer soldaten aan het front.

De dogmaticus

Westerse media gebruiken altijd de foute mantra dat totalitaire ideologieën de soep niet zo heet eten als ze haar opdienen. In het verleden heeft men de intensieve criminaliteit van het nazisme in de jaren dertig onderschat, en nog altijd doet men hier te lande alsof de PvdA een fatsoenlijke partij is. Over de mohammedaanse schurkenideologie is de mediaberichtgeving dan weer crimineel misleidend. Stalin was pragmatisch in zijn buitenlandse politiek. Dit wil zeggen, zolang het Rode Leger nog niet alle touwtjes in handen had. Maar in eigen land gedroeg hij zich zoals hij was: een fanatieke marxist die er heilig van overtuigd was dat het marxisme wetenschap van de bovenste plank was. Hij geloofde aanvankelijk nog in de stelling: “naar ieders vermogen, aan ieder naar zijn behoeften”. Stalin vond dat de geldeconomie moest verdwijnen net als loonarbeid of privé-eigendom van wat dan ook. Feitelijk stond hij maar één keer niet vierkant achter Lenin. Die lanceerde na de overwinning van de communisten in de burgeroorlog de Nieuwe Economische Politiek. Hij stond kleinhandel en privélandbouw toe om de ellendige levensomstandigheden te verbeteren. Stalin ging niet akkoord met Lenins “rechts” standpunt, maar na diens dood liquideerde hij zijn eigen medestanders in de linkse vleugel met behulp van de rechtsen in de partij. Hij liet vervolgens de rechtsen uit de partij zetten en voerde dan het programma van de linksen uit.

Dat werd een ramp waar de Sovjet-Unie en Rusland zich nooit van herstelden. De collectivisering van alle boerderijen – moordpartijen en twee gruwelijke en georganiseerde hongersnoden inbegrepen – maakte van de boeren een uitgebuite klasse zoals ten tijde van de ergste lijfeigenschap. Met de resultaten van de afpersingen werd inderhaast en slordig geïndustrialiseerd op grote schaal. De landbouw is tot vandaag een zorgenkind en Rusland leeft nu van de export van grondstoffen, want geen hond denkt eraan de rommel te kopen die Russische fabrieken produceren. Stalin moest tegen zijn zin toestaan dat de geproletariseerde boeren een klein stukje grond voor eigen verbruik en gewin bewerkten; lange tijd goed voor bijna de helft van alle voedselproductie.

De moordenaar

In tegenstelling tot veel westerse historici, kan Chlevnjoek zich goed indenken waarom Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk liever zaken met Hitler deden dan een verbond met de Sovjet-Unie tegen Duitsland sluiten. Tot het begin van de oorlog was de verhouding van het aantal slachtoffers in de twee dictaturen één tegen duizend. Daarna haalde Hitler op korte tijd zijn achterstand in. De historicus geeft geen overzicht van het aantal slachtoffers van Stalin, maar sinds de archieven in Rusland opengingen, zijn de cijfers naar beneden bijgesteld. Timothy Snyder, de auteur van Bloedlanden, raamt het aantal slachtoffers op 11 miljoen; het grootste deel stierf in opzettelijke hongersnoden (vooral in Oekraïne), 3 miljoen mensen kwamen om in de Goelag en 1 miljoen bij de Grote Terreur in 37-38. Maar hoe kan je de permanente angst kwantificeren van 190 miljoen mensen? De extreem lage levensstandaard en de ellendige ontbrekende gezondheidszorg waardoor indirect miljoenen mensen vroegtijdig stierven? De moordpartijen op ervaren officieren, waardoor het Rode Leger in de oorlog miljoenen mensen onnodig verloor?

Eén belangrijke zaak vermeldt de Russische historicus niet. Stalin was een bloeddorstige crimineel, maar geen uitzondering. Het hele marxistisch-leninistisch concept van “de dictatuur van het proletariaat” eindigt bijna altijd met de dictatuur van een gewetenloze moordenaar: Mao in China (minstens 30 miljoen doden), Pol Pot in Cambodja die de helft van de bevolking uitroeide, en de gruwelijke Kim-dynastie in Noord-Korea. Denk eraan dat dit de helden zijn van Peter Mertens of Raoul Hedebouw.

Jan Neckers