2016-28_04_Roddels uit de Wetstraat (Medium)Stiptheid?!

We schreven het al vaker: het wordt een gewoonte, de minuten stilte bij de aanvang van de plenaire vergadering in de Kamer. In de woorden van Kamervoorzitter Bracke bij zijn inleiding vorige donderdag was het “nu weer van dat”. Men stond toen stil bij de bloedige terreuraanslagen op 1 juli in Dhaka, Bangladesh, 3 juli in Bagdad, Irak, 4 juli in Saoedi-Arabië en 5 juli in Syrië. En nadien was er nog een gedachtenis met minuut stilte voor de overleden oud-gouverneur van Antwerpen, Andries Kinsbergen. De plenaire vergadering was gevuld met nog niet de helft van het aantal Kamerleden. Vorige week stelden we al vast dat hier toch iets niet klopt. Als de zitting om 14u15 begint, dan moet iedereen daar toch zijn, niet? Dat is de job! Een gewone burger moet toch ook niet te laat op zijn werk komen, tenzij hij/zij daar een geldige reden voor heeft?! Wij kunnen ons niet voorstellen dat de afwezigen – later op de namiddag kwamen enkelingen er nog wel binnenwaaien – zich vooraf hadden verontschuldigd bij de voorzitter…

Kloof

De voorstellen van Bracke om tot een uniforme pensioenregeling te komen voor de verkozenen des volks van alle zeven de parlementen die Het Edel Land der Belgen rijk is, loopt voor geen meter. De Franstalige parlementen zetten hun stekels op tegen de Kamervoorzitter en maken er een partijpolitiek spelletje van, terwijl er in de Kamer eensgezindheid hierover was bij alle partijen, Vlaamse en Franstalige. Men is nu zover dat de Kamer en het Vlaams Parlement – met twee partijgenoten als voorzitter; dat kan helpen – desnoods een regeling uitwerken zonder al de andere: Franse Gemeenschap, Waals Gewest, Brussels parlement en Duitse Gemeenschap. De tweedeling zegt genoeg… Ja, het is klaarblijkelijk gemakkelijker om wetten te maken die de burgers verplichten langer te werken dan wel een – al bij al nog erg riante – regeling voor zichzelf te vinden. De kloof tussen de politiek en de burger? Op die manier wordt ze alleen maar groter. En de kloof in België ook… Voor ons niet gelaten.

Katapult

Kris Peeters, minister van Werk, zou een uurtje vrij moeten maken om eens een nieuw kostuum te gaan kopen, als dat er af kan tenminste. Hij moest bij de minuut stilte namens de regering ook een woordje placeren. Zo gaat dat. Uiteraard deed hij dat rechtstaand en met één knoop van zijn kostuumvest dicht. Allemaal volgens de regels van de kunst. Maar het was geen zicht. Zoals hij daar stond, barstte hij haast uit zijn vest; die knoop stond op springen. Kamervoorzitter Bracke stond recht voor Peeters en kon alleen maar hopen dat het kleinood niet in de richting van zijn ogen zou gekatapulteerd worden wanneer Peeters’ pens de knoop tot wegspringen zou dwingen.

Een goed boek?!

Donderdag zat N-VA-Kamerlid en gelimogeerd alibiflamingant Hendrik Vuye in de Kamer met een boek voor zich op de bank ongeïnteresseerd naar de werkzaamheden te kijken. Bij nader toezien bleek dat het ging om ‘Quid nunc?’, het nieuwe boek over Vlaamse onafhankelijkheid van Gerolf Annemans van het Vlaams Belang. Als ‘statement’ kon dat tellen, in een fractie waarin elk communautair initiatief de kop wordt ingedrukt. Het is geweten dat Vuye het daar heel moeilijk mee heeft en toch probeert wat te rebelleren. Zo was vanop de publieke tribune heel goed te zien dat hij, samen met een behoorlijk deel van zijn fractie trouwens, applaudisseerde na de tussenkomst van Barbara Pas over de artsenquota. Peter de Roovers gezicht stond op onweer…

Applaus voor Barbara

Barbara Pas ondervroeg de minister van Volksgezondheid, Maggie de Block, over het onvoorstelbare compromis dat zij verdedigt waarbij de artsenquota’s – zeg maar de numerus clausus – losgekoppeld gaan worden van de 60/40-verhouding die al twintig jaar geleden werd vastgelegd. Om die aantallen te halen, voerde Vlaanderen al jaren geleden een toelatingsexamen in. Franstalig België deed niets en leverde dus al die tijd onbeperkt nieuwe artsen af. Tegen 2018 zou dat oplopen tot een overtal van 1.000! Deze scheeftrekking werd onhoudbaar en daarom werd een speciale commissie aan het denken gezet. Het resultaat is om van achterover te vallen! Eerst wil men het quotum artsen dat het beroep mag uitoefenen doen stijgen tot 1.320. En daarna zou de 60/40-verdeelsleutel losgelaten worden vanaf 2022, waardoor Vlaanderen recht zou krijgen op 745 artsen (56,5 procent) en de Franse Gemeenschap 575 (43,5 procent). Daarnaast zouden ook de Franstalige artsen op overschot toch patiënten kunnen behandelen. In ruil moeten de Franstalige universiteiten echter vanaf september reeds minder studenten geneeskunde toelaten. Barbara Pas haalde daar vorige week in de commissie al zwaar naar uit, hierin gesteund door Valerie van Peel van N-VA, die zelfs stelde er een breekpunt voor de N-VA van te zullen maken: “De bodem is voor ons bereikt voor wat betreft toegevingen aan de Franstaligen.” Ook N-VA-nationaal secretaris – en dokter – Louis Ide sprak over “onaanvaardbaar”. In de plenaire herhaalde Barbara Pas haar betoog en veroordeelde het compromisvoorstel bijzonder scherp. “De goede leerling wordt gestraft en de slechte beloond”, zei ze. Maar vreemd genoeg stond ze deze keer alleen op het spreekgestoelte. Barbara Pas herhaalde dan maar wat Van Peel en zijzelf in de commissie hadden gezegd: “Splits dan de sociale zekerheid, dan kunnen de Franstaligen zoveel artsen benoemen als zij willen, maar betalen zij er wel zelf de rekening voor.” En toen kreeg zij een feller applaus dan gewoonlijk: heel wat N-VA’ers waren het met haar eens en lieten dat duidelijk blijken. De andere regeringspartijen lachten groen…

Belgische oplossing

Het zou ons niet verbazen, moest er een vunzig compromis uit de bus komen, in deze zin: de quota worden opgetrokken naar het aantal Franstalige artsen van vandaag (overtal inbegrepen), wat dan 40 procent zal uitmaken. Vlaanderen kan dan aanvullen tot zijn 60 procent. Iedereen tevreden. Hoewel… Vlaanderen heeft twintig jaar zijn best gedaan en heeft tal van jongeren geen kansen kunnen geven. De Franstaligen hebben maar gedaan wat ze wilden, waarvoor Vlaanderen dus indirect mee betaald heeft. En nu komt er een soort BHV-compromis uit de bus dat doet uitschijnen dat alles rechtgetrokken is, maar waarbij Vlaanderen opnieuw de pineut is. Een typisch Belgische oplossing. Alweer. Het lijkt erop dat N-VA het hierbij niet gaat laten en toch nog weerwerk gaat bieden. We durven het hopen.