2016-31_13_boek kozakkentuin (medium)De Nederlandse schrijver Jan Brokken blinkt uit in een spie van de letterkunde: de literaire non-fictie. Keer op keer is Brokken uitmuntend en leerzaam. Internationaal behaalde hij succes met “Baltische Zielen” (2011), schrandere portretten van Balten die faam verwierven in de architectuur, de muziek, de film, de schilderkunst en de schone letteren. Mark Rothko, Hannah Arendt, Arvo Pärt, Michail en Serge Eisenstein zijn vijf van de vijftien zielen.

Nationaal escaleerden de lovende woorden over “De vergelding, een dorp in tijden van oorlog” (2013), een indringend beeld van zijn geboortedorp Rhoon in de Tweede Wereldoorlog. In Vlaanderen zijn recent Chris de Stoop met het bijtende “Dit was mijn hof”, over de haven en Natuurpunt in zijn Wase polders, en Mark Schaevers met “Orgelman”, over de schilder Felix Nussbaum in Oostende en Brussel, zijn schrijfbroeders. In beide boeken resulteren, zoals bij Brokken, studie, mijmeringen, documenten en gesprekken in journalistiek van een meesterlijk niveau.

Dostojevski

Het waargebeurde “De Kozakkentuin” van Jan Brokken haakt in op contacten en inzichten die hij verwierf tijdens zijn werk aan “Baltische Zielen”. De waarnemer beschrijft de bijzondere vriendschap tussen Alexander von Wrangel zu Ludenhof en Fjodor Dostojevski. Ze verschillen elf jaar in leeftijd. De jonge edelman ziet Dostojevski voor het eerst bij een groep arrestanten op weg naar een executieveld in Sint-Petersburg. Dostojevski was reeds een veelbelovend schrijver, en was kritisch over de tsaar en zijn regime. Gevolg: hij wordt veroordeeld tot de dood met de kogel. Op het laatste nippertje schrapt de autoritaire landsvader dat doodvonnis. Dostojevski wordt tot een mildere straf veroordeeld: jarenlange dwangarbeid in Siberië. Von Wrangel, telg van een Duits-Zweeds-Baltisch-Russisch geslacht, wordt officier van justitie in Semipalatinsk, een vlek in West-Siberië, waar Dostojevski opduikt als banneling. De klemtoon van het boek ligt op de verhouding tussen beide mannen. Echter, historisch en politiek aantrekkelijk, is de kennismaking met de Duits-Baltische baronnen die in de hogere leger-, wetenschappelijke en maatschappelijke kringen van Rusland een buitengemene rol speelden. Onze Marguerite Yourcenar, geboren de Cleenewerck de Crayencour, stamt langs kronkels uit dezelfde bloedgemeenschap.

Miserie alom

Dostojevski is met Poesjkin, Tolstoj, Tjsechov en Toergenjev één van de Grote Russische Schrijvers (met hoofdletters). Zijn treurige verbanning, zijn liefdesproblemen, zijn gevecht om zijn literaire kunde te uiten (publiceren, hoofd zijn van een tijdschrift, was hem jarenlang verboden) en zijn kampjaren komen in Brokkens boek aan bod. Alexander von Wrangel huurt het lustoord Kozakkentuin bij Semipalatinsk, en de schrijver wordt zijn zielsgenoot. Dostojevski zwalkt bestendig tussen een inzinking, de vallende ziekte (later blijkt hij de zwaarste vorm van epilepsie te hebben) en neerslachtigheid. De schrijver verbleef langer in de gevangenissen van feodaal Rusland dan in bibliotheken. Officier van justitie von Wrangel wordt door de schrijver uitgehoord over de, dikwijls, bizarre wederwaardigheden van een gerechtsdienaar in een uithoek van het Russische rijk. Mijnbouw, champagne (Veuve Clicquot), flirts, isolement (brieven zijn weken onder weg) zijn kenschetsend. Veel justitiële wederwaardigheden duiken later op in “Misdaad en straf” (1866), een hoogtepunt van Dostojevski. Culturele woestenij is een sleutelwoord voor Semipalatinsk, het stadje telt één piano. Alexander von Wrangel houdt zijn stand hoog, door zich te informeren over de wereld; hij is daarvoor geabonneerd op de Augsburger Allgemeine Zeitung en L’Indépendance Belge; die Belgische krant had midden de negentiende eeuw het prestige van de Londense Times en werd veel minder zwaar gecensureerd dan haar Parijse evenknie Le Temps. Vrouwen spelen in “De Kozakkentuin” vooraan op de scène, en ze variëren van deernen, over aanhalige zigeunerinnen en ingetogen matrones tot overspelige fabrikantendames. Zielsbetrokken is Dostojevski bij zijn eerste echtgenote, Maria Isajeva; de gang naar het altaar is een brokkenparcours. Gelijklopend valt von Wrangel voor de uiterst sensuele Katja Gerngross: de echtgenote van een hoge zilvermijndirecteur met zes kinderen en een onblusbare passie voor jong mannenvlees.

Een Rus leeft voortdurend in onmin met Rusland, anders is hij geen Rus, maar ontneem hem Rusland en hij sterft een langzame dood, is een sleutelzin van “De Kozakkentuin”. Aarzel niet deze ware vertelling over Russen van vlees en bloed met meeslepende carrières te lezen. U wordt op slag russoloog en drinkt antigif tegen de misdaden van tiran Poetin.

Frans Crols

Jan Brokken; “De Kozakkentuin”; uitgeverij Atlas, 349 blz.; ISBN 9 789045 030173