Op het Noorderterras

Op het Noorderterras

Rekeningrijden

Toen ik op het terras kwam, zag ik al een man op mijn bank zitten. Hij had een grimmige uitdrukking op zijn gezicht. Misschien kwam het omdat zijn huid rimpelde door de ouderdom. Ik twijfelde even of ik geen andere bank zou kiezen. Neen! De bank waarop ik al meer dan vijfentwintig jaar zit en die al enigszins de indruk van mijn achterwerk heeft aangenomen, althans zo voelt het mij aan, laat ik niet in de steek. En dus nam ik plaats. Ik knikte vriendelijk naar de man en zijn grimmige uitdrukking verdween.

Omdat ik niet de gewoonte heb zelf een gesprek te beginnen, wachtte ik af wat hij zou doen. Het duurde niet lang of hij startte met de vraag: “Ben jij met de auto hierheen gekomen?”

“Vandaag wel, omdat ik straks mijn vrouw moet ophalen”, zei ik. “En jij?”

“Zonder mijn auto kan ik niet.” Bij die woorden wees hij naar zijn linkervoet, die in een brede, zware schoen zat. “Hiermee kan ik niet ver lopen. Ik heb een kleine stadsauto. Omdat ik met een automaat rijd, heb ik mijn linkervoet niet nodig en kan ik nog onder de mensen komen. Vóór mijn voetkwetsuur, door een ongeluk, reed ik met een grote wagen. Daarmee toerde ik doorheen heel Europa.”

“Gelukkig bestaan er auto’s”, lachte ik. “Ik hoop de mijne ook nog lang te kunnen gebruiken. Als gevolg van een zware operatie, twee jaar geleden, kan mijn vrouw amper drie straten ver gaan. De tram nemen is helemaal onmogelijk. Voor ons is een stadsautootje, met de nadruk op stad, een echte noodzaak.”

“De stad loopt wel vol”, zei hij.

“Ze loopt niet alleen vol, ze rijdt ook vol”, lachte ik. “Hoe zou dat komen?”

“Door de welstand van de mensen, meneer. Vroeger was er één auto per gezin. Nu rijdt meneer met zijn auto naar het werk en doet mevrouw met haar auto boodschappen. Worden de kinderen groter dan hebben ze na een tijdje ook een auto.”

Ik knikte begrijpend, zuchtte diep om hem gelijk te geven, en zei: “Ik ben blij dat ik haast niet meer buiten de stad moet rijden met die eindeloze files. Het is daar stapvoets rijden. Maar in de stad raak je soms ook bijna niet vooruit. Mij deert het niet. Moet ik aanschuiven dan denk ik: ik zit rustig in mijn autootje, beter dan in een overvolle tram of bus, en geen last van regenbuien.”

“Men koestert wel grote plannen”, zei hij.

“Welke bedoel je?”

“Ik las in een groot artikel in de krant dat de mobiliteit van de auto’s onder handen wordt genomen.”

“Laat horen.”

“In dat betreffende artikel werd geschreven dat 34 percent van de autobestuurders die ’s morgens tijdens de spitsuren in de file staan, niet op weg is naar het werk. Zij willen gewoon als eerste in de supermarkt zijn, of als eerste op het strand liggen. In feite kunnen zij die verplaatsingen perfect buiten de ochtendspits maken. Een mobiliteitsexpert zei ook dat door de vergrijzing er meer actieve, oudere bestuurders op de weg zijn. Zij rijden er maar op los. Te laat op het werk komen, is er voor hen niet bij, want ze leven al van hun pensioen.”

“Ze kunnen toch niet altijd achter de kachel zitten”, zei ik.

“Diezelfde expert zegt dat rationeler moet worden nagedacht over het tijdstip waarop iedereen zijn auto gebruikt.”

“Hoe?”

“De autobestuurder moet zichzelf de vraag stellen of hij per se tijdens de spits naar de supermarkt moet.”

“Misschien is het een goede oplossing de supermarkten te verplichten alleen ’s nachts open te zijn”, stelde ik voor. “Gepensioneerden kunnen overdag slapen en ’s nachts met de auto hun boodschappen doen.”

“Je kan er eens mee lachen, meneer, maar als gevolg van die overvolle files wil een politicus het hebben over het inbrengen van rekeningrijden. Wie het aandurft om tijdens de spitsuren te gaan winkelen of de zon op te zoeken met zijn auto, en daardoor de file-ellende verergert, zal dan meer moeten betalen voor de overlast die hij of zij veroorzaakt.”

“Oudjes blijven dus best thuis in hun luie zetel zitten”, zei ik.

Hij hinkte weg naar zijn auto. Ik liep naar de mijne, haalde mijn vrouw op en we reden naar de supermarkt.

TdW


Tags assigned to this article:
2016-31Op het Noorderterras

Related Articles

Zorg dat Paul er bij is!

Geen zelfverklaarde “beste Vlaamse sportkrant” of het beleid er achter vindt het nodig om een aantal “bekende televisiekoppen” mee bladzijden

Saoedische bekommernissen

Veel te lang liet men na het tumultueuze verhaal van het Midden-Oosten te bekijken vanuit de invalshoek van sjiitisch-soennitische tegenstelling.

Spelen op het kerkhof

Ze zijn er, de eerste “speelelementen” op een Gentse begraafplaats. Sofie Bracke (Open Vld) schepen van Bevolking, huldigde ze feestelijk