Het vaak aangehaalde argument dat een meerwaardebelasting op aandelen sociaal rechtvaardig is, klopt niet. Ten eerste worden vermogenswinsten in België al royaal belast. Ten tweede is een meerwaardetaks een weinig groeibevorderende belasting. Dus slecht voor de tewerkstelling.

Dat de CD&V vorige week de meerwaardetaks aan de verlaging van de vennootschapsbelasting koppelde, was een klassiek politiek spel. In tegenstelling tot de bewering van sommige commentatoren die niet meer in de Wetstraat rondlopen (Rik van Cauwelaert onder anderen) lag er wel degelijk een uitgetekend en berekend plan voor een lagere belasting op bedrijfswinsten op tafel. De N-VA’ers in de entourage van minister van Financiën Johan van Overtveldt hadden voor één keer hun rekenwerk wel degelijk grondig gemaakt. De CD&V was zo geschrokken van het gedetailleerde voorstel dat men als reactie onmiddellijk een meerwaardebelasting op aandelen voorstelde. Het leidde tot de gekende politieke patstelling die pas vorig weekend werd doorbroken.

Naast de politieke stratego kwamen de christendemocraten ook met een inhoudelijk argument op de proppen voor een meerwaardetaks op aandelen. Het zou een rechtvaardige en sociale belasting zijn, want nu de speculatietaks verdwijnt (die bracht niets op) moet er toch iets gevonden worden om de rijken te belasten. CD&V maakt hier twee redeneerfouten. Ten eerste zullen de superrijken hun geld onderbrengen in een holdingstructuur, waardoor ze die meerwaardebelasting niet moeten betalen. Ten tweede is het zo dat vermogenswinsten in België al zwaar belast worden. Als percentage van het bbp bedragen de belastingontvangsten 3,5 procent. Enkel in Groot-Brittannië en Frankrijk liggen ze hoger.

Er bestaan in België al tal van vermogenstaksen. En die worden door iedereen betaald, niet alleen de rijken. Er is de roerende voorheffing (niet die op spaarboekjes) die verhoogd wordt tot 30 procent. Voor het aantreden van de regering-Michel was dat nog 25 procent en voor de regering-Di Rupo aantrad, was dat 15 procent. Ergo: een verdubbeling in vijf jaar. Die 30 procent zal vooral betaald worden op dividenden die aan aandeelhouders van bedrijven worden uitgekeerd. Voorstanders van die 30 procent zeggen dan dat niemand verplicht is dividenden uit te keren. Men kan het geld ook gewoon in de vennootschap herinvesteren. Dat klopt, maar veel zelfstandigen werken via een eigen vennootschap en dat dividend is een deel van het loon. Ze kiezen overigens voor die vennootschapsstructuur omdat ze als bediende meer dan de helft van hun brutoloon moeten afstaan.

Komt nog bij dat er in  België tal van andere vermogenswinstbelastingen zijn. De registratierechten, de successierechten, de onroerende voorheffing op vastgoed,… Zelfs de vennootschapsbelasting op zich wordt door sommigen als een vermogenstaks beschouwd. Het is namelijk een belasting op geld dat al via andere kanalen is belast, meestal via de personenbelasting. België is dus zeker geen belastingparadijs voor wie over veel kapitaal beschikt. En toch wordt de publieke opinie bijna murw geslagen met de argumenten dat het fiscaal beleid veel socialer moet. Zoals econoom Geert Noels recent terecht stelde: de enige sociaal aanvaarde manier om fortuin te vergaren in België is blijkbaar de Lotto winnen.

Trouwens, het is ontluisterend dat in een land waar 50 procent van wat er in de economie geproduceerd wordt door de handen van de overheid gaat, er nog altijd eerder wordt gepraat over nieuwe belastingen dan over besparingen in de uitgaven. Dit land lijkt echt verslaafd aan deficit spending.

Dat maakt de discussie over een efficiënte fiscaliteit zo moeilijk. Uiteraard moeten er belastingen geheven worden om de overheid toe te laten haar basistaken uit te voeren. Maar wanneer volgt eens de discussie over welk type belastingen nodig is. Een meerwaardebelasting op aandelen hoort daar niet bij. Ze zou immers niet moeten betaald worden door kmo’s en wel door grotere bedrijven. Klinkt aantrekkelijk, maar eigenlijk houdt dit in dat een kmo niet meer zal willen doorgroeien aangezien de meerwaarde van het aandelenpakket dan zal worden belast. De belasting fnuikt de groei en dus de tewerkstelling. Hetzelfde geldt voor de vennootschapsbelasting leert onderzoek. Een verlaging van het tarief van 33,99 procent is dus dringend nodig. Een meerwaardetaks als ruil voor verlaging van vennootschapsbelasting is niet evenwichtig. Beide zijn niet het zwaartepunt van een echte fiscale hervorming. Die bestaat uit een vereenvoudiging en het beperken van aftrekken binnen consumptiebelastingen zoals btw. Maar dat is een ander debat.

Angélique Vanderstraeten