Op zondag 16 oktober werd in het Amerikaanse Norfolk Naval Station, Virginia, een herdenkingsdienst gehouden voor de slachtoffers van de terreuraanslag op het fregat USS Cole in Aden, Jemen. Er stierven zeventien matrozen en er waren negenendertig gewonden nadat twee mannen in een speedboot vol explosieven zich opbliezen tegen de romp van het oorlogsschip. De USS Cole was zeer zwaar beschadigd maar kon op eigen kracht terugvaren voor reparaties.

Anno 2016 is de toestand er niet beter op geworden. Enkele weken geleden schoten de Houthi-rebellen een antischeepsraket af op een marineschip van de Verenigde Arabische Emiraten. Camerabeelden, gemaakt door de rebellen, lieten weliswaar een raketinslag zien, maar de aanval vond ’s nachts plaats, dus het was onmogelijk te verifiëren of het propaganda was of realiteit. Enkele dagen na de aanval plaatsten de Verenigde Arabische Emiraten een foto van het gehavende schip. En of het schip geraakt was! De boeg vertoonde grote gaten door de explosie en de brug was volledig uitgebrand. Het mag een klein wonder heten dat het gevaarte niet is gezonken.

Enkele dagen na die aanval verscheen een mysterieus persbericht. Ditmaal was het Amerikaanse marineschip USS Mason aangevallen door de Houthi’s, maar de raketten misten doel en vielen in het water. We hadden het gevoel dat er iets niet klopte aan de berichtgeving en we zochten naar meer informatie. Het type antischeepsraket dat werd afgevuurd wordt gestuurd door een radarsysteem, dus is de kans erg klein dat ze “doel missen en in het water vallen”. Verder onderzoek leerde dat het marineschip antiraketsystemen heeft gebruikt om de inkomende projectielen neer te halen.

Dit voorval leert alvast dat de zeelui van de USS Mason veel alerter waren dan hun Israëlische collega’s van de INS Hanit. Dat Israëlisch marineschip werd in 2006 voor de kust van het Libanese Beiroet getroffen door een raket van hetzelfde type, afgevuurd door de Hezbollah. Onderzoek leerde dat de bemanning nonchalant was en het gehele antiraketsysteem had afgezet om energie te besparen.

Na die aanval op de USS Mason, werd het schip een tweede keer aangevallen. Hierop werd het voor de Amerikanen te veel. Op aanraden van de minister van Defensie Ash Carter en voorzitter van de stafchefs Joseph Dunford, besloot president Obama in de tegenaanval te gaan. Het zusterschip USS Nitze schoot enkele raketten af op de vermelde radarinstallaties, zodat de antischeepsraketten niet meer gebruikt konden worden.

Die tegenactie werd door een concurrerende krant bekritiseerd, want een ontwikkelingswerker klaagde luid in De Standaard “Amerikaanse bommen helpen Jemen niet”. Uiteraard werden die raketten niet afgevuurd om Jemen “te helpen”, wel als vergelding voor de eerder beschreven aanvallen en om dergelijke aanvallen in de toekomst uit te sluiten. Het moet ook worden gezien als een poging van de Houthi-rebellen om de Bab Al Mandep Straat af te grendelen. Daarom dat de Amerikaanse reactie bijdraagt aan de vrijheid van scheepvaart door die zeestraat.

Wat ook meespeelt, is de Iraanse bemoeienis. Radargeleide antischeepsraketten zijn geen projectielen die men bij wijze van spreken koopt in een Arabische bazaar en vervolgens vervoert op de rug van een kameel. Het gebruik van zo’n raketten vraagt ook enige technische opleiding. Met andere woorden, er moet in de richting worden gekeken van Iran voor het verspreiden van dergelijke raketten. De Iraniërs hebben de kennis en de cash voor het kopen (of maken) en transporteren van die projectielen.

Dat zorgt ervoor dat de Verenigde Staten in een lastig pakket zitten. Ofwel moet men de sancties tegen Iran loslaten voor het nucleair akkoord, ofwel moet men dat land harder gaan straffen voor het leveren van dergelijk wapentuig. Welk van de twee opties het zal worden, het is een zorg voor de volgende Amerikaanse president.

JM