2016-45_07_mad-parkeerbeleid-mediumNog vijf maanden en het grote Gentse verkeersexperiment – genaamd Circulatieplan – gaat van start. Op 3 april 2017 wordt overnacht op zesentwintig plaatsen de doorgang voor auto’s versperd, het voetgangersgebied wordt twee keer zo groot, en veel straten veranderen van rijrichting. Spektakel, verwarring en veel verkeersellende gegarandeerd.

Zal dit plan de files in Gent verminderen? Heel zeker niet. Dat is ook niet de bedoeling. Op de binnenring (R40) en de lussen in de opgedeelde binnenstad zal er net méér verkeer zijn. “Automobilisten gaan vloeken in Gent, maar bewoners zullen blij zijn”, zo vatte onze burgemeester het samen. Met de wagen rijden moet zo lastig worden dat mensen hun vierwieler laten staan en overstappen op tram of fiets. Want onze burgemeester “droomt van een stad waar mensen hun voordeur kunnen laten open staan en de kinderen veilig op straat kunnen spelen”. Voor alle duidelijkheid, hij heeft het niet over een buitenwijk maar over het centrum van onze stad, waar elke dag duizenden mensen komen werken, winkelen, schoollopen…

Zal het plan het verkeer binnen de Ring dan niet sterk verminderen? Lang niet overal. Langs de Vlaamse Kaai hangen grote spandoeken met maar één woord erop: OMRIJDEN. De bewoners zullen heel wat extra kilometers moeten rijden om bij hun huis te geraken, en dat betekent meer verkeer. Op dat soort bezwaren reageert schepen Watteeuw schouderophalend: “Zoals bij elk plan zullen er winnaars en verliezers zijn.”

Parkeerprobleem

Maar er komen toch grote parkings aan de stadsrand? Helaas, ook dat klopt niet. De schepen schermt met meer dan duizend “P+R”-plaatsen, maar dat gaat vooral om bestaande parkings (waar een ander bordje gehangen wordt), geen nieuwe. Op de begroting was 1,2 miljoen euro voorzien voor de bouw van twee grote “mecano” parkings, ergens dicht bij het openbaar vervoer. Maar dat geld werd niet gebruikt.

Welke stad bouwt een voetbaltempel zonder een ruime parking? Waar komt er een grote moderne bibliotheek inclusief een nieuwe “stedelijke ontmoetingsplek” met ondergrondse concerthal voor vierhonderd toeschouwers, zonder één enkele parkeerplaats? Volgens het groene geloof trekken parkings auto’s aan, dus, minder parkeerplaatsen is minder verkeer, simpel toch?

Ondertussen draait de invoering van dat andere plan, het parkeerplan, flink in de soep. De aannemer krijgt de nieuwe parkeerautomaten niet geplaatst… omdat de installateurs geen parkeerplaats vinden. Mensen proberen aan de oude toestellen te betalen; die staan er nog maar werken niet meer, alleen, dat staat er nergens op te lezen. “Vanaf er een nieuwe automaat staat, moet je betalen”, zegt de topman van het mobiliteitsbedrijf. “En je moet wel verder kijken dan voor en achter uw auto.” Wat een beleefde opmerking toch van die goedbetaalde ambtenaar. De nieuwe toestellen staan zo ver uit elkaar dat er hele straten zijn waar er geen enkele is. Wie wil betalen, moet de straat uit en de hoek om in de hoop er eentje te zien staan. Zoek de parkeermeter, in Gent een nieuwe sport. Eens het toestel gevonden, volgt de volgende opdracht: hoe werkt dit ding? Aan de toestellen staan mensen in hun haar te krabben. Medewerkers van de stad gaan nu rond bij plaatselijke handelaars en vragen hen informatie uit te hangen. Niet alle handelaars zijn daar blij mee, want zij zijn ook ontevreden. Hun klanten blijven weg door de hoge parkeertarieven en zij en hun medewerkers moeten de volle pot betalen (tenzij ze in de wijk wonen). Er is geen enkele korting voor wie in Gent komt werken en dat in de stad die sinds kort de hoogste parkeertarieven voor parkeren op straat heeft van het hele land.

Straks komt het Circulatieplan eraan. Het geklungel met het parkeerplan belooft niet veel goeds. “Het wordt erop of eronder”, zei de burgemeester ooit in een interview. “Als zou blijken dat het Circulatieplan compleet in het honderd loopt en dat de stad onleefbaar wordt, hebben we een grote fout begaan en zullen we daarop worden afgerekend.” Hij zei er wel bij dat hij ervan overtuigd is dat het goed komt. Nog vijf maanden te gaan, dan weten we of hij gelijk heeft.

Mathildis