Het is opmerkelijk hoe in heel de commotie rond het CETA-akkoord Brussel plots onder de radar verdween. Het ging om Wallonië en de profilering van minister-president Magnette. De inhoud van CETA? Zelfs met een vergrootglas was het moeilijk zoeken naar een inhoudelijke discussie. En Brussel? De Europese hoofdstad schitterde door afwezigheid. Maar niet getreurd, er komt een vervolg. De ondertekening is een feit, maar dan volgt de obligate ratificatie. Kroniek van een aangekondigde tragikomedie.

We hebben dat verhaaltje wel al vaker gehoord. België, dat is zowat een mini-Europa (en dan hebben we het niet over de poppenkast op de Heizel). Een land dat erin slaagt tegenstellingen te overbruggen. Te dialogeren met mekaar, over de taal- en andere verschillen heen, met als finaliteit een spetterend compromis. Soms is de spoeling van het compromis wat moeilijk door te slikken, maar ach, het doel heiligt de middelen. Men zou zich haast in de Amerikaanse succesreeks House of Cards wanen: bad for a greater good.

Wie in het licht van de CETA-vaudeville dit fabeltje van België als model voor Europa zou hebben aangehaald, zou toch wel een daad van cynisme gesteld hebben. Of blijk gegeven hebben van pertinentie – het ene sluit het andere niet uit – het is maar hoe men het bekijkt. Want zie, na jarenlang kletsen blijkt het hele project te mislukken tijdens de laatste meters voor de meet. En dat door een fraai staaltje van politique politicienne in precies dat kernland van de EU.

Brusselse verdeeldheid

Het is opvallend hoe Wallonië het (wereld)nieuws haalde. Over Brussel werd beduidend minder gezegd, ook al was het Guy Vanhengel (Open Vld) die aanvankelijk de kat de bel aanbond. Punt is dat de verdeeldheid dwars door de Brusselse regering loopt. Drie Vlaamse partijen zetelen er in de meerderheid, Open Vld en CD&V (ook al spelen ze rol van Tsjeev-de-Zwijer over dit onderwerp) zijn voor CETA, sp.a tegen. Aan Franstalige kant is PS natuurlijk tegen, terwijl MR dan weer voor is. Ook Ecolo (oppositie) en cdH (meerderheid) zijn tegen. Qua oppositie aan Vlaamse kant ontwaren we een duidelijke polarisatie: N-VA uitgesproken voor, VB tegen. Klinkt dat vreemd? Op het eerste gezicht misschien, maar op zich is er niets vreemd aan. Met een N-VA dat zich op de VOKA-lijn plaatst, heb je een ander verhaal nodig. Inhoudelijke consistentie is van weinig tel, perceptie des te meer. De standpunten van FN en FPÖ zeggen vaak veel over de houding die het VB in een gegeven dossier aanneemt, maar soit.

Communautarisering

Terug naar Brussel, de EU-hoofdstad. En hoofdstad van het surrealisme. Een commissievergadering… zonder aanwezigheid van de regering, het is geen grap. Dus beslist men maar wat te kletsen over CETA. Kennis van zaken is eerder een handicap. Parlementsvoorzitter Charles Picqué trachtte de verdeeldheid te communautariseren. “Vlaanderen stemt voor, Wallonië is tegen”, verklaarde hij. Onzin natuurlijk. In dit land is alles communautair, wordt wel eens gezegd. Misschien is dit dossier het net niet. De manier waarop men ermee omspringt dan weer wel. Nu goed, wanneer we dit schrijven is de ondertekening tussen Canada en de EU afgerond, toch komt er meer op ons af. Na de ondertekening van een verdrag volgt de ratificatie, begrijp: heel het circus zal wellicht opnieuw beginnen. We kunnen al raden welk slecht theater dat zal opleveren. Eén argument zal echter niet opgeworpen kunnen worden: wir haben es nicht gewußt.

KNIN