Gelukkig is dit de hoofdstad van het surrealisme, een status die een uitlaatklep verschaft om de grootste onzin weg te lachen. En fundamentele debatten te ontwijken. Sinds enkele maanden figureren expliciete tekeningen op verschillende muren van de hoofdstad. Weinig stichtend, maar ach, ‘de gustibus et coloribus…’ Als dan precies rond deze onzin discussies over grote principes gevoerd worden, laat men de échte thema’s mooi buiten schot.

De discussie rond de ‘penismuur’ in Jette voedde bij ondergetekende een gevoel van nostalgie. Op de banken van een Brusselse rechtenfaculteit – o jerum – kregen we onder de noemer ‘rechten en vrijheden’ tientallen arresten voorgeschoteld. In heel wat onderzochte gevallen draaide het rond de spanning tussen artistieke vrijheid en het vrijwaren van de ‘goede zeden’, ‘fatsoen’ en meer hiervan. Vaak was het een eenvoudige evenwichtsoefening, in vele gevallen ook niet, toch niet bij heel wat medestudenten, om nog maar van een getormenteerde professor te spreken. Maar ‘passons’. Gedreven door gezond verstand kregen we vaak de indruk dat zonder meer belangrijke principes als vrije meningsuiting en artistieke vrijheid behoorlijk misbruikt werden door een bende omhooggevallen circusartiesten. Net als vandaag.

Censuur!

De kern van het verhaal is duidelijk: op een muur in Jette dook een grote tekening van een mannelijk lid op. Hoe de creatie er uiteindelijk kwam, is minder duidelijk. Die muur heeft natuurlijk een eigenaar, maar die gebaart van krommenhaas. Best mogelijk. De artiest is dan weer onbekend, ook al bestaat een stevig vermoeden. Ondertussen prijkt dat ding er al weken en zorgde het in die periode voor heel wat commotie. Er stond een Facebookpagina voor het behoud van de tekening, “le zizi” dus (op zich vrij ludiek, daar niet van), en zelfs cultuurminister en inwoner van de gemeente Sven Gatz sprak zich erover uit. En daar krijg je het weer. “We zijn zogezegd allemaal ‘Charlie’, maar als een muurschildering ons niet aanstaat moet die toch maar weg”, verklaarde hij. Uiteraard mocht het obligate c-woord niet ontbreken. De schildering verwijderen zou “een vorm van censuur” zijn. Hoe dan ook, de gemeente weet niet goed wat ze ermee aan moet. Er ontstaat ook een discussie over wie voor de kostprijs van de eventuele verwijdering moet instaan.

Schijndiscussie

Feit is dat het ding er ondertussen nog in vol ornaat prijkt. En er zijn andere voorbeelden. “Brussel, hoofdstad van de vuile tekeningskes”, titelde Het Laatste Nieuws ruim één maand geleden. Want er is die penis, maar elders ook een anus en een penetratie. Net zoals er ergens een foto prijkt van een naakte man die, liggend op zijn rug, parabolisch in zijn eigen mond plast. Klasse!

Uw dienaar is niet wereldvreemd, heus wel tegen een stootje bestand, zonder twijfel ook een product van zijn tijd en iemand voor wie de eigen Vlaamse en Nederlandse identiteit niet tegenstrijdig is met een open blik op de wereld. En toch geeft die artistieke onzin, maar vooral de schijndiscussie errond, ons een onprettig gevoel. Deze stad worstelt met reusachtige sociale problemen, is een internationale hoofdstad van jihadisme en niet onterecht gepercipieerd als een toonbeeld van slecht bestuur. Discussies over de grote principes kristalliseren zich dan rond dergelijke flauwekul (vooral veelzeggend over de psyche van de kunstenaar), terwijl échte debatten uitblijven.

KNIN