2016-45_01_jancart-politie-verspreidt-lijst-meest-gezochte-voortvluchtigen-mediumNaar aanleiding van de moeilijkheden met zijn Kamerleden Hendrik Vuye en Veerle Wouters zei Bart de Wever onlangs dat hij  de kritiek vanuit de Vlaamse Beweging  “ten dele aanvaardt”. Dat incident, dat leidde tot de exodus van de twee kamerleden, ging over communautaire strategie, maar ook over partijdiscpline en andere politieke meningsverschillen. Dat geheel wordt veel voor een man alleen.

Hendrik Vuye, die zichzelf uit de N-VA manoeuvreerde, heeft geen spijt van wat er is gebeurd. Integendeel, hij vond zijn intellectuele vrijheid terug, zei hij in De Morgen. Ontroerend toch, hoe Joël De Ceulaer zich in die krant over Vuye ontfermt. Al wie meevecht tegen de N-VA is er welkom. Zou Vuye dat niet inzien?

De professor speelde – op het terrein van de tegenstander – eerder voorbije zomer iets te roekeloos met lucifers. Kritiek op de collega’s, die “slaafs achter het politieke genie van De Wever aanlopen”, dat werkt voorspelbaar averechts. Bij collega’s en bij de chef. Nog geen week later lagen Vuye en Wouters buiten. Maar Vuye ziet nog altijd niet wat er toen fout was aan dat zinnetje, en vindt De Wever “een klein beetje kleinzerig”.

Fiches

Vuye lijkt niet helemaal te snappen hoe de pers politici “vangt”. Dus gaat hij door. Partijleden zitten in een carcan, de partijtop eist onderwerping aan de debatfiches. Dat De Ceulaer en volgelingen hitsig reageren op dit soort steekkaartjes, viel te verwachten.

Dat Vuye en Wouters kun communicatie over staatshervorming moesten voorleggen aan ondervoorzitter Sander Loones, behoort tot het normale overleg, toch? En laat ons wel wezen, elke partij gebruikt dit soort fiches als partituurtjes voor het eigen orkest. “Stel u voor, wij bereiden ons voor op een interview. Misdadig. En wij zijn het vaak eens binnen de N-VA”, twitterde kamerlid Valerie Van Peel, recht in de roos.

Vuye wilde – eens fractievoorzitter af – geen pion zijn op de tweede rij. Hij vindt dat zijn kritiek op zomerse kwakkels van zijn collega’s Peter De Roover (“een beroepsverbod invoeren”), op Nadia Sminate (algemeen boerkiniverbod) of op Jan Jambon (politierazzia’s bij illegalen, “een enorme kemel”) moet kunnen. Inderdaad, maar hoe en waar?

Alle begrip voor Vuye die zoals wel meer academici botst met de realiteit van het politieke spel, met zijn conventies, partijtucht en particratie, maar die horen er nu eenmaal bij.

Het verwijt van Vuye dat de N-VA het confederalisme pas nu weer ter sprake brengt, nu hij weg is, stelt ook weinig voor. Ook hij en Wouters hielden zich lang aan het de strategie van stilte.

Zijn kritiek op de allergie van De Wever voor de PS is ook vreemd. Sociaal-economisch valt er met die partij niet te besturen. De sociaaleconomische tegenstellingen tussen noord en zuid zijn gigantisch groot en spinnen door zowel elk dossier. Dan moet je op je strepen staan.

Misschien is de sociale kritiek dan terecht? Vuye – een taalgrensbewoner met een Vujo-verleden – behoorde tot de sociaal-progressieve kant van de N-VA en noemt zichzelf ook “ethisch progressief”.

Op sommige punten heeft Vuye natuurlijk gloeiend gelijk. “Het centrale probleem van de Belgische staat is de complexiteit ervan”. Aan zijn studenten krijgt hij het niet meer uitgelegd. Rationeel lijkt ons ook zijn optie om in latere afspraken de staatsschuld confederaal te houden om paniek op de financiële markten te voorkomen. Maar denkt de N-VA-top daar anders over?

Alternatief

Wat is het alternatief van Vuye en Wouters dan? “We moeten ons op een rationele manier afvragen wat we best samen kunnen doen. De rest moeten we splitsen”, zegt Vuye. Zelfde vraag.

Moet Vlaanderen eenzijdig de onafhankelijkheid uitroepen, zoals Vlaams Belang dat zou willen? Zoals Schiltz al zei: het Vlaams Parlement zou zoiets kunnen… als haar sterke arm het wil. In de beste omstandigheden, dus. Die zijn er vandaag niet. Een Vlaamse meerderheid hiervoor is er vandaag in geen geval. Samenwerken met het VB zal Vuye niet doen, ook al is hij tegen het cordon. Op communautaire punten misschien wel, maar inzake mensenrechten is de kloof te diep. Maar ook hij heeft zijn debatfiches: “Wij willen niet achter een cordon terechtkomen… wij willen op een inhoudelijke manier aan politiek doen.

Bon, weg van de treuzelende N-VA, weg van Vlaams Belang lanceert Vuye deze doordenker: “een onafhankelijk Vlaanderen binnen een confederatie”.  Kunt u nog volgen?

Klem

Neen, we zijn niet meteen laaiend enthousiast over de duo-slim van Vuye en Wouters. Maar evenmin over de klem die de N-VA zet op haar eigen communautair en sociaal profiel.

Dat communautaire zal nog meevallen, omdat de tegenstellingen tussen Vlaanderen en de andere gewesten gewoon niet invriesbaar zijn. Wat Magnette rond CETA deed was ook voor Vlaanderen een stap vooruit. Europa praatte met de president van een deelstaat en ook in het zuiden is er nu een grote partij die een vuist maakt naar het Belgische systeem waarin ze buitenspel is gezet. Goed zo.

Is de N-VA nu – zoals Vuye nu zegt – een “liberale partij” geworden? Welnu, de manier waarop ze zelden of nooit haar liberale partners viseert, maar des te meer haar natuurlijke bondgenoot CD&V doet ons denken van wel. En dat is dom.

Volgens Gazet van Antwerpen (5 nov.) staat het huwelijk tussen beide vroegere kartelpartners op springen. Carl Devos heeft het in De Morgen over “De gewapende vrede” (7 nov.). De Wever gunt CD&V niet de meerwaardebelasting die Beke en Peeters als trofee hopen binnen te halen (N-VA mikt op een lagere vennootschapsbelasting, Open Vld op het mobilseren van spaargeld als economische brandstof).

Wie de dichtste politieke bondgenoot permanent schoffeert voldoet misschien aan de wetten van de electorale dynamica (vang kiezers aan de grenzen, op aanpalend grondgebied), maar zaagt aan de poten onder de eigen macht. Punt aan de lijn.

Over de vraag van CD&V moet er toch een compromis mogelijk zijn, dat beide partijen tegemoetkomt? Zou het Kapitaal voor een beetje meerwaardebelasting op de vlucht slaan, zoals N-VA zegt te vrezen? “Zwans naa nie”…

Een beetje meer respect voor wie onderaan de ladder bengelt, is dat fout? Grotere bedrijven kunnen tegen zo’n stootje,wat de immer onderkoelde minister van Financiën Johan Van Overtveldt daar in zijn beleidsnota ook over mag zeggen.

Moeilijk

De N-VA lijkt er genoegen in te scheppen solo slim te kunnen spelen.  Zo maakt de partij fouten in haar financieel-economische, sociale en communautaire strategie.

Voorop het financieel-economische. Op het economische verhaal van de N-VA zit ruis. Ze mist de moed om consequent te wijzen op de belangrijkste oorzaken van de budgettaire problemen: onze deuren staan te wijd open voor nieuwkomers (goedkope arbeidskrachten, handig voor sommige ondernemers) en jaarlijks blijven we structureel miljarden versassen van een niet-socialistisch naar een socialistisch landsdeel. Ondertussen speelt het orkest van de francofonie ‘De wonderbaarlijke genezing van Wallonië’.

Dan het sociale. Op het grote N-VA-verkiezingscongres was voor de geoefende luisteraar al duidelijk dat de koers door veel leden te liberaal werd bevonden. “We zijn géén liberale partij… We zijn een gemeenschapspartij”, zei Vuye. “We zijn niet de partij van de rijken”, zei Bart De Wever toen. En wat zegt de partij vandaag?

En tot slot het communautaire. De christen-democraten zullen in 2018 én 2019 mee de knikkers  verdelen. Samen met CD&V ging De Wever de strijd aan tegen Het land van Paars en Waal. Nadien trok N-VA de communautaire sluier aan. En nu?

“De N-VA heeft in 2014 wel voldoende gewonnen, maar de anderen niet genoeg verloren”, was geen domme analyse van De Wever.  Zal het in 2018 en 2019 anders zijn?

‘t Pallieterke