Taalwet in Brussel: vodje papier

De niet-naleving van de taalwetten in Brussel: we zouden er boeken over kunnen schrijven. Naar aanleiding van een recent debat in de raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie diende Vlaams Belanger Dominiek Lootens hierover een motie in, waarin er bij de Brusselse en bij de federale overheid werd op aangedrongen om de taalwetten in Brussel na te leven. Niets meer, niets minder.

Op zich is het al erg dat men het naleven van de wet moet gaan vragen via parlementaire moties. Dat ministers en parlementairen bij aanvang van hun mandaat een eed afleggen waarin ze beloven de wetten na te leven, is blijkbaar enkel maar voor de schone schijn.

Maar als het moet, moet het. Dus riep Lootens op om vanuit de Vlaamse partijen in Brussel een motie te steunen waarin slechts gevraagd wordt de taalwetten na te leven. Waarbij Lootens ook nog fijntjes opmerkte dat de tijd van het cordon sanitaire nu echt wel voorbij mag zijn, aangezien de achterban van de traditionele partijen dat cordon niet langer pikt.

Woorden die niet in dovemansoren vielen bij de Brusselse N-VA, die de motie voluit steunde. Liesbeth Dhaene motiveerde haar stem door te stellen dat er inderdaad maar al te vaak flauwe uitvluchten worden gezocht om het fundamentele debat aan te gaan.

Op café in Molenbeek

In die wijken van onze steden die het meest ‘superdivers’ zijn, gaat het met de diversiteit van horeca-zaken zienderogen achteruit. Met tl-buizen verlichte theehuizen genoeg, maar volkscafés waar nog een frisse pint wordt getapt, worden bijzonder schaars. Niet alleen verdwijnt de klandizie die zo’n cafés zouden bezoeken uit de wijken (of durft na het avondmaal gewoon niet meer buiten), horeca-uitbaters die het nog aandurven alcohol te schenken, worden er door de meerderheid van muzelmaanse inwoners op attent gemaakt dat ze hun haramboeltje beter dichtdoen.

Het centrum van Molenbeek is op dit geschetste beeld uiteraard geen uitzondering, hoe verfraaid de publieke ruimte er tegenwoordig ook mag bij liggen. Op het heringerichte Gemeenteplein vloeit de muntthee rijkelijk, maar het gerstenat zo goed als niet, en dat vindt gemeenteraadslid Jef van Damme van de sp.a spijtig: ‘Een café moet ook bier en wijn schenken.’ Hij weet ook wel dat niemand bereid is het commerciële risico te nemen om in het geïslamiseerde Oud-Molenbeek nog met een café te beginnen, daarom doet hij beroep op de gemeente. Die is eigenaar van drie panden op het plein, en Van Damme vraagt dat de gemeente het gelijkvloers van twee van de panden gebruikt om een horeca-zaak in te richten. Zover zijn we dus al: dat het uitbaten van een ‘gewoon’ café een taak wordt van de overheid. Het volkscafé als gesubsidieerd relict, een rariteit met museale waarde. Van Damme loopt keihard achter de feiten aan, met welwillende verdwazing gecreëerd door zijn eigen partij en haar grote socialistische broer, de PS. De theedrinkende kiezers zijn met veel meer, en dat is het enige wat telt. Tsjing.

Slag om Genk

De gemeenteraadsverkiezingen van 2018 zullen in Genk een echte veldslag worden, zeker als het van de journalisten afhangt. Zuhal Demir, parlementslid voor de N-VA, verliet eerder dit jaar Antwerpen om haar ouders bij te staan in Genk. In 2018 zal Demir een prominente plaats innemen op de plaatselijke kieslijst van N-VA om de huidige coalitie van CD&V en Pro-Genk (een kartel tussen sp.a en Groen) te breken. Bij sp.a moet men daar behoorlijk van geschrokken zijn, want een poosje later kondigde ook Meryame Kitir, parlementslid voor sp.a en wonende in Maasmechelen, aan ook naar Genk te verhuizen om de plaatselijke afdeling te versterken met het oog op de verkiezingen van 2018. Daar CD&V in Genk minister Jo Vandeurzen kan opstellen als breekijzer, kon ook de PvdA niet anders dan versterking zoeken voor 2018. Gaby Colebunders, ook een voormalig vakbondsman en collega van Kitir bij Ford, verlaat Zonhoven om de PvdA in Genk te versterken. Genk zal voor alle politieke partijen een strijdstad worden. Afspraak in 2018.