Deze week vinden overal in Schotland – en in mindere mate in de andere delen van het Verenigd Koninkrijk – liefdadigheidsdiners plaats. Tijdens ‘Burns Night’ wordt gedanst op typische, folkloristische muziek. Op het menu staat haggis, een lokale specialiteit. Waarvan komt de naam ‘Burns’, waarnaar al die festiviteiten vernoemd zijn?
Tegenwoordig loopt de wereld vol met groene jongens en meisjes. Er zijn vegetariërs (geen vlees en vis), pescotariërs (geen vlees, wel vis en zuivelproducten), veganisten (geen vlees, geen vis of dierlijk afgeleide producten), flexi-tariërs (soms wel vlees, soms niet)… De lijst is eindeloos. Wij vermoeden dat geen van deze ecologische wezentjes fan is van de plaatselijke delicatesse uit Schotland, zijnde haggis. Die maaltijd bestaat normaliter uit een mengsel van drie organen afkomstig van het schaap: een long, het hart en de lever. Die organen worden vermalen en gemengd met specerijen en bouillon. Vervolgens wordt de gemalen brei in een schapenmaag gestopt, al wordt tegenwoordig veelal gekozen voor een darmomhulsel, zoals bij worsten.

Grootste dichter

De termen ‘hagws’ of ‘hagese’ werden op het Britse eiland al gebruikt sedert de vijftiende eeuw. Toch duurde het tot aan het einde van de achttiende eeuw vooraleer haggis beschouwd werd als een typisch, traditioneel Schots gerecht. Het is de dichter Robert Burns die het verbindingsstuk vormde tussen Schotland en haggis. Wat Adam Smith is voor de klassieke economie, is Robert Burns voor de dichtkunst: de voornaamste Schot in zijn klasse. Robert Burns werd in 1759 geboren als oudste in een gezin met zeven kinderen. Zijn  leven was kort. Op een knullige manier kwam hij in 1796 te overlijden. Het laten trekken van een kies zorgde voor een dermate grote ontsteking dat hij er uiteindelijk aan bezweek. Op de dag van zijn begrafenis werd zijn zoon, Maxwell, geboren.

Burns kan gerekend worden tot de kunststroming van de Romantiek. Hij schreef zijn gedichten zowel in het Schotse dialect als in de standaardversie van het Engels. Heel wat van zijn verzen werden later gebruikt als liedjestekst en van muziek voorzien. Vooral het melancholische ‘For auld lang syne’ is wereldwijd bekend. Echter, Burns schreef ook een gedicht over, jawel, haggis. In 1787 verscheen ‘Address to Haggis’, een ode aan het gerecht dat hij zo graag lustte. Sindsdien zijn Burns en haggis onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Doedelzak en schaap

Ieder jaar vinden overal in Schotland traditiegetrouw ‘Burns Suppers’ en ‘Burns Nights’ plaats. Die avonden worden standaard ingericht in de week van 25 januari, de geboortedag van de grote dichter. Na een aperitief gaan de genodigden aan tafel. Een dikke soep wordt genuttigd. Meestal aardappelsoep of soep met lam en wortelen. Vervolgens wordt de haggis geserveerd. Alle aanwezigen staan recht, terwijl doedelzakspelers de zaal in wandelen. Op de tonen van de doedelzakmuziek zet het gezelschap de tekst van ‘Address to Haggis’ luidkeels in. De tafelheer snijdt vervolgens de haggis open; voor Schotten het hoogtepunt van de avond.

Na het nuttigen van de hoofdschotel volgen heel wat glazen whisky en een reeks toespraken. De avond wordt afgesloten met het gezamenlijk zingen van het al genoemde, ‘For auld lang syne’. De traditie rond ‘Burns Supper’ wordt al meer dan twee eeuwen in stand gehouden. De eerste herdenking ter ere van de grote dichter vond plaats in 1801, vijf jaar na zijn overlijden. Aanvankelijk begon de traditie als een plaatselijk gebeuren, voor vrienden en familie. Gaandeweg groeide het uit tot een feestelijke avond die jaarlijks overal in Schotland plaatsvindt. Overigens, gelijkaardige avonden werden ook steeds meer ingericht buiten Schotland. Het gebruik kende doorheen de tijd zowat overal in de Engelstalige wereld navolging. In 1806 werd al de eerste ‘Burns Supper’ ingericht aan de Engelse universiteit van Oxford. In 1812 vierden soldaten dan weer hun eerste ‘Burns Night’ in India. Haggis bereikte Australië in 1823 en de eerste officiële ‘Burns Evening’ ging er door vanaf 1844.

Vrijmetselaar en apostel

Er bestaan inmiddels overal in de wereld heuse ‘Burns Clubs’, die uitsluitend bestaan ter ere van de poëet. Later nam zowel de vrijmetselaarsloges als de ‘Saint Andrew’s Society’, vernoemd naar de apostel Andreas, het gebruik over. De Sint-Andreasgemeenschap is een Schotse liefdadigheidsinstelling die culturele gebruiken in ere wil houden. Het is dan ook gebruikelijk – ook buiten de Saint Andrew Society – om de ‘Burns Night’ te koppelen aan een goed doel. Klassiek wordt een hele hoop geld opgehaald. Voor een avondje vertier (inclusief gift c.q. aalmoes) wordt thans heel wat geld neergeteld. Ook Brussel kende dit jaar een ‘Burns Supper’, afgelopen dinsdag ingericht door Ian Duncan, een Schotse politicus van de conservatieve Tory-party.

LvS